Review

De taal van Marten Toonder verzameld

De dit jaar overleden Marten Toonder heeft de Nederlandse taal verrijkt. 'Minkukel', 'denkraam', 'kommer en kwel': het komt allemaal uit zijn literaire stripverhalen rond Ollie B. Bommel. Woorden en uitspraken van Bommel zijn nu verzameld.

Voor ontwikkelde lezertjes van de Bommel-verhalen moeten het zo'n beetje de ultieme naslagwerken zijn, het zojuist verschenen Bommellexicon (ondertitel 'Van Aamnaak tot Zwirkvlaai') en Bommelcitaten (Citaten en bevlogen uitspraken). Beide zijn samengesteld door Pim Oosterheert.

In het Bommellexicon treffen we een rijke concordantie van 5000 lemma's uit de bijzondere woordenschat in de Bommel-saga aan. In de Bommelcitaten een menigte aan wijze uitspraken, wisecracks en spreuken van de heer in het geruite jasje en zijn omgeving.

Maar ook buiten de vriendenkring van Bommel-liefhebbers moeten deze boeken zegenrijk werk doen. Het taalgebruik van Marten Toonder heeft immers een grote invloed op de Nederlandse taal gehad, beweren de kenners, en dan volgen steevast woorden als 'minkukel', 'denkraam', 'kommer en kwel'. Deze en nog duizenden woorden en uitdrukkingen vindt men in beide encyclopedieën terug, uiteraard met bronvermelding.

Staat zo'n beetje alles van belang erin? Een eerste persoonlijke steekproef bracht geen missers aan het licht. Is 'Flevelhuisje', een zogeheten hapax (dat wil zeggen slechts eenmaal voorkomend), genoteerd? Ja hoor: 'Latijn: fluvius > (water)stroom. Een op een transformatorhuisje gelijkend bouwwerkje van de Gemeentelijke Fleveldienst van Rommeldam. De functie van het huisje is onduidelijk. Bron “Het verdwijnpunt“.' Daarnaast worden ook 'Flevel' en 'Fleveldienst' uitgelegd. De afleiding van 'fluvius' moet overigens denkelijk aan de samensteller zelf toegeschreven worden. Bij mijn weten heeft Toonder zelf nooit vermeld waar zijn woorden vandaan komen.

Ander voorbeeld, het typische Toonder-woord 'astrant': 'Archaïsme voor: “vrijmoedig, brutaal“. Woord dat door de bediende Joost wordt gebruikt, bijvoorbeeld als de magister Hocus Pas slot Bommelstein zonder toestemming wil betreden: “Dat gaat zo maar niet, als ik zo astrant mag wezen.' “

Toonders taal is, als je afziet van selfmade woorden en contaminaties als 'minkukel', 'ipsen' en 'verturving', in hoge mate archaïsch of archaïserend. Woorden en uitdrukkingen als 'frenesie' of 'oligofrenische aliënatie' wijzen daarop. Hij is daarnaast bij monde van Ollie B. Bommel een meester in het verhaspelen van bestaande uitdrukkingen: 'Ik had beter aan mijn goede vader moeten denken. Stinkende opvoeders maken zachte wonden, zei hij altijd. En van nu af aan ga ik mij daaraan houden.' Ook gebruikt hij woorden nogal eens in een ongebruikelijke etymologische betekenis, bijvoorbeeld als Pee Pastinakel het over het 'ontaarden' van plantjes heeft: 'Jammer om ze nu al te ontaarden. Ze zijn net gonzig. Maar het is voor een goed doel.' Uiteraard treffen we dit citaat ook in het lexicon onder 'gonzig' aan.

Daarnaast grossiert de schrijver in alle mogelijke pseudolatinismen en -germanismen. Joris Goedbloed bijvoorbeeld, die zijn zeldzame optreden in de Bommel-verhalen kracht bijzet met een goedklinkend doch foutief 'Fortuna miracula est'. En Professor Prlwytkofski is zo te zien nog grotendeels oningeburgd want hij heeft het nog altijd over 'Krachtwagen' en 'Hefschroever'.

De grootste taalvirtuoos en -fantast in dit Bommel-universum is natuurlijk Marten Toonder zelf, grootmeester van eigengereide citaten en 'bevlogen uitspraken'.

Anders dan het lexicon, dat gewoon een alfabetisch woordenboek is, is het citatenboek opgedeeld in verschillende thematische hoofdstukken, zoals Bijbeltaal, Geld, zaken en economie, Misdaad, Opvoeding en onderwijs, Wetenschap en techniek. In al deze sectoren grossiert Toonder in opmerkelijke taal.

Zo lezen we in het hoofdstuk 'Dienstbaarheid': 'Welkom, heer Olivier', sprak de bediende Joost, terwijl hij op geschoolde wijze een stofnest onder de kast veegde.' En bij 'Moed: 'Het heldenzweet brak heer Bommel uit.'

Een groot deel van het effect van Toonders taalgebruik is gelegen in de ironische wanverhouding tussen zijn woorden en de beschreven gebeurtenis: 'Terwijl Joost en de kruidenier Grootgrut diepgaand over de boodschappen spraken, trad heer Ollie de keuken binnen'.

Er bestaat een hele Bommel-gemeente voor wie dit soort uitdrukkingen en overdrijvingen gefundenes Fressen is, waarmee ze hun dagelijks taalgebruik graag doorspekken. Wel valt te vrezen dat het hier een afgesloten en allicht uitstervende kaste betreft. Het publiek dat de presentatie van beide boeken, afgelopen woensdag in het Letterkundig Museum, bijwoonde, bestond vrijwel uitsluitend uit zestigplussers. Geen wonder natuurlijk, de tijd dat Bommel-strips dagelijkse krantenkost vormde is al weer decennia voorbij.

Taalkundige Ewout Sanders relativeerde tijdens die bijeenkomst overigens de invloed van Toonders taalgebruik nogal. In de hele Van Dale zouden slechts zes typische Toonder-woorden staan, die een eigen leven zijn gaan leiden.

Een voorwaarde voor opname in het dagelijkse taalgebruik is dan ook dat zo'n woord zich loszingt van zijn oorspronkelijke context. Het befaamde woord 'minkukel' bijvoorbeeld, ook door huidige generaties die niks weten van Toonder en Bommel te pas en te onpas gebruikt, betekent volgens Van Dale 'Dom persoon', maar wordt in het verhaal 'Het kukel' gebruikt om een gebrek aan creativiteit mee aan te duiden.

Opvallend is overigens de bijna volledige ontstentenis van Tom Poes in beide naslagwerken. Zijn taalgebruik is kennelijk te onpersoonlijk en te vlak. Het karakteriseert zijn rol als aangever.

Voor de rest spreekt vrijwel iedereen in deze verhalen wel een beetje anders dan de gemiddelde Nederlander: Dorknoper zijn ambtenarenidioom, Zielknijper zijn psychologenjargon, Bul Super zijn eufemistische Bargoens, Kwetal zijn 'taal van het kleine volkje'. Wat dat betreft zijn dit eigenlijk naslagwerken op verschillende taaltjes en ideolecten. Alle behorend tot die grote groep 'Taal van Toonder'.

Alles bijeen een schokkende parel uit de wereldliteratuur, aldus de heer OBB te R.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden