Interview

Donny McCaslin: het debuut van een herboren musicus

Donny McCaslin in Groningen, vorig jaar. Beeld HH

Met zijn album ‘Blow’ heeft de Amerikaanse saxofonist Donny McCaslin zich grondig weten te vernieuwen. David Bowie wees hem postuum de weg naar een revolutionair ander geluid, met vervormde instrumenten en politiek geïnspireerde liedteksten. ‘Je moet je angsten trotseren.’

Nee, naast zijn schoenen loopt hij niet. De Amerikaanse saxofonist Donny McCaslin is ook na zijn werk met David Bowie een bescheiden en toegankelijke man gebleven. Niettemin heeft het werken met de visionaire Bowie zijn leven en nu ook zijn muziek volledig op zijn kop gezet.

Het begon zo: Bowie vroeg McCaslin en diens band voor het album ‘Black Star’, dat Bowies zwanenzang bleek. Dat werd een keerpunt in de carrière van McCaslin, die daarvoor alleen bij een kleine kring jazzliefhebbers bekendheid genoot. Hij was die grote, kalme, vriendelijke man die in zijn solo’s ineens saxofoon speelde alsof de duivel hem op de hielen zat. Dankzij het werk met Bowie kreeg McCaslin aanvankelijk vooral meer aandacht voor zijn eigen muziek. Maar al snel begreep­­ McCaslin dat het roer rigoureus om moest. De vernieuwing die hem voor ogen stond, zou hij alleen bereiken als hij met zijn eigen muzikale verleden kon breken.

McCaslin: “Voor mij stond vast dat deze plaat volledig anders moest worden. Geen muziek die je ergens aan herinnert­­, maar iets nieuws. Eerst is dat vooral een verlangen, een gedachte. Geleidelijk­­ kreeg ik zicht op hoe dat misschien zou kunnen, maar dan nog altijd zonder idee hoe die muziek zou uitpakken, laat staan hoe die zou worden ontvangen. Het was echt een zaak van op pad gaan en de landkaart thuislaten. En zoals Bowie ook deed, me echt openstellen, kiezen voor een nieuwe producer, een nieuwe studio en veel naar andere muziek dan jazz luisteren. Het grootste verschil met mijn vorige werk is natuurlijk dat er op deze plaat een zeer prominente rol voor zangers is weggelegd. Daardoor is mijn rol en mijn spel ook ingrijpend veranderd.” Mc-Caslin lacht. “Eerst had ik als solist het rijk alleen, nu moet ik die ruimte delen. Dat vraagt om een totaal andere manier van spelen.”

Epifanie

Het resultaat van McCaslins innerlijke revolutie is het sensationeel spannende, nieuwe album ‘Blow.’ McCaslin koos voor een totaal andere aanpak waarbij hij dankbaar gebruikmaakte van wat hij bij de opnamen van ‘Black Star’ had geleerd. Omdat het soort nieuwe muziek dat hij wilde maken in eerste instantie niet meer dan een idee was, een wens, moest er veel worden gepraat. Centraal in die gesprekken stond ervaring die McCaslin als jongeling beleefde.

“Toen ik achttien was had ik een epifanie, een plotseling inzicht. Ik studeerde aan een college, met daarnaast muziek en jazz. Ik had zoveel informatie te verwerken dat in het in mijn hoofd tolde. Voortdurend stelde ik mezelf vragen: wat is muziek? Waarover gaat muziek? Is het vooral een kwestie van techniek of juist vooral van emotie? Is de melodie het belangrijkste? Het ritme? De structuur? Of gaat het toch uiteindelijk alleen om wat muziek zegt? Ik had toen een kamergenoot die ook muziek studeerde, maar dan pop en productietechniek. Hij nam me mee naar dansclubs en daar dansten we de hele nacht. De hele nacht alleen maar dansen, dansen, dansen en het was een openbaring, ik voelde me zo bevrijd, ik reageerde alleen met mijn lichaam op de muziek en ik voelde dat het intellectuele en het emotionele eindelijk bij elkaar werden gebracht, dat ze naast elkaar konden bestaan en ik er niet tussen hoefde te kiezen.”

Ballade

Op ‘Blow’ zijn uiteindelijk vier zangers te horen. Jeff Taylor is daarvan de enige met wie McCaslin al eerder werkte. Zeer verrassend is de bijdrage van zangeres Gail Ann Dorsey die het slotnummer ‘The Eye Of The Beholder’ zingt, een ballade die bij eerste beluistering wat zoet klinkt, maar die – zeker als de verkapt venijnige tekst langzaam tot de luisteraar doordringt – steeds boeiender wordt.

Een nog vreemdere eend in de bijt is Mark Kozelek, beter bekend als Sun Kil Moon die in een soort praatzang waarbij voortdurend ademnood dreigt, een bizar verhaal vertelt. En dan is er Ryan Dahle die liefst vier nummers zingt en met zijn diffuse, maar beeldrijke teksten een duidelijk stempel op dit album drukt.

McCaslin schreef zelf niet aan de teksten mee en beaamt dat het nogal gewaagd was om zoiets bepalends als een liedtekst volledig aan anderen over te laten. “Het is bij elke zanger anders gegaan, maar ik heb iedereen vrijgelaten. Zeker met Jeff Taylor en Ryan Dahle heb ik wel veel gesprekken gevoerd. Over wat mij met dit album voor ogen stond en meer specifiek welke gedachten of gevoelens ik bij het schrijven van een bepaald nummer had.

Veel van die gesprekken gingen over politiek, over de toestand in de Verenigde Staten, waar alles nu zo gepolariseerd is. De teksten zijn geen pamfletten, maar voor mij zitten de boosheid, de angst en vooral ook de onzekerheid er wel heel duidelijk in. Een nummer als ‘The Great Destroyer’ gaat voor mij over het feit dat alles zo gefragmenteerd raakt. Een nummer als ‘New Kindness’ gaat juist weer over hoe we deze verdeeldheid te boven komen.”

Samengebald

De gedurfde aanpak van ‘Blow’ schuilt ook in de manier waarop de mogelijkheden van de studio en de producer als een extra instrument zijn ingezet. Sax, bas, drum, toetsen en gitaar zijn zo vervormd dat ze moeilijk te herkennen zijn en worden samengebald tot een groots, organisch en vooral opwindend groepsgeluid. In die zin is ‘Blow’ een debuutplaat, een eerste proeve van iets nieuws, iets fris, maar dan van een man die twintig jaar terug al debuteerde.

Vooralsnog zijn de nieuwe plaat en de optredens met het nieuwe materiaal goed ontvangen. Was hij bang dat het anders zou gaan? McCaslin: “Jazeker, maar tegelijk heb ik tegen mezelf en de meewerkende musici steeds gezegd dat we die angst moesten trotseren. Dat is opnieuw iets dat Bowie me leerde. Hij zei: ‘Als jij je als musicus oncomfortabel voelt, wordt het goed’.”

Lees ook:

Bowie blijft ongrijpbaar

David Bowie imponeert op zijn 69ste verjaardag met een experimentele uitstap richting jazz op zijn 25ste studioplaat.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden