Nicolaas Veul, programmamaker en presentator, maakte de documentaire ‘Pisnicht: The Movie’.

Interview Nicolaas Veul

Documentairemaker Nicolaas Veul laat zien waarom je misschien geen ‘pisnicht’ moet zeggen

Nicolaas Veul, programmamaker en presentator, maakte de documentaire ‘Pisnicht: The Movie’. Beeld Maartje Geels

Scheldwoorden als vuile homo of mietje klinken te pas en te onpas. Wat doet dat met het zelfbeeld van een jonge homo die nog in de kast zit? Nicolaas Veul maakte er een indringende documentaire over. ‘Je kruipt diep in je harnas, uit angst dat iemand ontdekt wie je bent.’

‘Pisnicht: The Movie’ heet de nieuwe documentaire van Nicolaas Veul (35). Met dank aan Youp van ’t Hek, want het was deze cabaretier die twee jaar geleden in een column in NRC Handelsblad de term ‘enge pisnicht’ gebruikte om een homo af te branden. Moet kunnen, hield Van ’t Hek vol toen Veul hem aanviel op zijn taalgebruik. ‘Poot’ of ‘flikker’ had net zo goed gekund, bitste de cabaretier in een volgend stukje. Het ‘zeikwijf’ Veul moest gewoon niet zo miepen. Daarmee was voor Van ’t Hek de kous af.

Maar niet voor Veul. Die komt als reactie nu met een persoonlijke documentaire, waarin hij de betekenis en invloed onderzoekt van scheldwoorden als vuile homo en flikker. “Ik vroeg me af wat het voor mij heeft betekend om op te groeien in een heteronormatieve wereld met veel negatieve beeldvorming rond homoseksualiteit. Dat blijkt meer te zijn dan ik besefte. Het is alsof het nu pas vrijkomt.”

De documentairemaker gaat met lef en humor te werk. Zo trekt hij met microfoon en camera de straat op om willekeurige mannen de vraag te stellen: ben jij homo? Sommigen antwoorden gewoon nee. Anderen beginnen hard te lachen, alsof het een volkomen idioot idee is. Er is ook iemand die boos wegfietst en roept: “Ben ik homo? Ik moet jou een klap voor je kop geven, met je homo!” Een pijnlijk fragment, maar het laat volgens Veul mooi zien hoe beladen het woord kennelijk is.

Geen echte mannen

Als interviewer waagt hij zich in het hol van de leeuw: in de kleedkamer van een voetbalteam. Daar vraagt hij wat de spelers bedoelen als ze homo naar iemands hoofd slingeren. Volgens Veul zeggen de meesten ‘Ik bedoel er niets mee’. “Ze zeggen ook kut of shit, zonder aan de letterlijke betekenis te denken. Maar als je doorvraagt, blijken ze met homo toch vaak te willen zeggen dat iemand slap of zwak is. Mensen die het scheldwoord gebruiken, zijn heus niet allemaal homofoob, maar ze dragen wel bij aan het beeld dat homo’s geen echte mannen zijn. Daarom wil ik ook hen de ogen openen.”

Termen als Jood of het N-woord zijn allang teruggedrongen, gaat de programmamaker verder. Waarom blijft homo als scheldwoord dan bestaan? En als grap? Het is in Nederland bijna cultureel erfgoed geworden, zegt hij. Op scholen hoor je overal ‘homo’. Dat vindt hij zorgwekkend.

Veel homo’s laten de minachting van zich afglijden, omdat ze zich binnen de gayscene voldoende gesteund voelen. “Jonge homo’s in de kast hebben die steun niet”, zegt Veul. “Voor hen wil ik een brug naar de maatschappij bouwen door begrip te kweken. Zodat zij niet hoeven mee te maken wat ik zelf heb ervaren.”

In de loop van zijn leven heeft Veul flink moeten incasseren. ‘Hé homootje, doe ’s even niet zo gay’, kreeg hij geregeld te horen op zijn Gooise kakschool. Telkens als in de wandelgangen ‘vuile homo’ klonk, vreesde hij dat het voor hem was bedoeld en dat zijn verborgen identiteit was ontdekt. Hij stopte de kleineringen van binnen weg, om de pijn te doven. 

Van kwaad tot erger

Het ging van kwaad tot erger. Op zijn zestiende of zeventiende werd hij door een groep hangjongeren in elkaar geslagen, omdat hij er niet mannelijk genoeg uitzag. “Er kon altijd iets gebeuren”, zegt Veul. “Vanwege die voortdurende dreiging kruip je diep in je harnas. Je leert dat je iets bent wat je niet mag zijn. Daarom ga je jezelf onderdrukken. Dat geeft enorme spanning. We noemen dat heel simpel in de kast zitten, maar het is een vreselijke situatie, waarin je extreem eenzaam bent. Het vormt je.”

Bij Veul speelde nog mee dat zijn vader van hem een machosporter wilde maken, wat mislukte door zijn zachte natuur. Er volgden afkeurende commentaren als watje en mietje. Die hakten er zozeer in dat Veul op zijn negentiende met zijn vader brak. Vier jaar lang zagen ze elkaar niet. Inmiddels gaat het beter, zoals in de film is te zien tijdens een ontroerende confrontatie.

Ter voorbereiding op de documentaire las Veul boeken over de nog altijd gebrekkige acceptatie van homoseksualiteit: ‘The Velvet Rage’ van Alan Downs en ‘The Straight Jacket’ van Matthew Todd. Daarin ontdekte hij dat veel andere homo’s net zo’n worsteling achter de rug hebben als hij. Deskundigen hebben zelfs termen voor het ervaren leed, zoals minority stress en recurrent chronic humiliation. In stilte wordt er kortom heel wat af geleden, soms met game- of drugsverslavingen tot gevolg.

Wie is Nicolaas Veul?

VPRO-programmamaker Nicolaas Veul maakt sinds 2012 documentaires. Met collega Tim den Besten boog hij zich over homoseksualiteit in Oekraïne, de flexibiliteit van de seksuele voorkeur en het leven in een verzorgingstehuis. Hun ‘Super Stream Me’, waarin ze wekenlang 24 uur per dag online te volgen waren, baarde veel opzien. Vorig jaar maakte Veul nog een film over de handel in likes op sociale media.

In Nederland is alles toch prima geregeld? Homo’s hebben hier toch gelijke rechten en de vrijheid om te trouwen? Jazeker, zegt psychiater Cobie Groenendijk in de film. Toch zie je onder homo’s relatief veel depressie en zelfmoord. Dat fenomeen staat bekend als de Dutch paradox. De verklaring is dat de beeldvorming negatief is gebleven, ondanks de juridische vooruitgang. En hoe kun je jezelf nou accepteren als je omgeving – familie, school, maatschappij – je steeds subtiel of hardhandig inwrijft dat je minderwaardig bent? “Met zo’n last kun je een kind niet opzadelen”, vindt Veul. “De maatschappij zal moeten bijspringen.”

Mensen als Youp van ’t Hek en voetbalcommentator Johan Derksen tonen daar volgens Veul geen enkel besef van. Ze vinden gewoon dat ze iedereen mogen bespotten, of het nu een Belg, een vrouw of een homo is. Van ’t Hek wilde overigens niet meewerken aan de documentaire. En in zijn nieuwste theatershow doet hij er qua homokreten nog een schepje bovenop. Zijn argument: straks mag ik níks meer zeggen.

Niet de humorpolitie

Onzin, meent Veul. “Ik ben niet van de humorpolitie, integendeel. Net als de meeste homo’s heb ik veel zelfspot. Het gaat ook echt niet om één of twee grappen, maar om de optelsom, om de cultuur van alleen maar negativiteit. Ik verbied niets, ik roep alleen op tot empathie. Kun je invoelen wat je een ander aandoet met die continue platte stereotypen? En ben je bereid om eens een ander woord te kiezen?”

Om te laten zien dat humor absoluut mogelijk blijft, heeft Veul in deze Pride-week een filmpje op Instagram gezet. Daarin speelt hij een kandidaat in het tv-programma ‘De slimste mens’. Hij moet het woord ‘homo’ raden, maar kan alleen maar negatieve termen bedenken. ‘Flikker, mietje, watje’, roept hij. ‘Sissy, poot, gore nicht, kutnicht, reetridder, poepstamper, kontenbonker, billenbeffer, rugridder… Nee? Oké, ik heb ’m: pisnicht!’ Dan lopen de andere kandidaten weg, omdat ze het niet meer trekken. “Zo kan het ook”, besluit Veul. “Humor, nu eens niet ten koste van de homo, maar van degene die homo’s belachelijk maakt.”

‘Pisnicht: The Movie’ is donderdag 1 augustus om 21.05 uur te zien bij de VPRO op NPO 3.

Linda kiest voor God

Linda valt op vrouwen, maar is toch al vele jaren getrouwd met Bert. Want een lesbische liefde mag niet van God en het huwelijk is heilig. Ze willen samen verder, al voelen beiden een groot gemis. Bert wil niet als broer en zus leven, Linda snapt dat seks erbij hoort: “Ik ben zijn vrouw, dit moet ik hem gewoon geven.” Na afloop staan soms de tranen in haar ogen. Vaak bidt ze op haar knieën tot God: help me, maak dit makkelijker voor ons.

Het zijn ontroerende gesprekken in ‘OMG’, een korte documentaire van tv-maakster Vera Verzijl (30). Eerder maakte zij voor PowNed het programma ‘Veemarkt’,  waarin ze via datingapps op zoek gaat naar een partner. Voor ‘OMG’ verdiepte ze zich in de belevingswereld van orthodoxe christenen, die vechten tegen hun geaardheid. Waarom in godsnaam, vraagt Verzijl zich af.

“Ik woon met twee heerlijke mannen samen voor wie hun homoseksualiteit geen enkel punt is”, zo licht Verzijl haar onderwerpskeuze toe. “Ik ben zelf niet gelovig, mijn ouders hebben me heel vrij opgevoed. Ik wil graag dat iedereen gelukkig wordt en uit de kast kan komen.” De Nashville-verklaring, die homoseksuele relaties afwijst, stond ver van Verzijl af en prikkelde haar nieuwsgierigheid. “Wat ik me afvroeg was: wat als die Nashville-verklaring over jóú gaat, hoe ziet je leven er dan uit?”

Daarover vertellen ook Gert, Geert-Jan en Keesjan. Die laatste speelt de leuke heteroman, hij is getrouwd en heeft drie kinderen.  Hij wil ‘Gods wil doen en daar mijn eigen wil aan ondergeschikt stellen’. Geert-Jan heeft een tijdlang de gayscene verkend maar leeft nu celibatair. Datzelfde geldt voor Gert, want praktiserend homo zijn is ‘niet Gods bedoeling‘.

Verzijl heeft zelf veel geleerd van de documentaire. “Ik vind het dapper dat ze durven te vertellen over de worsteling die ze doormaken, elke dag.”Maar écht begrijpen doet ze de keuze van haar hoofdpersonen niet: “Ik denk dat ze gelukkiger zouden kunnen zijn.” 

Iris Pronk

‘OMG’ is vrijdag 2 augustus te zien op NPO 3, 20.25 uur en vanaf vandaag bij NPO 3 en PowNed online.

Lees ook:

Pure nep: het moeras dat Instagram heet

Afgetrainde lijven, ronkende hashtags en een tandpastawitte glimlach. Maar op Instagram is niet alleen het gros van de foto’s en video’s nep. In de documentaire ‘#followme’ ontrafelt Nicolaas Veul de schimmige industrie achter de mooie plaatjes.

College voor de Rechten van de Mens: Discriminatie op grond van seksuele voorkeur moet in de Grondwet

Schelden tegen zoenende mannen, naroepen van verliefde vrouwen. Discriminatie op grond van seksuele voorkeur moet worden bestreden door het op te nemen in Artikel 1 van de Grondwet, zegt het College voor de Rechten van de Mens.  ‘Er is een niet onbelangrijk percentage mensen dat moeite heeft met mensen die afwijken van wat zij als norm zien.’

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden