Recensie

Debuutroman van Hannah van Binsbergen over levensmoeheid

Het prozadebuut van bejubeld dichter Hannah van Binsbergen valt tegen.

‘Harpie’ begint met bloederige polsen en een dialoog met de duivel: zijn of niet zijn, dat is de vraag, de enige die ertoe doet. Of zoals Satan tegen Harpie zegt: “het besluit dat zal bepalen of je beter kunt leven of beter dood kunt zijn.”

Dichter Hannah van Binsbergen zet hoog in door haar prozadebuut te bouwen op loodzware thema’s als zelfmoord, zelfdestructie, identiteit en eenzaamheid. En dan zijn de verwachtingen ook nog eens groot: met haar debuutbundel ‘Kwaad gesternte’ won Van Binsergen direct de VSB-poëzieprijs. Talent, kennis en kunde zijn bij deze afgestudeerde filosoof en dichter voldoende aanwezig, toch is ‘Harpie’ een matige roman. De weerzin om te leven werd recent beter en geestiger beschreven in de roman ‘Mijn jaar van rust en kalmte’ van de Amerikaanse schrijver Ottessa Moshfegh.

Hannah van BinsbergenBeeld Sanja Marušić

Zelfmutilatie

Harpie is een eenzaam meisje met littekens door de verwondingen die ze zichzelf toebracht. Ze is ervan overtuigd dat haar verdriet de oorzaak is van haar eenzaamheid. Nadat Albert haar heeft gedumpt, is ze gestopt met haar studie. Harpie was altijd al een breekbaar meisje, maar Albert heeft haar geknakt en gebroken en zoals iedereen die verdrietig en verlaten is, vraagt Harpie zich af wat eigenlijk de zin van dit leven is: “De hel is de herhaling van zetten, kopje-onder gaan en bovenkomen in een grote zee van hetzelfde”.

Dit is een prachtige poëtische en filosofische zin, maar helaas meer uitzondering dan regel in dit debuut. Het ritme van ‘Harpie’ wordt vaak onderbroken door stroeve en omslachtige zinnen als: “Woensdag 3 maart zwemt haar bewustzijn binnen” en “Seks gaf de mogelijkheid iets anders mee te maken dan de vanzelfsprekendheid van eigenlijk al dood zijn.”

Harpie is gefascineerd door het kwaad en het verbod: “Seks is altijd haar favoriete vorm van transgressie geweest.” Ze neemt een baan als receptionist en in de avonden gaat ze aan de slag als prostituee. Als een volleerd actrice speelt Harpie verschillende rollen, zolang ze maar niet zichzelf hoeft te zijn. Ze heeft besloten om haar schulden af te lossen en het leven tenminste vol te houden tot haar volgende verjaardag. Als ze het dan nog steeds niet de moeite waard vindt, dan kiest ze definitief voor de dood. Wat is de zin van het leven als je je overbodig voelt? “Harpie heeft niet om het leven gevraagd. Maar het lijkt er ook op alsof niemand anders echt om haar leven heeft gevraagd.”

Flets figuur op afstand

In ‘Kwaad gesternte’ dichtte Van Binsbergen: “ik kan verhulling niet verhelpen, geen uitdrukking/ bedenken zonder me onsterfelijk/ belachelijk te maken”. Alsof Van Binsbergen nog altijd bang is voor rollende ogen, is de toon van ‘Harpie’ irritant ironisch. De duivelsdialogen tussen Harpie en ‘Beëlzebubje’ werken niet goed, omdat ze zijn doordesemd met ironie. Harpie is zo een flets figuur dat op afstand blijft. Pas als Harpie direct zegt hoe ze zich voelt, zonder sarcastische opmerkingen tussendoor, is ze een levendig en deerniswekkend personage: “Maar ik ben niks. Ik ben leeg en vormloos, een parasiet die zich vastbijt in de wensen van anderen, de vorm aanneemt die een ander voor me heeft gedroomd.” Deze onverbloemde gevoelsuitingen van Harpie worden later jammer genoeg weer ontsierd door grappig bedoelde zinnen als: “Onvermijdelijke breuk in je broekje.”

De roman is kort, maar niet kernachtig. Het is begrijpelijk dat Van Binsbergen koos voor een verlichtende toon bij de zware en zwarte themas die ze behandelt, maar het resultaat is vooral bijzonder onevenwichtig. En alle ironie kan ook niet verhullen dat het einde van ‘Harpie’ pathetisch en prekerig is.

Hannah van Binsbergen
Harpie
Pluim; 175 blz. € 21,99

Lees ook: 

Als het over ‘ik’ gaat, gaat het niet per se over mij

Het draait om het thema ‘Ik’ tijdens het 48ste Poetry International Festival Rotterdam, dat morgen begint. Dichters uit de hele wereld componeerden speciaal voor het evenement een ik-gedicht. Maar doen ze ooit anders? Kan een gedicht wel zónder ik?

Poëzie laat de lézer denken 

Dichters en filosofen: het lijkt heel ander volk. Nadat Lieke Marsman zes jaar geleden doorbrak als ‘denkende dichter’, doet filosofiestudente Hannah van Binsbergen dat nu ook. Wat beweegt deze jonge dichters?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden