RomanDepressie

Depressie als splijtzwam

Jente Posthuma schrijft raak over een zus en een broer, over wat je van elkaar ziet en wat eronder schuilgaat

Van alle mogelijke familierelaties, vrouw-man, ouders-kinderen, grootouders-kleinkinderen, zussen met elkaar, broers onderling, broer-zus is denk ik die laatste wel het minst literair in beeld gebracht. Op het eerste gezicht schiet me slechts een handjevol voorbeelden te binnen, Esther Gerritsen met haar roman ‘Broer’, Frida Vogels die in ‘De harde kern’ haar ingewikkelde relatie met haar broer opvoert, ‘Bloed krijg je er nooit meer uit’ van Philip Snijder waarin hij zich schaamt voor z’n zus. Vanwaar die schamele oogst? Misschien omdat er over die relatie het minst valt te zeggen, vaak groeien broer en zus immers ver uit elkaar.

In ‘Waar ik liever niet aan denk’ van Jente Posthuma, gaat het om de ik-persoon en haar tweelingbroer, ergens Jampiejoris genoemd (naar een verkeerd verstaan Jan, Piet, Joris en Corneel). De titel van dat boek verraadt net als die van Posthuma’s debuut uit 2016, ‘Mensen zonder uitstraling’, een zekere terughoudendheid, en dat lijkt me haar handelsmerk. Geen hoog oplopende emoties, geen pathetiek of dramatiek, geen effectbejag. Dat wil zeggen niet in haar manier van vertellen want het thema zelf geeft er juist alle aanleiding toe. De broer gaat namelijk ten onder aan een zware depressie, en de zus lijdt daar ook onder want ze raakt haar maatje kwijt.

Net als de ik-persoon snap je niet helemaal wat er nu mis is met de broer, waarom hij het leven niet aankan. Dat is geen gebrek aan empathie maar juist een vorm van realisme: het is eigenlijk onmogelijk je goed in andermans depressie in te leven. Zo werkt het tenminste in ‘Waar ik liever niet aan denk’; wat je als lezer voelt is onmacht, pijn en schuld, juist omdat dat allemaal niet met zoveel woorden wordt gezegd, je krijgt het tussen de regels door mee. De kracht van dit proza, is het onuitgesprokene.

Hedendaagse Weltschmerz

In steeds korte hoofdstukjes beschrijft Posthuma de broer-zus-relatie door de tijd heen. Daarbij komen verstoorde familiebanden aan bod, een vader die wegloopt, de stuklopende relatie van de broer, homo, met zijn vriend, de moeizame liefde van de ik-persoon voor haar vriend Leo. Maar ook zaken van buitenaf, Mengele’s experimenten met tweelingen in Auschwitz, de zelfmoord van de zoon van Ponzi-fraudeur Bernie Madoff, de ineenstorting van de Twin Towers, waarvan de een toch net iets lager was dan de ander (symbolisch, maar je moet er zelf achter komen).

En daardoorheen de toenemende angstaanvallen van haar broer, die door een soort hedendaagse Weltschmerz lijkt te zijn bevangen. Ondanks de innige tweelingband (ze willen zelfs op hun achtentwintigste nog naar New York om daar met partners en al samen te gaan wonen!) begrijpt de zus haar broer vaak niet, bijvoorbeeld als hij vertelt dat bij zeepaardjes de mannetjes de jongen uitbroeden: “Algauw wist ik precies hoe zeepaardjes paren, maar wat mijn broer met zijn leven wilde snapte ik niet.” Samen kijken ze in hun jeugd naar Expeditie Robinson, maar je voelt dat het voor de een iets heel anders betekent dan voor de ander. Het is deze onverenigbaarheid van stemmingen en karakter die Jente Posthuma op gedistantieerde en daardoor des te indringender wijze in beeld brengt.

Jente PosthumaBeeld Bas Uterwijk

Steeds heb je het gevoel dat er onder al die min of meer oppervlakkige of alledaagse ontwikkelingen grondzeeën schuilgaan, zoals wanneer de ik-persoon iets over eendjesvoeren vertelt en de broer er het volgende aan toevoegt: “Als je eenden voert gaan ze elkaar groepsverkrachten, zei mijn broer. Hij had een keer gelezen over mannetjeseenden en wat ze doen als ze zich vervelen.” Allemaal stille aanwijzingen over zijn lijden aan de wereld. Maar echt doorgronden doe je zijn fatale depressies niet.

In zekere zin is dit een boek over schijn en wezen bij de mens, over wat je aan gedrag ziet en wat er allemaal onder schuilgaat. Dat geldt ook voor de vertellende zus zelf: “Ik deed giechelig en op weg naar beneden hoopte ik dat de flat zou instorten zodat ik onder het puin kon verdwijnen.” Een observatie die deze mooie, ingetogen roman over depressie raak typeert.

OordeelMooie, ingetogen roman over depressie

Jente Posthuma
Waar ik liever niet aan denk
Pluim; 240 blz. € 21,99. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden