Review

De tuin der lusten verandert in een brandende hel

Huub Beurskens: Wilde boomgaard. Meulenhoff, Amsterdam, 1994; 173 blz. - ¿ 29,90.

T. VAN DEEL

Het lijkt erop dat Beurskens zijn hoofdpersoon enerzijds autobiografisch heeft willen modelleren, anderzijds juist drastisch heeft willen vertekenen. Het eerste wordt ondersteund door de opdracht voorin: “me pater T. (O.E.S.A.) heugend.”

Met een pater begint het verhaal. Hij heeft de leerlingen van een klas van het college waar hij lesgeeft bij zich op de kloosterkamer genood en praat daar met hen. Onder het aandachtige gehoor, dat voor het merendeel dolgraag bij hem in de smaak wil vallen, bevindt zich ook Lerrie, maar hij is met stomheid geslagen, zijn hele lichaam verzet zich tegen uitlevering. De pater doet joviaal, wil zelfs dat ze hem bij zijn voornaam noemen. Hij legt uit waarom hij celibatair leeft. “De priester is alleen aldus pater Warner, uit solidariteit met de mensen die eenzaam zijn, en zijn celibaat houdt bijgevolg niet het afwijzen van de wereld in maar juist het aanvaarden ervan, het is geen afstand doen van de liefde maar juist het omhelzen ervan . . .”

Deze redenering brengt Lerrie tot wanhoop. “Want betekenen Warners onomstotelijkheden niet dat ik moet trouwen? Alleen ben ik en alleen wil ik blijven, maar te nimmer uit solidariteit met het menselijke, het me al te menselijke! Maar juist ook daarom wil ik niet trouwen, niet omhelzen, wil ik niet dat mijn wil tot alleen-zijn wordt gebroken, wordt onthalsd, onthalsd door omhelzing . . .!” Hier wordt al meteen de inzet onder woorden gebracht van de roman: onder geen beding wil de hoofdpersoon zijn kinderlijke staat kwijtraken aan de volwassenheid, hij wil 'de soevereine heelheid in eigen persoon zijn' en niet zich binden aan een vrouw of aan maatschappelijke verplichtingen.

Maar hij wordt natuurlijk, het is niet te vermijden, uit het paradijs gestoten. Drie personages werken daar aan mee, zonder dat zij er weet van hebben, en merkwaardig genoeg onder een zekere regie van Lerrie zelf (hij roept in feite de gebeurtenissen op, hij heeft iets helderziends). De eerste is de pater, die hem in feite veroordeeld tot het huwelijk en de menselijke gemeenschap. De tweede is een oude, geile bibliothecaris, Vogel Ties genaamd, uit wiens bibliotheek Lerrie, tegen het verbod in om boeken van de hoogste plank te nemen, een exemplaar van 'De tuin der lusten' meeneemt naar zijn wilde boomgaard. Daar bladert hij de reprodukties door van Bosch' schilderij, dat hem tegenvalt omdat er in deze tuin zo ontzaglijk veel mensen voorkomen. Maar middenin treft hij tot zijn onmetelijke schrik een ingeplakt pornografisch tijdschrift aan, waarbij hij tot brakens toe walgt van deze massale verstrengeling van vlees. De derde is het mooiste meisje van het dorp, Lona, die hem een aframmeling geeft als hij met krijt een streep trekt op de muur van haar huis (dat is Lerrie's truc: hij concentreert zich dan op die denkbeeldige horizon en vermag vervolgens dwars door de muur te zien).

Door een toevallige samenloop van omstandigheden zorgen deze drie personages voor Lerrie's verdrijving uit het paradijs. De tuin der lusten verandert in een brandende hel, hij ziet voordat het zover is de bibliothecaris Lona aanranden, en zelf had hij al daarvoor de eerste stap op de weg naar de ondergang gezet door Lona's Maltezer hondje dodelijk de mond te snoeren uit angst door haar in de tuin ontdekt te worden. Deze passage, waarin de verdrijving uit het paradijs, en dus uit de kindsheid wordt beschreven, is subliem en grotesk.

Daarna wordt, voor wie het al niet aan alles had gemerkt, het kunstmatige karakter van de wereld van de roman nog eens te baat genomen. Lerrie wil vanuit de kindsheid nu direct overstappen op de bijkans kindse ouderdom. Hij meent dat hij tachtig is en gelukkig verstoken is gebleven van het huwelijk en van de menselijke omgang, maar tot zijn grote schrik komt er een vrouw het huis in gelopen, zijn vrouw kennelijk. Hij is ook geen tachtig, maar vierenveertig, getrouwd en zelfs een dochter die de naam draagt van Lona's hondje, Jasmijn.

In deze tweede helft van de roman komt het verleden op een onvermoede wijze terug in de personen van de pater en Lona, die nota bene met elkaar getrouwd blijken. Hoe deze ontmoeting verder verloopt en wat er de gevolgen van zijn, laat ik nu maar daar.

De constructie van 'Wilde boomgaard' is hechter dan op het eerste gezicht lijkt. Zo heeft Lerrie's helderziendheid hem niet bedrogen toen hij bij Lona's huis door de muur heen keek en tot zijn verbijstering de pater zag zitten op het meisjesbed. Het moet weliswaar een vooruitziende blik zijn geweest, maar wel een juiste. De samenhang in de roman wordt nog verhoogd doordat er, als een spiegelverhaal, een vertelling wordt ingelast die Lerrie te horen krijgt van een oude man, op een bankje aan zee. Het is het soort verhaal waarin de roman zich als in een notedop voordoet, herhaalt, zij het met andere personages. Ook hier is er een hoofdpersoon die met geen mogelijkheid tot 'paren' is te bewegen en die het liefst details van de natuur waarneemt, torretjes, visjes, of let op de licht- en kleurschakeringen in de werkelijkheid. Beurskens' stijl is gevarieerd en veelal opzettelijk kunstmatig. Hij gebruikt veel woorden die ons noodzaken het woordenboek te raadplegen, zoals: wonne, affoleert, peremptoir, stekade, kwalmende, knoterde, gelp. Hij heeft daarin, en ook in zijn volkomen vermenging van fantasie en werkelijkheid, van deze en gene wereld, wel iets van Brakman, die ook zo smoorverliefd kan schrijven en rustig de Argonauten op de Noordzee kan laten varen. In zijn nadruk op het lichamelijke en op de problematiek van de kindsheid tegenover de volwassenheid deed hij me dikwijls denken aan Gombrowicz, wiens 'Ferdydurke' mijns inziens op de achtergrond meespeelt.

Een katholieke lijn speelt het boek door een rol: de drie personages die Lerrie's leven zo ingrijpend bepalen, noemt hij geregeld 'de heilige drievuldigheid' en niet zelden is de metafysische religiositeit in dit boek tot een, laat ik zeggen, aardse getransformeerd.

'Wilde boomgaard' is het verhaal van de verdrijving uit het paradijs en de weigering deel te nemen aan het leven in 'De tuin der lusten'.

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden