Collagekunst

De magie van de collage: knippen, plakken en kijken voor gevorderden

‘Salvador Dalí’, door Marcel-Louis Baugniet uit 1970. Beeld Verbeke Foundation, Foto Tineke Schuurmans

Met een stapel papier, een schaar en lijm kan iedereen collages maken. Daarom werd deze kunstvorm zelden als serieuze kunst gezien. Met twee grote tentoonstellingen in Schiedam en Rotterdam is de collage nu eindelijk bezig met een opmars.

Neem een vierkant stukje papier. Plak dat op een groter stuk papier. Plak er een driehoekig stuk bovenop, en kijk: een huis. Als kleuter, nog voordat we onze handen voldoende kunnen controleren om ermee te schrijven en tekenen, kunnen we collages maken. Zó simpel is het. En zo groots. Tenminste, als je kunt en wilt geloven dat dat vierkant en die driehoek samen iets anders verbeelden.

Dat geloof in de verbeelding van de collage ontstond gelijktijdig met de moderne kunst. Picasso en Braque gebruikten begin twintigste eeuw stukken krant en stukken karton in hun werk om het een nieuwe dimensie te geven. Braque stond in 1912 voor een winkel met behangpapier en zag er opeens de mogelijkheden van in. Marcel Duchamp stopte in 1913 met schilderen en maakte een fietswiel vast op een krukje: een collage van twee dingen maakte iets nieuws, iets onverwachts en ondenkbaars.

Kunstkenners

Ook de kunstenaars van de culturele beweging Dada zagen de mogelijkheden van de collage, net als de surrealisten. Maar hoewel de moderne kunst vanaf die tijd steeds verder, groter en bekender werd, bleef de collage voor veel mensen – amateurs en serieuze kunstkenners – lang een aardigheidje, iets wat kunstenaars erbij deden. 

‘When I Was a Boy 9’ door Katrien De Blauwer, courtesy galerie Les Filles du Calvaire Beeld Katrien De Blauwer, galerie Les Filles du Calvaire

De Belg Geert Verbeke was oorspronkelijk eigenaar van een transportbedrijf en begon zich pas later voor kunst te interesseren. Een van zijn eerste aankopen, bijna dertig jaar geleden, was een collage. ‘Collages werden, en worden nog steeds, als minderwaardig gezien’, schrijft hij in het boek met een overzicht van zijn verzameling. ‘Het zijn maar werken op papier, voorbereidsels, schetsen, geen volwaardige werken. Daardoor waren ze op veilingen steeds voor lage prijzen te koop.’ 

Voor Geert Verbeke en zijn vrouw Carla Lens was het de uitgelezen niche, ze verzamelden honderden collages van hoofdzakelijk Belgische kunstenaars. Regelmatig zijn die te zien in hun eigen museum, de Verbeke Foundation in Kemzeke bij Antwerpen. Nu is in het Stedelijk Museum Schiedam een brede selectie te zien van deze verzameling. Opvallend is de veelzijdigheid van de collages: sommige zijn een kleine aanpassing op een bestaande foto, andere zijn opgebouwd uit gekleurd papier, zonder herkenbare vormen of betekenis.

Tovenarij in beeld

De tentoonstelling in Schiedam is min of meer thematisch opgebouwd. Hoofdrolspeler is E.L.T. Mesens, componist, galeriehouder, levenslange vriend van René Magritte én collagekunstenaar. ‘Magie’ zette hij in vijf uitgeknipte letters groot over een pagina met informatie over posttarieven. En dat is precies wat collages zijn: tovenarij overbrengen in beeld.

Collages lijken zo eenvoudig, opgeplakte stukken papier of ander materiaal. Handschrift en stijl van de auteur zijn moeilijk vast te stellen: alleen de onderwerpkeuze, betekenis en compositie kunnen de maker verraden.

Ze zijn ook vaak grappig. Sommige collages schuren vervaarlijk dicht aan tegen de vondsten die grapjassen tonen bij reclameborden in de openbare ruimte. Op een foto van een missverkiezing plakte kunstenaar Gilbert Senecaut één man op een van de deelnemers en zette ‘Vaticaanstad’ op het lint over zijn buik. En bij een foto van Jan Cremer die patat eet, zijn een paar blote dames in de frietzak gedrapeerd. ‘Jantje C. zag eens fritieten hangen’, schreef kunstenaar Leo Geerts er bij.

‘Salvador Dalí’, door Marcel-Louis Baugniet. Beeld Verbeke Foundation, foto Tineke Schuurmans.

Het rare van collages en daarmee ook een van de speciale krachten, is dat je ze moeilijk kunt dateren. Wannéér iemand een stapel oude tijdschriften heeft gevonden en ermee is gaan knippen en plakken, is veel lastiger te dateren dan een schilder- of tekenstijl. Dat maakt ze opvallend tijdloos. Tegelijkertijd valt de opkomst ervan samen met de opkomst van het fototijdschrift in de jaren 1910: foto’s nodigen nu eenmaal veel sneller uit tot knippen en plakken dan tekst en al bestaande tekeningen.

Vluchtig

De Belgische kunstenaar Katrien De Blauwer (1969) gebruikt voor haar collages anno 2019 foto’s uit tijdschriften uit de periode 1920-1960. Vooral foto’s van vrouwen; expliciet geliefde, verleidelijke rolmodellen. Ze knipt de foto’s door, combineert ze met elkaar, zodat nieuwe afbeeldingen ontstaan, afbeeldingen die duidelijk maken hoe absurd die zogenaamd natuurlijke poses vaak zijn.

In een tijd waarin steeds meer afbeeldingen vluchtig op beeldschermen verschijnen en vanzelfsprekend lijken, en dus niet meer tastbaar in de hand liggen, groeit de interesse voor het ouderwetse knippen en plakken. Hergebruik dat de kijker dwingt scherp te kijken naar wát er ontstaat. Onze surrealistisch ingestelde zuiderburen, uit een land dat zelf al een collage is, hebben er duidelijk meer ervaring mee dan de meeste Nederlandse kunstenaars. Ze laten zien dat knippen en plakken absoluut niet alleen voor kleuters is.

Het werk van Katrien De Blauwer is vanaf 16 november in het Nederlands Fotomuseum in Rotterdam te zien.

De tentoonstelling van de collages van Geert Verbeke is tot 19 januari 2020 te zien in Stedelijk Museum Schiedam.

Lees ook:

De Verbeke Foundation: tien jaar onaf

Kunstenaars mogen best vieze handen krijgen, vindt kunstverzamelaar Geert Verbeke, in een vorig leven transportondernemer. Zijn Verbeke Foundation in het Belgische Kemzeke, net over de grens bij Hulst, is een eigenzinnig, ongepolijst museum. Het bestaat tien jaar.

Bij gebrek aan opdrachtgevers maken kunstenaars maar portretten van hun familie

Kunstenaars krijgen nog maar weinig betaalde opdrachten voor een portret. De meesten portretteren daarom hun vader, man, kinderen of zichzelf, blijkt uit de inzendingen voor de Nederlandse Portretprijs. Waarom heeft de portretkunst zo’n geringe status in Nederland?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden