Review

DE LAAGSTE TREDE EN HET ZWARTE WATER

Juan José Saer: Het onuitwisbare. Vertaald door Johanna Vuyk. Prometheus, Amsterdam; 173 blz. - Fl. 27.

ILSE LOGIE

Zoals in de vorige boeken van Saer heeft ook in deze ideeënroman, die zich tegen de achtergrond van de Argentijnse militaire dictatuur (1976-1983) afspeelt, de intrige meer weg van een alibi dan van een gespierd verhaal. Hoofdpersonage is de sombere veertiger Carlos Tomatis, publicist en aspirant- dichter. Wanneer hij zich na een zware identiteitscrisis voor het eerst weer op straat vertoont, wordt hij aangeklampt door Alfonso, directeur van de tweederangsboekenclub Bizancio, en meegetroond naar het café waar Alfonso's secretaresse Vilma hen zit op te wachten.

Vreemd genoeg mag Carlos, in wiens ogen voor het overige haast niemand genade vindt, Alfonso meteen, ook al hebben ze, behalve hun hartgrondige afkeer van de door het regime op handen gedragen successchrijver Walter Bueno, weinig met elkaar gemeen. Ooit fulmineerde Carlos in een schotschrift tegen Buenos' bestseller 'Het briesje in het koren', en op grond hiervan dringen Alfonso en Vilma er bij hem op aan het hoofdredacteurschap te aanvaarden van een nog op te richten kritisch tijdschrift. Het hele boek door houdt Carlos de boot af, zegt niet ja en niet nee, is door het voorstel tegelijk gecharmeerd en geërgerd.

De toevallige ontmoeting met Alfonso maakt bij Carlos een hele reeks herinneringen los, die te kennen geven hoeveel inspanningen het hem heeft gekost zich te ontworstelen aan de wurggreep van de chaos, die 'onderste trede' waarop hij zich maandenlang heeft bevonden, blootgesteld aan 'het modderige, zwarte water dat zijn schoenen, zijn sokken, de omslagen van zijn broekspijpen bevuilde' en waardoor hij, als hij niet uitkijkt, opnieuw naar beneden kan worden gezogen. Sinds de dood van zijn moeder, maar vooral sinds de breuk met zijn vrouw Haydée is Carlos door een diep dal gegaan, en op het ogenblik dat hij aan de lezer wordt voorgesteld, is hij er nog lang niet zeker van zich op de moeizaam bereikte 'op één na laagste trede' te kunnen handhaven.

Carlos' ontreddering is mede het gevolg van zijn kijk op de werkelijkheid. Carlos oordeelt namelijk dat de feiten die zich aan hem voordoen, worden gestuurd door een blind toeval 'dat zich koppig herhaalt na een resultaat te hebben verkregen dat domweg voortbestaan mogelijk maakt' en ziet de werkelijkheid als een stuurloze stroom. In de roman zijn het feit dat het onophoudelijk regent, en de in de marge aangebrachte kopjes die de traditionele hoofdstukken vervangen, van deze opvatting de meest in het oog springende symptomen.

Carlos wijdt vele bespiegelingen aan de weerbarstige betrekkingen die de woorden en de dingen met elkaar onderhouden. Hij merkt echter snel dat zelfs de door hem gekoesterde taal het uiteenvallen van de werkelijkheid niet kan afremmen, erger nog, dat ze gevaarlijk kan zijn, aangezien de hoge verhullingsgraad van het doorsnee taalgebruik politiek geweld juist in de hand werkt. Van iemand die 'op een ochtend gecastreerd op een stuk braakland wordt aangetroffen met zijn eigen testikels in zijn mond' wordt immers sinds de junta alleen nog gezegd dat hij 'problemen' heeft gehad.

Door schade en schande leert Carlos dat het verraad sluimert in de geest van de meerderheid en in het kleinburgerlijke fatsoen, en dat het op de loer ligt in de onuitgesproken vanzelfsprekendheid waarmee die meerderheid haar voorkeuren als onaantastbare natuurwetten presenteert. Spottend noemt Carlos dit de religieus-liberaal- stalinistisch-audiovisueel-technocratisch-disneylandiaanse' samenzwering. Die kwade trouw wordt in de roman belichaamd door de gevierde Walter Bueno, die na een knieval voor het regime te hebben gedaan, nu onderhoudende babbels op televisie maakt met onder andere de in wreedheid niet te overtreffen generaal Negri.

Maar niet alleen de opzichtige Bueno dient tot vijand te worden uitgeroepen. Tot welke ijzingwekkende vormen van medeplichtigheid onschuldig gewaande conventionaliteit immers in Carlos' eigen leven leidt, wordt hem opgebiecht door zijn vrouw Haydée. De beschaafde psychoanalytica Havdée bekent dat ze onder druk van haar verfoeilijke moeder hun wat rebelse buurmeisje.de dood heeft ingejaagd door haar geen onderdak te willen bieden, terwijl ze de zorg om de veiligheid van hun dochtertje - 'de kleine meid' - als verzachtende omstandigheid aanvoert.

Tegen de ontnuchtering die daarop volgt, is Carlos niet opgewassen. Hij komt onderaan de metaforische trap terecht waar liters wijn en handenvol slaapmiddelen een tijdlang zijn zelfverlies compleet maken. Langzaam echter vat in hem het besef post dat het enige alternatief voor het 'stromende zwarte water' dat hem bevuilt, onvermijdelijk via compromissen met de huichelachtige buitenwereld moet verlopen.

Daarom staat hij niet echt afwijzend tegenover Alfonso's voorstel, ook al is hij er zich terdege van bewust dat een tijdschrift volstrekt niets vermag tegen een vijand die zijn slachtoffers vanuit helikopters levend in de oceaan gooit. Alfonso's morele onkreukbaarheid, zijn met zoveel klem aangehangen overtuigingen nemen Carlos voor hem in, hoewel ze hem tegelijk met onbehagen vervullen.

Zo is Carlos het bijvoorbeeld helemaal niet eens met Alfonso's opvatting dat kunst een fotografische weergave van de werkelijkheid hoort te zijn. Hij zelf stelt immers vast dat het omgekeerd is, dat de natuur de kunst imiteert, hoewel meestal de voorspelbare kunst, zoals wanneer vader Bueno, zondagsschilder, de banken in zijn tuin okergeel verft omdat deze kleur meer flatteert op doek.

Alles bij elkaar genomen levert Carlos' gepieker een bruikbaar programma voor zelfredzaamheid op. Naast een dagelijkse lauwe douche en een stevige stadswandeling, maakt ook het schrijven van sonnetten daar deel van uit, aangezien het onderbrengen van een gedachte in een literaire vorm voor Carlos de enige onuitwisbare manier is om het 'zwarte water' op afstand te houden. ook Saer is blijkbaar die mening toegedaan, hoewel hij hiertoe de vele pagina's van een roman boven de veertien regels van het sonnet verkiest. In elk geval is hij er in dit prachtige boek alweer in geslaagd ontoegankelijke thema's in een beeldrijke stijl te behandelen, zonder ooit in zwaarwichtigheid te vervallen. Een krachttoer.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden