De oude Zwolse bajes was kleinschalig en had oog voor gevangenen.

door Onno Havermans

Een badmeester in de gevangenis, dat klinkt niet slecht. Je ziet meteen een stel potige gedetineerden voor je, die hun baantjes trekken in het eigen zwembad, gadegeslagen door een ervaren sportleraar met een rits diploma’s. Fout. Dat beeld klopt niet. De badmeester controleert op hygiëne en of de gevangenen iets meesmokkelen.

,,Wij zorgen ervoor dat ze schoon op de cel komen. Ze moeten verplicht onder de douche en ondertussen kijken wij hun spullen na op drugs en dergelijke’’, vertelt Jacqueline Snijder in het boek ’Een monument vol herinneringen’ over de oude Zwolse gevangenis. Die sloot 2,5 jaar geleden na ruim 2,5 eeuw de poorten.

Snijder verhuisde naar de vrouwenvleugel van de nieuwe penitentiaire inrichting Zwolle-Zuid. Maar ze verlangt nog geregeld terug naar de oude bajes aan de Menno van Coehoornsingel, ook wel bekend als het Spinhuis – een naam die herinnert aan de eenzame opsluiting op water en brood als straf uit vroeger tijden voor ontsnappingspogingen.

Die weemoed deelt ze met veel van haar collega’s, zo blijkt uit het boek van Heidy Bolwijn en Betsie Jonker, dat vorig jaar in bescheiden oplage (2500 exemplaren) verscheen. Op basis van hun boek hebben Bolwijn en Jonker in het Stedelijk Museum Zwolle een tentoonstelling ingericht.

Opvallende citaten en foto’s uit het boek geven een beeld hoe het was om in de – toen nog - oudste bajes van Nederland te werken. Verder zijn er voorwerpen uit het Gevangenismuseum (van Veenhuizen), zoals de lantaarn waarmee bewakers tijdens hun nachtelijke ronde op pad gingen, een setje smalle handboeien en de broekstok die vluchtgevaarlijke gevangenen moest beletten de benen te nemen.

Bolwijn en Jonker interviewden 41 personeelsleden over het dagelijks leven in de bajes. Bijna allemaal vertellen ze over de saamhorigheid en kleinschaligheid en de grote aandacht die er was voor de gevangenen.

,,We hadden in verhouding veel personeel’’, weet Jonker, die er zelf in 1985 begon als bibliothecaresse en inmiddels communicatiemedewerker is. ,,De directeur vroeg daarom bij justitie om moeilijke gevallen, soms bijna psychiatrische patiënten. Die kregen hier veel aandacht en daar was behoefte aan. De gedetineerden vonden dat fijn en het personeel was tevreden omdat het een appèl deed op hun deskundigheid.’’

De organisatie in de nieuwe gevangenis, ingedeeld per afdeling, vereist een heel andere werkwijze. In het Spinhuis zaten hooguit zestig gedetineerden, de nieuwe gevangenis in Zwolle-Zuid biedt plaats aan 250 mannen en 150 vrouwen. ,,Daardoor is het onderling contact veranderd. In de oude bajes ging iedereen om tien uur naar de kantine, maar nu zien mensen alleen de collega’s op hun afdeling. Ook het contact met gevangenen is vaak minder intensief.’’

Het Spinhuis spreekt nog altijd tot de verbeelding, zo blijkt elke keer als het monumentale gebouw uit 1739 voor publiek opengaat, zoals vorige maand op Open Monumentendag. Dan staan er lange rijen voor de imposante metalen poort. Binnen is in de loop der eeuwen veel vertimmerd, maar de cellen, soms nog met bed, de smalle luchtplaats, de machtige gewelven in de kelder en de drie cachotten, afgesloten door vuistdikke eikenhouten deuren met metalen beslag, roepen nog altijd een gevoel van beklemming op.

De ontruiming van de pand, in februari 2004, deed ook Jonker pijn. ,,Leeg was het een ontzield gebouw. Het was niet meer van deze tijd – tot 1995 waren er niet eens toiletten op de cellen en moesten ’s morgens de po’s worden geleegd, de sportzaal op zolder was ’s zomers bloedheet en het sportveldje buiten op de betegelde binnenplaats stelde natuurlijk niks voor – maar het functioneerde wel, tot het laatste moment.

De tentoonstelling volgt de gang van een gedetineerde bij binnenkomst. Het bord met alle sleutels, de administratie, de dokter, de werkplaats, de reclassering, de keuken, ontspanning, geestelijke verzorging, bad en bed. De geschiedenis van het gebouw, dat afwisselend tuchthuis – ter disciplinering van landlopers, bedelaars en onwillige kinderen – huis van bewaring, militaire gevangenis, daghuis voor gedetineerden op weg naar de rechtbank en opvanghuis voor uit te zetten vreemdelingen was, komt zijdelings aan bod.

De gijzeling van vier bewakers twintig jaar geleden en de brandstichting door opstandige vreemdelingen in juli 1993, destijds aanleiding voor flinke krantenkoppen, zijn slechts verhalen binnen verhalen. ,,We werden vastgebonden en in een cel opgesloten. De gijzeling is uiteindelijk goed afgelopen: het personeel kwam ongeschonden vrij. De twee gedetineerden zijn ontsnapt. Zoiets vergeet je natuurlijk nooit meer.’’ Bewaker Jan Renkema, die met een pistool werd bedreigd, vertelt zijn verhaal nogal onderkoeld. Maar volgens Jonker heeft de gijzeling grote indruk gemaakt, juist omdat iedereen in Zwolle zo dicht op elkaar zat. ,,Je besefte: dat had mij ook kunnen overkomen.’’

Het personeel wilde dat de gevangenis museum werd, maar is ook tevreden met de nieuwe bestemming: Jonnie en Therèse Boer van sterrenrestaurant De Librije, verbouwen het tot hotel, met opleidingscentrum voor jong keukenpersoneel en een kookschool voor amateurkoks.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden