Review

De verdwenen tranen van Darwin

Dr. Robert Waring Darwin, zestig jaar lang huisarts in Shrewsbury, verklapte zijn zoon Charles hoe hij met succes huilende vrouwen behandelde. Vrouwen huilden vaak hevig als ze hun problemen vertelden, waardoor veel kostbare tijd verloren ging. Toen de arts eenmaal ontdekt had dat ze nog harder gingen brullen als hij vroeg of ze zich wilden beheersen, moedigde hij ze daarna juist aan om te blijven huilen, want niets luchtte zo op. Het gevolg was telkens weer dat ze ophielden met huilen, zodat hij te weten kon komen wat er aan de hand was en daadwerkelijk raad kon geven.

Of de beroemde evolutionist Charles Darwin (1809-1882) zijn vaders paradoxale aanpak van huilende vrouwen ooit toepaste, vermeldt de historie niet. Tot groot verdriet van zijn vader is Darwin nooit arts geworden. Misschien maar beter ook, want Darwin zelf tobde het grootste deel van zijn bestaan met nerveuze dyspepsie, een nare aandoening van de maag, die voor de internist en psychiater een bron van speculatie blijft. Volgens recente psychiatrische literatuur zou Darwin hebben geleden aan een paniekstoornis met vermijdingsgedrag.

Darwin was een scherp observator van biologische en psychologische fenomenen bij mens en dier. Maar ook van zichzelf. Op 188 handgeschreven vellen noteerde Darwin in 1876 zonder opsmuk de zojuist in het Nederlands verschenen autobiografie, oorspronkelijk bedoeld voor zijn kinderen. Daarin oordeelt hij genadeloos over zijn traagheid van begrip en gebrek aan scherpzinnigheid, maar vergoelijkt hij zijn getreuzel en voortdurende slag met de tijd.

Door deze vlotte beschrijving kunnen we voortaan alle dikke biografieën over Darwin met een gerust hart overslaan. In de resterende tijd kun je beter de nieuwste vertaling van 'The Expression of the Emotions in Man and Animals' (1872) lezen, nog steeds beschouwd als hét uitgangspunt voor de studie naar het uitdrukken van emoties bij mens en dier. Met als risico dat je net als veel psychiaters in plaats van boeken enkel nog gezichten wilt lezen. Het opmerkelijkst zijn de kiekjes van boze, angstige, verdrietige en huilende mensen.

Exact diezelfde plaatjes illustreren twee recente studies over de aard van verdriet door de Britse psycholoog John Archer en over huilen door de Amerikaanse auteur Tom Lutz. Brits betekent in dit geval gedegen, leerzaam én actueel. Zo krijgt de uiting van het collectieve verdriet om prinses Diana een plausibele verklaring en blijft het lied 'Tears in Heaven' van Eric Clapton over de dood van zijn vijfjarige zoontje niet onvermeld.

Mijn voorkeur gaat uit naar het Amerikaanse boek, dat verduiveld kunstig in elkaar is gestoken. Lutz bestookt je als een wervelwind met gegevens uit (kunst-)historische, medische, psychologische en literaire hoek, waardoor de vraag naar het nut en de betekenis van huilen steeds urgenter wordt. Huilen of niet huilen, dát is de vraag. Wat is het nut van huilen en hoe oprecht is dit verdriet? Lutz' boek volgt de Amerikaanse actualiteit. President Clinton begint bij een begrafenis pas te huilen als de camera op hem is gericht. Huilende mannen zijn 'in'. Leugenachtige tv-dominees (manipulatie) en Oliver North (meineed), maar ook filmsterren zoals Leonardo DiCaprio en Mel Gibson, en sporters zoals Michael Jordan janken er lustig op los.

Ter inleiding noemt Lutz bijbelse en antieke huilende personen. Abraham weent om de dood van zijn vrouw Sara, Jozef huilt (in een afzonderlijke kamer) als hij zijn broer Benjamin na vele jaren in Egypte ontmoet, David huilt om de dood van zijn zoon Absalom en Jezus weent om de dode Lazarus.

Penelope huilt om het gemis van haar man Odysseus. Op zijn beurt huilt Odysseus als hij in het paleis van koning Alkinoos bij de Phaeaken zijn eigen gruwelijke strijd in Troje hoort bezingen. Feit is dat niemand de tranen op zijn gezicht kan zien, omdat hij dit heeft bedekt. Waarom toch?, vraagt de auteur zich af. Omdat openlijk huilen niet paste bij een man of omdat Odysseus niet herkend wilde worden? Toch 'lekte' Odysseus' verborgen verdriet via andere weg wel degelijk naar buiten. Hij snikte zo hevig dat Alkinoos het alsnog in de gaten kreeg. Lutz vindt het een mooi voorbeeld van een heldhaftige huilpartij. Openlijk huilen is kinderlijk, tragisch, of hysterisch, denkt Lutz. Verborgen tranen sieren de held.

Shakespeare is goed voor menige traan. King Lear huilt om de dood van zijn jongste dochter Cordelia uit schuldgevoel omdat hij haar slecht heeft behandeld. Desdemona huilt omdat haar man Othello haar ten onrechte van ontrouw beschuldigt. Volgens de Moor Othello zijn het allemaal maar krokodillentranen, waarna hij de onschuldige vrouw vermoordt.

Behalve huilen van geluk, verdriet, opluchting, schaamte, religieuze extase, esthetische ontroering of uit zelfmedelijden, bestaat er de gemeenschappelijke huilbui in de bioscoop om bijvoorbeeld de Titanic die men bijna als catharsis beleeft. Een theatraal voorbeeld van georganiseerd verdriet zag je in Noord-Korea na het overlijden van het staatshoofd. Publieke tranen van politici moet je wantrouwen. In Clintons tranen herken je met enige oefening geraffineerde volksverlakkerij, maar bij Elske ter Veld, Hanja Maij-Weggen en Karin Adelmund weet ik het niet zeker. Bij hen houd ik het op onmacht en schaamte. Darwins vader, die in Leiden medicijnen had gestudeerd, zou het wel weten: huil maar eens lekker, dat lucht tenminste op. Maar een huilende rechter zou hij echt krankzinnig hebben gevonden, vrees ik.

Interessant is wat Lutz schrijft over de medische kant van huilen. Nieuw is het verschijnsel huilbaby dat in verband wordt gebracht met darmkrampen en soms op koemelkallergie berust. Je kunt ook te weinig tranen produceren zoals bij de ziekte van Sjogren, wat te ondervangen is met kunsttranen. Depressieve patiënten worden soms geplaagd door overdreven huilbuien zonder reden of ze huilen helemaal niet meer, wat past bij de algehele remming.

Hoe zit het nu met de tranen van Darwin zelf? Volgens de Engelse psychonanalyticus John Bowlby sloeg het verdriet bij Darwin op achtjarige leeftijd naar binnen toen zijn moeder overleed. Hij noemt dat gestoorde rouw. Volgens Darwin leed zijn moeder net zoals hijzelf en zijn dochter Annie aan een akelige maagaandoening. De gestoorde rouw past volgens Bowlby in het beeld dat Darwin zich nauwelijks iets van zijn moeder kon herinneren, behalve haar doodsbed, haar zwarte fluwelen jurk en haar vreemde geconstrueerde werktafel. Dat kwam volgens Darwin doordat zijn zusters, als gevolg van hun grote verdriet, niet in staat waren over haar te spreken of haar naam te noemen, én door de ziekelijke toestand die aan haar dood voorafging.

In zijn autobiografie noemt Darwin nog twee grote verliezen die erin hakten. De dood van zijn vader op 13 november 1848, toen zijn gezondheid zo slecht was dat hij niet naar zijn vaders begrafenis kon. De dood van zijn dochter Annie kwam nog veel harder aan. Zij was reeds 25 jaar dood toen hij over haar sterven schreef, maar het verdriet om haar was nog even schrijnend. ,,We hebben slechts één enorm verdriet ondergaan door de dood van Annie in Malvern, op 24 april 1851, toen ze nog maar net tien jaar oud was. Ze was een buitengewoon lief en aanhankelijk kind, en ik weet zeker dat zij een verrukkelijke vrouw zou zijn geworden.'

Na haar dood schreef Darwin een schets om de herinnering aan haar op te kunnen halen op zijn oude dag. Hij had zich die moeite kunnen besparen. ,,Nog steeds komen er soms tranen in mijn ogen als ik aan haar innemende gewoonten denk.' Dat gebeurde ook toen Annie net overleden was. Gedurende korte tijd werden zijn misselijkheid en maagklachten door die tranen weggedrukt.

Anders dan Odysseus was Darwin eerder verlegen en teruggetrokken dan heldhaftig. Verrast las ik bovendien dat Darwin in de ziekte waaraan hij minstens veertig jaar leed een belangrijke voorwaarde zag voor zijn wetenschappelijke arbeid. Zijn wetenschappelijk werk was voor hem zelfs zijn 'belangrijkste vreugde en enige bezigheid' geweest.

Sommige interesses was Darwin in de loop van zijn leven kwijtgeraakt, zoals zijn liefde voor poëzie, schilderkunst, muziek en Shakespeare. Vooral die laatste beleefde hij op latere leeftijd als zo onverdraaglijk saai dat hij er misselijk van werd. Hij las liever een biografie dan een roman, en dan alleen met goede afloop, en waarin liefst een mooie vrouw in voorkwam. Van God en de Bijbel keerde hij zich geleidelijk steeds meer af. Darwin registreerde op dit punt afwezigheid van verdriet, alsof hij wel degelijk verdriet bij het verlies van zijn geloof verwachtte. Toch merkte hij geen verdriet. Het ongeloof sloop zo langzaam binnen, dat hij dat niet voelde. Ondertussen zijn hele volksstammen zonder erg veel verdriet hun geloof in God kwijtgeraakt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden