null

InterviewDiederik Ebbinge

Diederik Ebbinge: ‘Zit je wéér te kijken naar die domme lui met hun meninkjes’

Beeld Jörgen Caris

Na het megasucces van ‘De Luizenmoeder’ scoorde Diederik Ebbinge dit jaar matige kijkcijfers met ‘Promenade’, een satire op de talkshow. Dat vindt hij helemaal prima. ‘Laat mij maar voor een klein publiekje.’

Talkshows? Die zijn echt verschrikkelijk. Geestdodend en volkomen leeg. Daarom bekijkt hij ze nauwelijks meer, zegt satiricus Diederik Ebbinge. Aan de bekende tafels schuiven steeds dezelfde studiogasten aan, “mensen met meningen die er totaal niet toe doen”. Pure tijdverspilling, zeker voor de kijkers thuis.

Ebbinge spuwt zijn gal over de talkshow in een klinisch witte kantoorruimte in Duivendrecht, het onderkomen van de redactie van ‘Promenade’. Dat is… jawel: een talkshow, met Ebbinge zelf als presentator, gastheer, host.

Tegenstrijdig? Nou nee, niet echt, want Promenade is geen gewone talkshow, het is een parodie op al die andere praatprogramma’s. Al vindt Ebbinge dat een te enge beschrijving van zijn ambitie: hij neemt niet alleen de tv, maar ook de tijdgeest op de hak. “Promenade is een commentaar op het oeverloze geleuter. Van iedereen. De hele tijd. Alleen maar.”

Waarom stopt u zoveel energie in het belachelijk maken van iets wat u verschrikkelijk vindt? U noemde talkshows eerder het Grote Niks.

“Omdat het ook het Grote Alles is. De vluchtigheid, de waan van de dag, daar verspillen we met z’n allen zoveel tijd mee. De talkshow is net een snoepje met heel veel suiker waarmee je jezelf verdooft. Ik ben trouwens niet roomser dan de paus, ik hoor mezelf ook praten over dingen, dat ik denk: man, hou je bek eens een keer, je hebt er helemaal geen verstand van.

“De verontwaardiging is ook verslavend. Neem zo’n Trump: het is smullen om hem te volgen, ik word er boos van, ik moet erom lachen. Dat je al bijna denkt bij Biden: hè jammer, saai. Of Baudet en zijn Forum voor Democratie: het is amusement, je wilt het allemaal weten. Terwijl je je ook kunt afvragen: als je het overslaat, wat heb je dan gemist? Waar heb je eigenlijk je tijd mee gevuld?

“Hoe vaak denk ik niet: ik ga vanavond een goed boek lezen. En dan zit ik toch weer te zappen en te kijken naar die domme lui met hun meninkjes.”

U heeft zich dit jaar dus geconcentreerd op de vluchtigheid.

“Ja, ik hoop dat we ons gaan afvragen: wat maken we belangrijk? Wat zijn we nu eigenlijk aan het doen?”

Een kleine impressie voor wie Promenade dit jaar heeft gemist. Voor de meeste mensen dus, want anders dan bijvoorbeeld ‘DWDD’, ‘Jinek’ en ‘Op1' trok het niet veel kijkers: grofweg tussen de 200.000 en 300.000. Het programma werd wel een culthit genoemd, de talk of the town Hilversum, met fanatiek twitterende fans.

Die verkneukelden zich over de talkshowclichés die Ebbinge voorbij laat komen, samen met zijn vaste panelleden Henry van Loon, Eva Crutzen en Ton Kas. Zij zitten niet aan een tafel, ze stáán. Maar verder gedragen ze zich als volleerde talkshowgasten met vrijblijvende en feitenvrije babbels over alles, maar het vaakst over andere tv-programma’s en BN’ers. Terugkerende ingrediënten zijn ook het blooper-blokje, het geforceerde bruggetje tussen twee onderwerpen en het ontroerende moment.

Diederik Ebbinge: ‘Ik heb een broertje dood aan collega’s die beweren: ‘Je mag tegenwoordig niks meer zeggen’. Dat vind ik een luie opmerking’. Beeld Jörgen Caris
Diederik Ebbinge: ‘Ik heb een broertje dood aan collega’s die beweren: ‘Je mag tegenwoordig niks meer zeggen’. Dat vind ik een luie opmerking’.Beeld Jörgen Caris

Natuurlijk drukt het virus ook op Promenade een stevig stempel. Vaste prik is het Ab Osterhaus-blokje: een compilatie van zijn vele optredens elders. Henry van Loon ontpopt zich intussen als huisviroloog en in de zomereditie van het programma staat de 61-jarige Kas vanwege zijn leeftijd in een glazen kas (de Ton Kas-kas). Na ieder liedje wordt de studio gelucht vanwege de aerosolen.

Perfect uitgevoerde meligheid of satire? In elk geval geen massavermaak; Promenade scoorde maar een fractie van het aantal kijkers van ‘De Luizenmoeder’, de comedyserie die Ebbinge schreef samen met Ilse Warringa en waarin hij de rol van meester Anton speelt.

De tegenvallende kijkcijfers zijn een terugkerend onderwerp in Promenade. Bent u ook in werkelijkheid teleurgesteld dat er maar zo weinig kijkers zijn?

“Mensen vinden het ongeloofwaardig als ik dit zeg, maar: nee. Ik zou het jammer vinden als de kijkcijfers een reden zouden zijn om dit programma te stoppen. Voor de rest zit ik er niet mee, ik wist van tevoren dat dit een niche-programma zou zijn. Promenade is ongrijpbaar en dat moet het ook zijn, anders doe je een knieval en dat moet je niet doen. Laat mij maar voor een klein publiekje.

“Ik vind de kijkcijferdiscussie verschrikkelijk. De talkshows zijn in wezen zo oninteressant, dat ziet iederéén. Een item bestaat vaak uit vier mensen die praten over één onderwerp gedurende zes minuten. Tenenkrommend. Die programma’s zouden helemaal gereviseerd moeten worden. Maar de top van de NPO redeneert: er wordt goed naar gekeken, dus we laten het zo.”

Naar De Luizenmoeder keken op het hoogtepunt ruim vijf miljoen mensen.

“Dat was bizar. Ilse en ik zaten die serie gewoon te schrijven en ineens knalde het erdoorheen. Maar dat werd weer zo geschift, die hype eromheen heeft net zoveel met jou als met mij te maken, snap je?

Niet helemaal.

“Ik maak De Luizenmoeder en Promenade met dezelfde liefde en inzet. Als het af is, kan ik beoordelen of ik er blij mee ben of niet. Pas dan gaat het los op het publiek, daar heb ik helemaal geen invloed op. Als vervolgens André van Duin een carnavalshit scoort met ‘Hallo allemaal’, naar een liedje uit onze serie… dan heeft dat niet zoveel te maken met mijn werk.

“Het was een hype, gewoon raar. En ook heel leuk hoor, dat het zo omarmd werd, daar kijk ik echt niet met dedain naar. Maar uiteindelijk ligt daar de kick toch niet, die ligt voor mij in wat ik heb gemaakt en of ik zelf vind dat het geslaagd is. Van de hype word ik niet gelukkig, wel van het maakproces, van de klik tussen Ilse en mij en de acteurs. Ook met Promenade ben ik er het meest trots op dat we zo’n goed team hebben opgebouwd: redactie en acteurs, alles klopt.”

Waarom besloot u na het tweede seizoen van De Luizenmoeder te stoppen? Bij de speelfilm die volgend jaar verschijnt bent u ook helemaal niet betrokken.

“Na seizoen twee dacht ik: ik ben er wel klaar mee. Ik was er echt trots op, ik vond het tweede seizoen beter dan het eerste, meer uitgediept, een schepje erbovenop. Toen dacht ik: ja, nu is het wel verteld, dit verhaal.

Zo ging het ook toen ik met De Vliegende Panters vier theatervoorstellingen en twee succesvolle televisieseizoenen had gemaakt. Kunnen we onszelf nog vernieuwen, vroeg ik me af. Kan het nog leuker en beter? Nee? Dan laat ik het liever zo achter. Dan vind ik het zonde om ermee door te gaan. Zonde van dit toch al zo korte leven.”

Heeft die kijkcijferhype uw leven nog beïnvloed?

“Helemaal niet, al word ik wel herkend op straat. Maar dat is niet vervelend, de meeste mensen bekijken me met een grote glimlach. Wel is het zo dat ik makkelijker binnenkom bij opdrachtgevers en financiers, ik word serieuzer genomen.

“Daar heb ik handig gebruik van gemaakt: ik had het idee voor Promenade allang en heb in 2013 al een pilotaflevering gemaakt met Henry van Loon en Ton Kas. Ze wilden het in Hilversum niet hebben, omdat het te ongrijpbaar was. Na De Luizenmoeder dacht ik: ‘Ik ben nu een succesnummer, nú moet ik Promenade gaan verkopen’.”

Diederik Ebbinge (51) vormde samen met Remko Vrijdag en Rutger de Bekker het succesvolle cabarettrio De Vliegende Panters. In 2008 ontbonden ze de groep en ging Ebbinge zich op film en televisie concentreren. Hij acteerde in onder meer ‘Alles is liefde’ en regisseerde zijn eigen speelfilm ‘Matterhorn’ (2013), over een eenzame man in een streng-christelijk dorpje. “Matterhorn is mijn grote trots”, zegt Ebbinge.“Het was monnikenwerk, ik kon helemaal in mijn eigen fictie verdwijnen, dat was magisch.”

Dankzij kijkcijferhit ‘De Luizenmoeder’ werd hij bij een groot publiek bekend als meester Anton. Sinds begin 2020 maakt hij de satirische talkshow ‘Promenade’. Ook ging hij een nieuwe uitdaging aan bij omroep Max, als presentator van ‘Het museum van Nederland’. 

Ebbinge is getrouwd met musicalactrice Roosmarijn Luyten, samen hebben ze twee kinderen.

In Promenade én De Luizenmoeder speelt u een loser, een verongelijkte sukkel. Waarom past dit type nu kennelijk bij u, waarom vindt u het lekker om ze te spelen?

“Ik wil toch even zeggen dat ik ze behoorlijk anders vind, die twee. Meester Anton is zo’n lokale bestuurder die eigenlijk niets kan, maar met zijn interessantdoenerige gelul wel een positie heeft weten te krijgen. De presentator van Promenade is meer chronisch in paniek dat zijn talkshow mislukt en gedraagt zich zeer egocentrisch.

“Maar ik snap wat je bedoelt: ze zijn allebei treurige wezens waar je dwars doorheen kijkt. Verschrikkelijke mannen van wie je toch een beetje houdt. Waarom ik ze zo goed kan spelen?” Lacht. “Ik weet het niet, het ligt me gewoon.”

Henry van Loon legt presentator Diederik op de roast; hij pakt hem op zijn overgewicht, noemt hem een “pratende zitzak”.

Ebbinge proest het uit. “Ja, en dan zie je hem kapotgaan. Kleinzielig. Kleine mensjes. Hij probeert zijn gekwetstheid te verbergen en dan explodeert hij toch. Verrukkelijk. Of ik zelf met mijn gewicht zit en die frustratie in het programma uitvergroot? Nee hoor, integendeel.”

Er werd het afgelopen jaar weer driftig gediscussieerd over ‘de grenzen van de humor’. Hoe staat u daarin?

“Ik heb daar wel een idee over: als satiricus of cabaretier reageer je op de tijd waarin je leeft. Je bent niet bepalend, het is een reactief vak. Daarom heb ik een broertje dood aan collega’s die beweren: ‘Je mag tegenwoordig niks meer zeggen’. Dat vind ik een luie opmerking. Je moet niet willen vasthouden aan wat je altijd al deed en dan klagen dat mensen er aanstoot aan nemen. Je moet bedenken: hoe kan ik in déze tijd iets maken. Ik kijk nog steeds met plezier terug op mijn werk met De Vliegende Panters, maar sommige dingen zou ik nu niet meer zo doen.

“Als je die lenigheid niet hebt, dan ben je gewoon af als cabaretier. Dan moet je je laten omscholen. Dan faal je in je vak. Dan zeg je in wezen: ik ben niet in staat om in deze tijd nog iets grappigs te maken.”

In de eerste zomeraflevering van Promenade worden de cocktails geserveerd door een schaars geklede zwarte vrouw. Omdat sommige panelleden protesteren, wordt ze in de aflevering daarna vervangen door de blonde Céline uit Zaandam. In bikini.

“We hadden natuurlijk ingecalculeerd dat er commentaar zou komen op een zwart cocktailmeisje. En dat we haar daarom zouden vervangen door een wit cocktailmeisje. Daar zit de grap. C’est le ton qui fait la musique. Je hebt meerdere manieren om iets te zeggen, je moet kneden, draaien op de millimeter, zoeken wat je toon is. Zit je er één millimeter naast, dan kan het helemaal mis zijn. Dat is ook talent, snap je?”

Er komt een oudejaarseditie van Promenade. Waar kunnen we ons op verheugen?

“Deze keer mikken we wél op hoge kijkcijfers, daarom maken we twee afleveringen: op 27 december voor de Randstad en hoogopgeleiden en op 28 december voor de provincie en laagopgeleiden.”

Promenade is te zien op 27 december én 28 december, NPO 3, 22.00 uur.

null Beeld Jörgen Caris
Beeld Jörgen Caris
Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden