Essay J.M. Coetzee

De mislukte messias in Coetzee’s Jezustrilogie heeft helemaal geen boodschap

J.M. Coetzee Beeld Hollandse Hoogte / Zuma Press, beeldbewerking Trouw

Als wereldpremière verschijnt het slotdeel van Nobelprijswinnaar J.M. Coetzee’s Jezustrilogie eerst in Nederlandse vertaling. Hans Achterhuis is verrukt over ‘De dood van Jezus’.

Deze herfst wachtte ik vol ongeduld op het slotdeel van J.M. Coetzee’s Jezustrilogie, ‘De dood van Jezus’. En het loonde. Net als de evangeliën getuigt deze roman van een bijna bovenmenselijke inspiratie. Daarnaast is hij ook nog eens buitengewoon spannend. Je wilt als lezer weten hoe het afloopt met de 10-jarige David die – ik liet niet voor niets het begrip ‘evangelie’, goede boodschap, vallen – beweert dat hij een boodschap voor zijn vrienden heeft, ja misschien zelfs voor de hele mensheid.

Door deze spanning verschilt deze roman van zijn twee voorgangers ‘De kinderjaren van Jezus’ en ‘De schooldagen van Jezus’. Vooral in het eerste boek verloopt het verhaal soms tergend traag. Pas tegen het eind van het tweede deel grijpt Coetzee de lezer bij de lurven om hem in ‘De dood van Jezus’ niet meer los te laten.

Dat is trouwens uitstekend apart te lezen, want Coetzee vertelt en passant voldoende om de voorgeschiedenis van David inzichtelijk te maken. Als vijfjarig jongetje is hij over een zee waarin de mensen schoongewassen worden van hun herinneringen in een vreemd, onbekend land terechtgekomen. Ieder die hier arriveert, moet helemaal opnieuw beginnen met het leven. Onderweg is David zijn moeder kwijtgeraakt. Simon, een oudere man die ook op de boot zat, heeft zich over hem ontfermd en vindt zelfs in de persoon van Inez een moeder voor hem. Ze vormen nu al vijf jaar een gezinnetje, een afspiegeling van de Heilige Familie, waarin Jozef immers ook niet de echte vader van Jezus is.

Dat is een van de allegorische krachtlijnen van ‘De dood van Jezus’. Coetzee bezit de gave om een spannend boek vol te stoppen met intertekstuele signalen.

‘Ik weet hoe de wereld in elkaar zit’

Dat de jonge David een messiasfiguur is, staat centraal in de bijbelse lijn. Daarnaast is er ook een Grieks-filosofische lijn, die vooral bij Plato aansluit. Diens idee over de hemelse getallen die een aankomend wijsgeer diende te bestuderen, is in de persoon van David geïncarneerd, die danst op de muziek van de sferen. In de derde plaats leest hij ‘Don Quichot’ en wordt hij zelf gelijk aan de held uit de tekst van Cervantes. Dankzij dit boek dat hij in een kinderversie ongeveer uit zijn hoofd kent, durft hij te beweren: ‘Ik weet hoe de wereld in elkaar zit’.

Volgens mij staat Don Quichot hier naast de Bijbel en de Griekse filosofie voor de roman in het algemeen als één van de drie culturele steunpilaren van de westerse beschaving. Om het nog ingewikkelder te maken lopen de drie krachtlijnen voortdurend in elkaar over.

Zoals Jezus in de evangeliën zijn gelijkenissen aan het toegestroomde volk openbaart, vertelt David vanaf zijn ziekbed aan zijn vrienden allerlei parabels met Don Quichot als hoofdpersoon.

Dat David een soort bijbelse messias is, is alleen al door de titels die Coetzee zijn romans geeft zonneklaar. Hoe zit dat met de andere personages?

Het is niet moeilijk om de naam van Simon te verlengen tot Simon Petrus, een van Jezus’ discipelen. Petros betekent ‘steen’, maar is hij wel de rots waar diens volgelingen op kunnen bouwen? Is hij misschien de verrader van David?

J.M. Coetzee Beeld Hollandse Hoogte / Camera Press Ltd

Positieve Petrusfiguur

En dan Dmitri, de andere mannelijke hoofdpersoon. We namen in het tweede deel afscheid van hem als een moordenaar die naar de zoutmijnen werd verbannen. Hier ontmoeten we hem verrassenderwijs weer als de belangrijkste discipel van David. Hij werkt als schoonmaker in een ziekenhuis en beweert dat hij door dat nederige baantje ‘een nieuw mens’ is geworden.

Maar is dat wel zo? Simon, de verteller van het verhaal, kan Dmitri niet uitstaan. Volgens hem is hij een leugenaar die David wil verleiden. Ga je als lezer met Simon mee en vind je Dmitri een verachtelijke verrader of vergist Simon zich en moeten we juist Dmitri als een soort positieve Petrusfiguur zien?

De bijbelse en filosofische lijnen komen, ondersteund door de persoon van Don Quichot, samen in de van Plato stammende mythe over de ziel als gevleugeld tweespan. De ratio is volgens Plato de wagenmenner die een wit en een zwart paard moet besturen. Het zwarte paard is het laagste deel van de ziel, waar de hartstochten zetelen. Het witte paard staat voor het hoogste zieledeel van de wil. In de geschiedenis van de filosofie komt het witte paard er meestal positief van af. In ‘De dood van Jezus’ is dat precies andersom.

In een van de parabels van David wordt Don Quichot in een kooi op een kar door Ivoor en Schaduw, een wit en een zwart paard, getrokken. Ze rijden naar ‘een onbekend land’. “Ik zal gaan waar het donkere paard me voert”, zegt Don Quichot. Wanneer hij dit hoort, vliegt Ivoor de hemel in ‘om nooit meer te worden gezien’. Schaduw blijft volgens David dapper de kar trekken. Dmitri reageert enthousiast op deze keuze, die tegen de hele filosofische traditie ingaat: “Glorie, glorie, glorie.”

Filosoof Hans Achterhuis Beeld Werry Crone

De goddelijke Messias

Wat kan dit allemaal betekenen? Is Simon, die spottend ‘de man van de rede’ heet, toch de leidsman? Is het zijn taak om het zwarte paard met alle harstochten te beteugelen en bij te sturen?

Laat ik hier nog aan toevoegen dat Don Quichot op zijn tocht met het tweespan langs een brandende struik komt, waaruit een goddelijke stem hem maant te kiezen voor één van de twee paarden. Dat die stem van God lijkt te komen, staat niet in de tekst van Coetzee, maar dat we hier met het oudtestamentische brandende braambos – waarin God zijn naam openbaart – te maken hebben, ligt voor de hand. Die goddelijke naam ‘Ik ben die ik ben’, vinden we wél twee keer terug in Coetzee’s tekst.

David gebruikt die naam voor zichzelf. Is hij inderdaad de goddelijke Messias, die als opdracht heeft de mensen te redden en een boodschap mee te geven? Voor de goede lezer maakt Coetzee duidelijk dat David een mislukte messias is. Hij mag dan mooie, aansprekende gelijkenissen vertellen en veredelde goocheltrucs met dobbelstenen als wonderen verkopen, de echte messiaanse beloften kan hij niet vervullen. In de bijbelse belofte van een nieuwe hemel en een nieuwe aarde die de profeet Jesaja verkondigt, zullen ‘de wolf en het lam tezamen weiden’.

In ‘De dood van Jezus’ maken we kennis met de waakhond Bolivar, die als ‘de neef van de wolf’ wordt gepresenteerd, en het lam Jeremia als favoriete dieren van David. Hij wil beide bij zijn ziekbed hebben. Hij neemt het lam in zijn armen naast Bolivar, die hij wil leren om lief te zijn. Zijn blik houdt de kwijlende hond op afstand. Maar hij valt in slaap en de volgende morgen ontdekt Inez dat Jeremia veranderd is in ‘een bloederige massa huid en ledematen op de ooit schone vloer’.

Een mislukte messias dus. Uiteindelijk blijkt David ook helemaal geen boodschap te hebben. Vlak voor zijn dood is hij te moe om die uit te spreken. Simon en Inez, maar ook Dmitri kennen de inhoud van de boodschap niet.

Geen boodschap nodig

‘De dood van Jezus’ neemt hier een wending die aan ‘Dit zijn de namen’ van Tommy Wieringa doet denken. In deze roman wordt het ontstaan van een pendant van de joodse godsdienst op schitterende wijze naar de hedendaagse vluchtelingenproblematiek verplaatst. Aan het eind van zijn boek laat Coetzee doorschemeren dat ook op de dood van David, een religie, dit keer een variant van het christendom, kan worden gebouwd. Daarvoor is geen boodschap nodig, de charismatische persoon van David is voldoende. Dmitri regelt het allemaal. Het weeshuis waar David verbleef, wordt een bede­vaarts­oord, op zijn graf dat ‘leeg’ is, moet een monument verrijzen. Simon weigert echter op te treden als getuige die het grootste deel van het leven van David heeft meegemaakt. Hij blijft achter met het stukgelezen boek van Don Quichot.

In het exemplaar dat uit de schoolbibliotheek komt, wordt aan de leners gevraagd wat de boodschap van dit boek is. Ik pik er het eerste antwoord uit: “Ik vind Sancho leuk. De boodschap van het boek is, we moeten naar Sancho luisteren want hij is niet degene die gek is.” Daar schiet Simon niet veel mee op. David heeft tenslotte alleen maar naar Don Quichot geluisterd. Wat heeft dat opgeleverd? In de laatste zin van de roman erkent Simon dat ‘nooit bekend zal zijn wat, in de ogen van David, de boodschap van het boek was’.

J.M. Coetzee
De dood van Jezus
Vert. Peter Bergsma Cossee; 220 blz. € 22.99   

Filosoof en theoloog Hans Achterhuis (1942) was de eerste Denker des Vaderlands. Hij pu­bli­ceerde dit jaar ‘Coetzee, een filosofisch leesavontuur’. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden