InterviewsDebuteren

Debuteren in coronatijd: ‘Ik wilde eenvoudigweg niet langer wachten’

Debutanten Janneke de Bijl, Robin Kester en Klaas Knooihuizen.Beeld Maartje Geels

Veel aanstormende kunstenaars die dit jaar Nederland wilden veroveren, zien hun plannen in rook opgaan. Toch heeft debuteren in coronatijd ook voordelen.

De muzikant | ‘Ik moest er maar mee dealen’

Robin Kester was juist begonnen aan haar masterplan. In februari bracht ze ‘Remove and delete’ uit, een dromerig, spookachtig liedje van het later te verschijnen debuutalbum ‘This is not a democracy’. Voorzichtig aftasten, kijken hoe het kwartje valt: dat was het idee. Zoals je met je teen de temperatuur van het water peilt voor je de sprong waagt.

Niet alleen de zwemmer, ook het zwembad moest wennen. En het zwembad was enthousiast: ‘Remove and delete’ werd op de radio gedraaid en kwam terecht in een aantal belangrijke afspeellijsten. De eerste festivals en podia meldden zich. Nu was het zaak de aandacht vast te houden om vervolgens in de zomer het album uit te brengen, midden in wat normaal gesproken het festivalhoogseizoen is.

En toen ging het land op slot. “Ik moest er maar mee dealen”, vertelt Kester vanaf de verste uithoek van de zitbank in het huis van haar manager. “We hebben afgewacht tot het stof was neergedaald. In de zomer besloten we dat september een goede maand zou zijn om het album uit te brengen.”

Robin KesterBeeld Maartje Geels

Juist toen begon het aantal besmettingen weer flink op te lopen. Op de avond van de persconferentie waarin de gedeeltelijke lockdown werd aangekondigd, trad Kester met haar band op in Paradiso. “We wisten pas op het laatste moment dat het door mocht gaan. Ik speelde in de grote zaal. Het was vet om op die plek uit te kunnen pakken. Normaal gesproken had ik in de bovenzaal gestaan. Zo heeft die crisis toch nog voordelen. Mijn liedjes worden internationaal opgepikt. Guy Garvey van Elbow draait ze in zijn radioshow op BBC 6. Dan wil je in Engeland óók shows doen, maar dat zit er niet in.”

Ook een belangrijk showcasefestival in Bilbao ging niet door. De komende maanden speelt Kester op een paar onlinefestivals, in december staan er wat intieme shows voor dertig bezoekers gepland en dat is het voor dit jaar. Ideaal is het niet, maar Kester benadrukt vooral de positieve kanten. Dat This is not a democracy voor een debuut veel persaandacht kreeg, bijvoorbeeld.

Ze stond in bijna alle grote kranten. Het optreden in Paradiso werd gerecenseerd door NRC Handelsblad; in een normaal jaar was die ruimte waarschijnlijk door een internationale act ingepikt. “Dat denk ik ook. Nadat mijn album was verschenen, werd mijn manager platgebeld door programmeurs. Omdat er minder aanbod is vanuit het buitenland, ontstaat er ruimte voor Nederlandse muzikanten. Er wordt over gespeculeerd dat festivals als Lowlands volgend jaar vooral lokale artiesten zullen boeken, omdat het voor Amerikanen te onzeker is om naar Europa te komen.”

Met een overdreven dosis goede wil zou je zelfs kunnen beweren dat er voor Robin Kester geen beter jaar was om te debuteren. Volgens een rapport van streamingdienst Spotify wordt rustige, intieme muziek als de hare meer beluisterd dan gebruikelijk, terwijl uptempo muziek aan populariteit heeft ingeboet. “Een vriendin van mij zei juist dat ze vooral behoefte heeft aan vrolijke muziek. Daar valt mijn album absoluut niet onder. Maar ik kan me inderdaad voorstellen dat het fijn is om muziek te luisteren die aansluit bij deze tijd van eenzaam thuiszitten. Ik hoop dat mijn album troostend kan zijn.”

De schrijver | ‘De crisis bood een vacuüm’

Als debuterend schrijver herken ik veel in Kesters verhaal. Afgelopen juni verscheen mijn debuutroman ‘Geel is de kleur van de zomer’, volgens de achterflap ‘een dringende en ontroerende vertelling die de lezer niet loslaat’. Van uitstel kon wat mij betreft geen sprake zijn. Met handelsgeest had dat niets te maken, het was louter ongeduld. De roman lag al ruim een half jaar op de plank, ik wilde eenvoudigweg niet langer wachten. Gezien de titel zou het ­najaar ook een vrij knullige keuze zijn ­geweest. De uitgeverij was het met mij eens, zij het om een andere reden: veel grote titels waren tot nader order uitgesteld. De crisis bood een uniek vacuüm en ik zou gek zijn om er niet in te duiken.

Het was waarschijnlijk geen domme zet. In verschillende landelijke kranten en tijdschriften verschenen recensies; voor debuterende schrijvers is dat geen gegeven. Zelfs de Linda. besteedde aandacht aan het boek. Ik geloof dat ik wel degelijk geprofiteerd heb van het feit dat de kolommen nou eenmaal gevuld moesten worden. Een fysieke boekpresentatie kon ik niet organiseren en ook dat had zijn voordelen: de podcast die ik als surrogaat in elkaar flanste, werd hier en daar opgepikt.

Klaas KnooihuizenBeeld Maartje Geels

Maar toch, ik had me de zomer anders voorgesteld. Ik keek enorm uit naar de ­optredens op drukbezochte festivals waar ik tot nu toe alleen als toeschouwer aanwezig was gewest. Misschien nog wel meer zin had ik in de treurige achterafzaaltjes in ­uithoeken van het land waar behalve de ­organisatie niemand op afkwam. Het geromantiseerde leven van de ploeterende schrijver – dát wilde ik.

Ook zakelijk zijn optredens natuurlijk van belang. Mijn netwerk in de literaire ­wereld is angstaanjagend klein. Elke voordracht die niet doorgaat, ontneemt mij de kans om recensenten, juryleden, collega’s en lezers te ontmoeten. Om te laten zien wat ik kan. Wie ik ben. Dat ik überhaupt ­besta.

Een paar weken na het verschijnen van mijn roman begon de titel rond te zoemen onder boekhandelaren. Dat merkte ik via Instagram; voor de gelegenheid had ik mijn account afgestoft. In een normaal jaar zou hun enthousiasme overslaan op hun klanten. Nu gebeurde dat nauwelijks. Er waren immers geen klanten. Ja, online wel. Daar kochten ze wat ze al kenden. Volgens mijn uitgeverij bleven geijkte namen het gedurende de crisis goed doen, terwijl de minder bekende schrijvers het ­extra moeilijk hadden. Dat beeld werd ­bevestigd door bevriende collega’s die al wat verder zijn in hun carrière maar desalniettemin nog altijd onbekend. Het was een bar slecht jaar.

Toch ben ik niet teleurgesteld. Met mijn roman ben ik blij, met de reacties erop ook. En de verkoopcijfers? Ach. Van de opbrengst van een geflopte roman kun je drie keer naar de snackbar. Bij een doorslaand succes kun je twintig keer chic uit eten. Ik zit er ongeveer tussenin. Daar heb ik vrede mee. De restaurants zijn toch gesloten.

De cabaretier | ‘De show staat nog overeind’ 

Muzikanten en schrijvers mogen nog van geluk spreken; voor een boek of een plaat hoeft de liefhebber de deur niet uit. Wat dat betreft heeft Janneke de Bijl het slechter voor elkaar. De winnaar van Cameretten 2017 trok langs de theaters met haar eerste avondvullende programma, ‘Zonder zin kan het ook’. Daarin laat ze zien hoe op het oog onbenullige voorvallen in haar hoofd uit kunnen groeien tot onoverkomelijke problemen. De zalen zaten vol, de reacties waren positief, en toen ... nou ja, u kent het verhaal. Meer dan twintig optredens geschrapt. De reeks repriseshows die ze dit najaar zou spelen, staat eveneens op losse schroeven.

“Voor de meeste optredens kon gelukkig een vervangende datum gevonden worden”, vertelt De Bijl, die een stuk optimistischer in het leven blijkt te staan dan je op basis van haar voorstelling zou verwachten. “Vaak kon ik doorschuiven naar grotere ­zalen, dan zaten er honderdvijftig mensen in een zaal van vijfhonderd. Als dat niet ­lukte, speelde ik twee keer op een avond.”

Janneke de BijlBeeld Maartje Geels

Ze moest haar voorstelling ervoor inkorten, maar dan paste het. Nu de regels weer strenger zijn geworden en er maximaal ­dertig mensen in een zaal mogen, speelt ze soms tot wel vier keer op dezelfde plek. Theaters die dat niet kunnen organiseren, stelden haar optredens opnieuw uit.

“De show zelf staat nog wel overeind. Ik voel ook totaal geen behoefte om snel allemaal coronagrappen te schrijven. Ik benoem het wel, maar sommige collega’s vinden dat je het nergens anders over kunt hebben. Mijn indruk is dat iedereen het onderwerp goed zat is. Het is juist fijn om er in het theater even niet aan te hoeven denken.”

Als onderdeel van het beruchte stand-upcollectief Comedytrain maakte De Bijl veel meters in de Amsterdamse club Toomler. Het hoge tempo en de hoge grapdichtheid van haar voorstelling verraden die oorsprong.

“Ik heb mijn programma best wel op de lach geschreven. Met weinig mensen in de zaal werkt dat minder goed. Je merkt dat je moeilijk in je ritme komt. Toch heeft ook dit voordelen. Ik ben bezig met het schrijven van mijn tweede programma en eerst dacht ik: hoe moet ik dat nou try-outen? Hoe kan ik weten wat werkt, als de situatie volgend jaar weer totaal anders is? Nou, misschien moet ik afstappen van die vraag en dichter blijven bij wat ik zelf wil. Door minder op het publiek te leunen kan ik de kern van wie ik als maker ben steviger neerzetten.”

Na een korte stilte: “Zal je zien dat er niemand naar mijn nieuwe voorstelling komt. Maar serieus: ik heb het nog redelijk goed getroffen. Ik had mijn première al gehad, de recensies waren binnen, veel kaarten waren al verkocht. Voor de reprise kopen mensen even geen kaartjes, maar dat komt door de omstandigheden, dat is niet persoonlijk. Ik vind mezelf heus wel een beetje zielig, maar het knaagt niet aan mijn zelfvertrouwen.”

En aan haar portemonnee? “Mijn accountant heeft het uitgerekend. Ik zou voor het eerst in mijn leven écht goed verdiend hebben. Maar ik denk dat voor ons alle drie geldt dat we dit sowieso willen doen. Daarin schuilt onze kracht. We hebben dit jaren gedaan zonder dat het een cent opleverde. Voor het geld zijn we er niet mee begonnen. Ik ben inmiddels voor mijn inkomsten afhankelijk van cabaret, maar ik haal er ook mijn voldoening uit. Dat blijft altijd bestaan.”

‘This is not a democracy’ van Robin Kester is te koop op cd en vinyl en te beluisteren via de bekende streamingdiensten. ‘Geel is de kleur van de zomer’ van Klaas Knooihuizen ligt in boekwinkels. ‘Zonder zin kan het ook’ van Janneke de Bijl is de komende maanden te zien in theaters in heel Nederland.

Lees ook:

‘Ik wilde het niet té ingewikkeld voor mezelf maken’

Klaas Knooihuizen schoof zijn debuutroman jaren voor zich uit, tot hij zeker wist dat hij het kon. Het resultaat is een uitstekend geschreven, luchtig verhaal over de angst voor vergankelijkheid, met een paar magisch-realistische momenten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden