ReportageHaags cultuurcentrum

De zalen in het nieuwe Haagse cultuurpaleis Amare hangen als bonbons in een grote doos

 Cultuurgebouw Amare aan het Spui in Den Haag Beeld Mark Kohn
Cultuurgebouw Amare aan het Spui in Den HaagBeeld Mark Kohn

Amare heet het nieuwe cultuurpaleis van Den Haag. De naam verwijst naar de zee (a mare) waaraan Den Haag ligt en is het Latijnse woord voor liefhebben. Maar is dit ook een gebouw om van te houden?

Henny de Lange en Peter van der Lint

Met een daverend festival zou Amare vanaf vandaag tot en met zondag officieel in gebruik worden genomen. Maar door corona wordt het een zeer bescheiden feestje, nu bijna alle evenementen zijn geschrapt. Alleen zaterdag zijn er twee voorstellingen, in de concertzaal en het danstheater.

Wat een treurige bedoening om als stad zo je nieuwe cultuurcentrum, waarover toch al zoveel te doen is geweest, in te moeten wijden. Dat gevoel slaat ook toe bij de eerste, weinig feestelijke, aanblik van het gebouw, maar dat heeft vooral te maken met de afrasteringen en bouwputten waar je op stuit, als je vanaf station Den Haag Centraal naar Amare loopt.

De obstakels en bouwwerkzaamheden belemmeren aan de kant van de Turfmarkt en Houtmarkt de blik op Amare. Vanaf het Spuiplein is er een beter zicht op het complex met zijn bijzondere gevel met ‘vertakte’ kolommen, die heftig contrasteert met het aangrenzende strakke stadhuis. Vanwege de functie van het gebouw doen de gevelkolommen denken aan stemvorken, al kun je er ook boomtakken in zien. Voor architect Jo Coenen, die de gevel ontwierp en zich daarbij liet inspireren door Italiaanse palazzi, zijn het ‘gordijnen’ die naar boven toe meer gesloten zijn.

De gevel van Amare met de betonnen stemvorken met hun cannelures (verticale groeven). Beeld Mark Kohn
De gevel van Amare met de betonnen stemvorken met hun cannelures (verticale groeven).Beeld Mark Kohn

’s Avonds heeft het gebouw een feestelijke uitstraling

Wat behalve de gevel ook meteen opvalt is de omvang van de kolos, die is neer geplant in het centrum van Den Haag. Het gebouw heeft een oppervlakte van zo'n 50.000 vierkante meter en er is plek voor maximaal 6600 mensen tegelijk. Naast het blinkend witte stadhuis ziet Amare er op deze donkere herfstdag wat grauw uit. De betonnen stemvorken met hun cannellures (verticale groeven) ogen vlak en groezelig zonder zonlicht of een lichtspot erop. ’s Avonds worden de kolommen wel aangelicht en als dan binnen ook de lichten branden, heeft Amare een feestelijke uitstraling.

Maar overdag valt de gevel wat tegen, zeker bij somber weer. Wat ook afbreuk doet aan de beleving zijn de bouwwerkzaamheden rondom Amare, die nog jaren gaan duren. Er wordt gebouwd aan een hotel en er komen nog woontorens. Pal naast Amare staat het Lucent Danstheater er onttakeld bij, het wordt binnenkort gesloopt.

Het Spuiplein moet in de toekomst een fraai stadsplein worden, waar ook openluchtvoorstellingen zullen worden gegeven, met de betonnen trappen van het aangrenzende hotel als tribune. Het plein vormt niet alleen de entree tot Amare maar is tevens de verbindende schakel met de ertegenover gelegen Nieuwe Kerk, waar ook concerten plaatsvinden. Het vergt enige fantasie om dat op het netvlies te krijgen op het nu nog rommelige plein. Net zoals je je haast niet kunt voorstellen dat in de oorspronkelijke plannen hier een nog veel groter cultuurcentrum was gepland, het Spuiforum (zie kader).

De Stadskantine in Amare, die vrij toegankelijk is. Beeld Mark Kohn
De Stadskantine in Amare, die vrij toegankelijk is.Beeld Mark Kohn

Er is een ‘Stadskantine’ die voor iedereen de hele dag open is

Ook Amare zelf is binnen nog niet af. Op de vierde tot en met zesde etage wordt de laatste hand gelegd aan de zaal en vele leskamers (165) voor de studenten van het Koninklijk Conservatorium, dat in januari zijn intrek neemt. Ook de brasserie bij de ingang aan het Spuiplein moet nog worden ingericht.

Het gebouw heeft een tweede entree aan de ‘achterkant’, op de hoek van Turfmarkt en Houtmarkt. Via een passage van 125 meter wandel je zo dwars door het gebouw heen, bijvoorbeeld op weg naar je werk. En wie de tijd heeft, kan onderweg vanaf een tribune nog even luisteren naar pianospel of een strijkje van oefenende leerlingen van het conservatorium. Vanaf 8 uur ’s morgens is een groot deel van Amare ook zonder toegangskaartje open. Omdat het gebouw behalve cultuurtempel ook nadrukkelijk wil uitgroeien tot een ‘huis’ van de stad, is er op de derde etage een ‘Stadskantine’ die de hele dag open is.

Om ‘geluidslekkages’ te voorkomen staan de zalen los van elkaar, ieder op eigen fundering, binnen de gevels van het complex. Het gebouw is zo transparant dat je op sommige plekken de bamboehouten buitenkant van de zaal van het Nederlands Danstheater in de ruimte kunt zien ‘hangen’, net als de goudkleurige verpakking van de concertzaal van het Residentie Orkest.

Voor wie het duizelt in de immense ruimte: op de eerste etage staat een maquette, die laat zien hoe de verschillende zalen als ‘bonbons in een doos’ hangen, zoals Jo Coenen het omschrijft . Wat je buiten op een druilerige dag mist bij de gevel, wordt binnen ruimschoots gecompenseerd. De zalen hebben een feestelijke en warme uitstraling.

Spuiforum

Aan de komst van Amare gingen jarenlange discussies en conflicten vooraf. Amare is de opvolger van het niet uitgevoerde Spuiforum, een ontwerp van architectenbureau Neutelings Riedijk, dat eerst 65 meter hoog was en in een later aangepaste ‘gedraaide’ variant 60 meter. Het complex was zo groot dat het ook het halve Spuiplein in beslag zou hebben genomen.

Het ‘megalomane’ plan werd in 2014 aan het begin van de bouwfase geschrapt na felle protesten uit de bevolking (Spuiforum Krankjorum) en een politieke omwenteling in de gemeenteraad.

De gemeente ging op zoek naar een nieuwe architect. Die werd gevonden in een samenwerking van JCAU/Jo Coenen, NOAHH/Patrick Fransen en NL Architecten/Kamiel Klaasse. In 2017 begon de bouw, die gepaard ging met de nodige tegenslagen.

Ook Amare is met zijn lengte van 125 meter, breedte van 70 m en hoogte van 38 m een joekel van een gebouw, maar het Spuiplein blijft intact. Voor de bouw van het nieuwe cultuurcentrum moesten de Dr. Anton Philipszaal en het Lucent Danstheater, beide in 1987 geopend, wijken.

De Gouden Zaal. Beeld Mark Kohn
De Gouden Zaal.Beeld Mark Kohn

Het orkest is dolgelukkig met deze nieuwe, state-of-the-art concertzaal

De nieuwe concertzaal, die van de tweede tot de vijfde etage loopt, ‘hangt’ prachtig centraal in Amare. Het Residentie Orkest heeft daarmee eindelijk een volwaardig nieuw onderkomen gevonden. Na het afbranden van het Gebouw voor Kunsten & Wetenschappen in 1964 werd de Dr. Anton Philipszaal op het Spui in 1987 de nieuwe vaste stek. Toen deze ‘akoestische badkuip’ in 2015 werd gesloopt moest het gerenommeerde Haagse orkest jarenlang bivakkeren in het Zuiderstrandtheater in Scheveningen. Hoewel die plek aan zee eigenlijk best meeviel is het orkest dolgelukkig met deze nieuwe, state-of-the-art concertzaal.

Bij binnenkomst op het tweede balkon heb je een fraai uitzicht over de elliptisch gevormde zaal. De balkons lopen in een lichte helling naar het podium toe. Alles richting de muziek dus, daar waar het moet gebeuren. Op het bijna lege podium is net een repetitie afgelopen. Een eenzame fagottist blaast een verloren, fraaie frase. Op het tweede balkon lijkt het alsof hij naast je staat. De klank komt dichtbij, en zit vol details en ruimte.

De groene stoelen eisen meteen de aandacht op. De stof is in Tsjechië gemaakt, en bij nadere bestudering valt op dat het groen opgebouwd is uit een melange van kleuren. Alle in de overige zalen van Amare gebruikte kleurtinten, van het goudgeel van de stoelen in het Danstheater tot het mooie bruin in de concertzaal van het Koninklijk Conservatorium, zijn er in verwerkt. Door die ingetogen kleuren en de vloeiende lijnen voelt de door Jo Coenen ontworpen zaal met 1500 stoelen toch intiem.

De grote concertzaal met kristalvormige panelen. Beeld Mark Kohn
De grote concertzaal met kristalvormige panelen.Beeld Mark Kohn

Ieder paneel weegt 200 kilo, zodat het niet mee resoneert

In de zaal is afwisselend gewerkt met absorberend en reflecterend materiaal om de akoestiek zo goed mogelijk te krijgen. De akoestische wanden en panelen hebben allemaal een kristalmotief. De kristalvormige panelen zijn gemaakt van beton vermengd met kunsthars. Ieder paneel weegt 200 kilo, zodat het niet mee resoneert. De schermen boven het podium, die het geluid terug de zaal in kaatsen, kunnen alle kanten op kantelen. Het was nog een heel gedoe om de lampen die in de schermen opgenomen zijn, niet mee te laten kantelen, zodat het licht in welke schermstand dan ook beneden op het podium blijft schijnen.

De eerste indrukken van de akoestiek van de concertzaal, die al een tijdje officieus in gebruik is, zijn goed. Elk detail binnen de totaalklank van het orkest was goed te horen. Een beetje zoals de akoestische resultaten in de Elbphilharmonie in Hamburg, officieel geopend in 2017. Akoestiek is overigens ook een smaakkwestie. Sommigen zweren bij het hoorbare detail, anderen prefereren juist een optimale versmelting van klankkleuren.

Volgens Sven Arne Tepl, algemeen en artistiek directeur van het Residentie Orkest, is de akoestiek nog niet af. Hij wenst nog iets meer lengte in de klank, nog iets meer galm. Er worden de komende tijd voortdurend aanpassingen gedaan in een akoestisch traject dat loopt tot de zomer van 2022. In die periode wordt geëxperimenteerd, onder andere ook met de grootte van orkest en koor. Een groot koor kan plaatsnemen op het eerste balkon dat rondom het podium loopt. In mei staat Verdi’s Requiem op het programma. Een belangrijk testmoment. Ook Mahlers Tweede symfonie moet hier nog wel lukken, maar diens Achtste symfonie is dan weer te groot voor de nieuwe zaal.

De zaal van het conservatorium, dat gevestigd is in Amare. Beeld Mark Kohn
De zaal van het conservatorium, dat gevestigd is in Amare.Beeld Mark Kohn

De foyer is vernoemd naar Spinoza, die ook in Den Haag heeft gewoond

De vorm van de zaal is geen zogeheten ‘schoenendoos’, zoals het Concertgebouw in Amsterdam (met ’s werelds beste akoestiek), en ook geen ‘terrassenzaal’ zoals de Grote Zaal van Vredenburg of de Elbphilharmonie. Het is iets tussen deze twee modellen in. De nieuwe zaal is in dat opzicht niet uniek, want er staan vergelijkbare concertzalen in het Finse Lahti, in Luzern en in Newcastle. Tepl benadrukt dat de inwoners van Amare elkaars kennis en meerwaarde kunnen benutten. Zo worden studenten opnametechniek van het Conservatorium ingezet om de concerten van het Residentie Orkest op te nemen. NPO Radio 4 heeft daarvoor al interesse getoond.

Ook de theaterzaal, een ontwerp van Patrick Fransen, met zwarte wanden en goudgele stoelen heeft een aangename sfeer. Het is een beetje een kopie van het oude Lucent Danstheater. De orkestbak is ook hier groot genoeg voor tachtig man, zodat de Nederlandse Reisopera of Opera Zuid er met gemak gastvoorstellingen kunnen geven. De aangrenzende foyer is vernoemd naar de zeventiende-eeuwse filosoof Spinoza. Alle andere foyers zijn naamloos gebleven. Den Haag heeft zoveel componisten en choreografen van naam, dat het lastig kiezen was. Daarom is besloten alleen Spinoza te eren, omdat je zijn graf bijna kunt zien vanuit de foyer die zijn naam draagt: hij ligt begraven achter de Nieuwe Kerk.

Zelfs de oefenruimtes zijn mooi afgewerkt, met als hoogtepunt die van het Nederlands Danstheater met uitzicht op het Spuiplein en de Nieuwe Kerk. Het heeft ongetwijfeld met de logistiek in het gebouw te maken, maar het is een gemis dat de bezoekers van de Stadskantine ook niet dat uitzicht hebben gekregen. Zij kijken uit op de kantoorruimtes van het stadhuis. Gluren bij de ambtenaren. Voor de ambtenaren daar is de verleiding waarschijnlijk groter om naar buiten te kijken.

Interieur van Amare. Beeld Mark Kohn
Interieur van Amare.Beeld Mark Kohn

Eindelijk een imponerend cultuurpaleis voor Den Haag

Na de onverkwikkelijke voorgeschiedenis met het Spuiforum, die ook nog eens handenvol geld heeft gekost, heeft Den Haag nu dan toch een imponerend cultuurpaleis. De kosten, oorspronkelijk begroot op 179 miljoen euro, zijn opgelopen tot 230 miljoen euro. Een fiks deel van dat bedrag zit onder de grond. Amare is boven een bestaande parkeergarage gebouwd, wat de realisering extra complex maakte. De bijna veertig meter hoge gevelkolommen gaan ook nog eens 40 meter diep de slappe veengrond in. Vanwege hun omvang zijn ze elders gebouwd en ’s nachts naar de bouwplaats gebracht.

Om terug te komen op de vraag of de naam Amare passend is: is dit een gebouw om in het hart te sluiten? Beslist. Het is niet alleen een tempel voor cultuurliefhebbers, maar door de architectuur ook een warme handreiking naar de stad. Nu alleen nog de lampen aan op de gevel, zeker in deze sombere coronatijd.

Hoewel het officiële openingsfestival vanwege de pandemie is afgelast, speelt het Residentie Orkest onder leiding van de nieuwe chef-dirigent Anja Bihlmaier zaterdag een feestelijk concert van drie kwartier met pianist Fazil Say. Er klinkt muziek van Dukas, Say, Beethoven en Dvorák.

Lees ook:

Nederlands Dans Theater opent met hotste dansmakers het nieuwe huis Amare

Gelukkig staat de congrescentrumachtige foyer in schril contrast met de nieuwe danstheaterzaal, waarbij is gestreefd naar intimiteit ondanks het grote aantal stoelen. Hier hangt nog de sfeer van het oude Lucent, waar NDT kon uitgroeien tot dé hedendaagse dansgroep van keigoede dansers en toonaangevende choreografen.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden