Boekrecensie

De Russische 007 met wie het niet goed afliep

Beeld Getty Images

Journalist en historicus Owen Matthews schrijft weer een spannend en kraakhelder boek over Rusland: de biografie van Stalins spion tijdens de Tweede Wereldoorlog, Richard Sorge.

Zo’n twintig jaar nadat de Japanners hem hadden geëxecuteerd werd geheim agent Richard Sorge in het pantheon van Sovjetheiligen opgenomen. Pas in de loop van de jaren zestig van de vorige eeuw begon Moskou te begrijpen hoeveel spion Richard Sorge tijdens de Tweede Wereldoorlog voor de Russen over de Duitse en Japanse dreiging te weten was gekomen. Waar op de cruciale momenten wantrouwen, onverschilligheid en verraad Sorges deel was geweest, kon het nu niet op: perspublicaties, boeken, standbeelden, een tv-serie, een postzegel, vernoemingen.

Sorge (1895-1944) kon door de communisten op tal van manieren gebruikt en misbruikt worden: als zoon van een Duitse vader en een Russische moeder diende hij voor de DDR als de voorbeeldige Oost-Duitse held, die al vroeg aan de goede kant stond. KGB-chef Joeri Andropov zag dat Sorge als een soort Sovjetversie van James Bond zijn dienst extra glans en dus macht kon geven. Sorge, de man die ‘zijn’ Sovjet-Unie van sleutelinformatie voorzag, leek in veel opzichten op 007. Blijkens ‘De onfeilbare spion. Richard Sorge, Stalins geheim agent’ van de Britse historicus en journalist Owen Mat­thews was Sorge net als Ian Flemmings creatie charmant, spitsvondig, rokkenjager, alcoholist en roekeloos. “Een vrolijke, losbandige avonturier met een briljant verstand en een onverwoestbare eigendunk”, noemde een hoge Duitse regeringsfunctionaris de spion. Sorge verschafte zich toegang tot de allerhoogste Duitse en Japanse kringen in Tokyo. Vriendschap met een ambassadefunctionaris, de latere ambassadeur, belette hem overigens niet om wat met diens vrouw te beginnen.

Een baan als journalist fungeerde als Sorge’s dekmantel. Zijn Azië-kennis werd door de Wehrmacht en nazi-regering in Berlijn zo hoog aangeslagen dat zij rapporten van deze belangrijkste Sovjetspion gebruikten als een van hun topbronnen. Tegelijkertijd bracht zijn losbandige levensstijl risico’s met zich mee. Bij verkeersongelukken door zijn gevaarlijke rijstijl kon zomaar geheime informatie worden ontdekt. In dronken buien begon Sorge soms uit te varen tegen Duitsland en de Sovjet-Unie te prijzen. Hij mocht de Chinezen graag, maar verachtte de Japanners. “Ze glimlachen en gedragen zich beleefd, maar laat je niet voor de gek houden.” De chauvinistische Japanners beschouwden zich volgens Sorge als een goddelijke mensensoort. “Zelfs de nazi’s hebben dit soort heilige autoriteit niet voor hun superstaat van de Herrenrasse.”

Homo undercoverus

De Britse journalist Murray Sayle vergeleek Sorge met de bij ons bekendere grote Sovjetspion, Kim Philby. Hoewel er een generatie tussen hen zat, beschouwde de reporter die Philby als eerste interviewde de twee als “psychische tweelingen, twee schoolvoorbeelden van de zeldzame soort die we de homo undercoverus zouden kunnen noemen, degenen die het saaie, openbare bestaan dat de rest van ons leidt eenvoudig niet de moeite van het leven waard vinden”. Sayle wees op frappante overeenkomsten tussen de spionnen: allebei kinderen van expatouders (Philby kwam ter wereld in India, Sorge in Bakoe), goed opgeleid, als jongvolwassene in de ban geraakt van het communisme en uit een meer logische baan geslingerd door een van de twee wereldoorlogen.

Sorge diende tijdens de eerste vrijwillig in het Duitse leger en raakte meermalen gewond. Als militair stond de gymnasiast en bankierszoon voor het eerst schouder en schouder met arbeiderskinderen en maakte hij kennis met communistische ideeën. De Russische Revolutie vergrootte zijn enthousiasme voor die zaak en in het roerige Duitsland van net na de oorlog maakte hij snel naam als agitator en organisator. Zo kwam hij in beeld bij de Sovjet-Unie. De leiding van de inlichtingendienst was blij met een agent zoals Sorge: nu eens geen bebrilde boekenwurm met kippenborst, maar een grote, blauwogige kerel die zich als soldaat had bewezen, kolen had geschept in Aken en zelfs even in Limburg om zieltjes te winnen en – letterlijk – een straatvechter. Sorge spioneerde voor Moskou in Scandinavië, Groot-Brittannië en Azië. Japan zou een klus voor twee jaar zijn. Het werden er dertien. Geregeld probeerde Sorge aan zijn gevaarlijke bestaan te ontsnappen. Tevergeefs. Toen een internationaal conflict steeds onvermijdelijker werd, begreep hij dat hij tot het einde van de oorlog vast zou zitten aan zijn post in Tokyo.

Owen Matthews Beeld Hollandse Hoogte

Matthews, die meerdere boeken over Rusland schreef waaronder het bekroonde ‘Stalins’ kinderen’, voert zijn lezer mee naar de diplomatieke wereld van Sjanghai en Tokyo, hun uitgaansleven, de Moskouse burelen van Sorges bazen en nog duisterdere krochten. Maar de kracht van zijn boek is dat het meer is dan alleen een spannend spionnenverhaal. Naast goed inzicht in leven en werken van Sorge biedt deze geschiedenis een kraakheldere blik op de aanloop naar en het begin van de Tweede Wereldoorlog in Azië. Panelen schoven voortdurend. De vijand van gisteren kon de bondgenoot van morgen zijn. Voor de Sovjet-Unie was het van essentieel belang om te weten wat Japan precies wilde in Mantsjoerije, de rest van China en zuidelijker gelegen gebieden. Nog crucialer: zinde Tokyo op een aanval via Siberië? Zo’n tweefrontenoorlog zou de Sovjet-Unie fataal worden.

Paranoïde sfeer

Matthews weet dat soort hogere politiek te schetsen zonder dat het een moment ten koste gaat van de spanning. Hij verduidelijkt er bovendien het enorme belang van Sorge en zijn spionnenring mee. Die bleek niet zomaar een agent, maar een cruciale bron van informatie in een hoek van de wereld die voor zijn gang naar het Verre Oosten een blinde vlek van de Sovjet-Unie was. Via zijn contacten op de Duitse ambassade in Tokyo takelde hij nog veel meer binnen: Sorge gaf als allereerste een accurate waarschuwing voor de Duitse aanval op Stalingrad, cruciaal voor het bereiken van de olierijke Kaukasus.

Sorge’s vroege, aanhoudende waarschuwingen voor Operatie Barbarossa, de Duitse aanval op de Sovjet-Unie, werden echter net als aanwijzingen van anderen stelselmatig genegeerd. De terreur in vroeger jaren had in de top van het land een paranoïde sfeer gecreëerd. Omdat Stalin sceptisch bleef over een spoedige Duitse invasie, sprak het hoofd van de militaire inlichtingendienst hem liever naar de mond en hij verdraaide hij de inlichtingen die via Sorge en anderen binnenkwamen. Het lot van voorgangers leerde immers wat er van het de baas al te zeer tegen de haren instrijken kon komen.

Sorge verloor daardoor steeds meer zijn geloof in het communisme, in elk geval in de Sovjetleiding. Als gevolg van de toenemende spanning ging hij nog meer drinken. Zijn spionnengeluk liet hem uiteindelijk in de steek. De Japanse agenten die hem arresteerden, waren bij het betreden van zijn huis nog wel zo hoffelijk om hun schoenen uit te doen.

Owen Matthews
De onfeilbare spion. Richard Sorge, Stalins geheim agent
Vert. Roelof Posthuma. Nieuw Amsterdam; 448 blz. € 27,99

Lees ook: 

Het geluk om in vrijheid te sterven

Owen Matthews, zoon van een Russische moeder en Britse vader, schreef in 2009 het autobiografische ‘Kinderen van Stalin’. Door Stalins zuiveringen werd zijn moeder wees, maar het huwelijk met een westerling bracht haar niet de gewenste vrijheid.

In ons dossier boekrecensies vindt u een overzicht van de besprekingen van pas verschenen fictie, non-fictie, jeugdliteratuur en thrillers.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden