column

Dirigent Michael Gielen schreef geschiedenis, ook in de korte tijd dat hij in Nederland werkte

Michael Gielen op archiefbeeld uit 2007. Beeld EPA

De geschiedenis kan soms zo onaardig zijn voor hen die eraan meeschreven, voor hen dus die de geschiedenis hielpen maken tot wat die is geworden.

Vorige week vrijdag overleed op 91-jarige leeftijd de Oostenrijkse dirigent Michael Gielen. Dat is zo iemand. Een dirigent die geschiedenis schreef door bijvoorbeeld in 1965 de wereldpremière te leiden van ‘Die Soldaten’, de tot dan toe als onuitvoerbaar bekendstaande opera van Bernd Alois Zimmermann. Gielen was zo’n naam die vaak ineens als grote verrassing opdook in lyrische cd-recensies. Dan had iemand weer eens een keer alle beschikbare opnamen van Schönbergs ‘Gurrelieder’ of zo met elkaar vergeleken, kwam die van Gielen, aan het hoofd van het SWR Sinfonieorchester Baden-Baden und Freiburg, zomaar als allerbeste bovendrijven.

Grootheid Gielen, die de laatste jaren al niet meer actief was als dirigent, ging dus heen, maar geen enkele landelijke krant in Nederland berichtte erover. Tot in The New York Times verschenen necrologieën (wat moeten ze daar een jaloersmakende obituary-redactie hebben), maar hier verscheen op maandag alleen een kort nieuwsbericht in Het Parool, waarin overigens dan weer geen letter gewijd was aan de voornaamste reden waarom we Gielen hier in Nederland zouden moeten gedenken: hij was een paar jaar lang een gedreven chef-dirigent van De Nationale Opera geweest.

Geloofsbrieven

Vanaf het seizoen 1973-1974 trad Gielen aan bij wat toen nog De Nederlandse Operastichting heette. Het was de bedoeling van toenmalig intendant Hans de Roo om met een kwaliteitstandem het niveau van het gezelschap op te krikken. Gielen was er voor het muzikale aandeel, de Oost-Duitse regisseur Götz Friedrich moest de slag op theatergebied maken. In het Holland Festival van 1972 hadden Gielen en Friedrich hun geloofsbrieven afgegeven met een nieuwe productie van Verdi’s ‘Falstaff’. De beroemde Gabriel Bacquier zong er de titelrol in en de pers was unaniem lovend. Gielen en Friedrich hadden overigens wel een voorwaarde aan hun verbintenis verbonden, en dat was een reëel zicht op een nieuw operagebouw. Toen dat er niet een-twee-drie kwam – het zou nog bijna 15 jaar duren voordat het Muziektheater aan het Waterlooplein opende – pakten ze hun biezen. Gielen werd opgevolgd door Hans Vonk, de positie van chefregisseur verdween met Friedrich.

In die korte tijd zorgden Gielen en Friedrich voor een paar spraakmakende producties. Wagners ‘Tristan und Isolde’ was een voltreffer, en ook Mozarts ‘Le nozze di Figaro’ in het Holland Festival van 1974 was een klapper. Met Harry Kupfer zorgde Gielen ervoor dat Strauss’ ‘Elektra’ uit 1977 nog steeds in het geheugen van velen gegrift staat. En het was Gielen die onze eigen Elly Ameling in een van haar sporadische operarollen begeleidde: Ilia in ‘Idomeneo’.

De eigenzinnige Gielen vertrok naar de Opera van Frankfurt en werd later chef-dirigent van het SWF Sinfonieorchester, waar hij zich inzette voor hedendaagse muziek. Bij dat orkest is hij onlangs opgevolgd door Teodor Currentzis. Die treft daar een geweldige Gielen-erfenis aan.

Zo werkt geschiedenis.

Lees ook: 

Klassiek & Zo

Peter van der Lint schrijft iedere week met aanstekelijk enthousiasme over de wereld van de klassieke muziek

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden