CultuurKunstbeloften

De Kunstbeloften reflecteren erop los: ‘Dit is een tijd waar films over verschijnen’

Beeldend kunstenaar Pip Passchier: 'Pas op termijn kunnen we zien hoe diep dit dal is en hoeveel schade het aanricht.'Beeld Werry Crone

Alles ligt stil in de cultuur. Dat is spannend voor kunstenaars, maar biedt ook kansen. De Kunstbeloften van Trouw gebruiken de stilte voor bezinning op hun vak en werken aan projecten waar anders geen tijd voor is. Financieel is de toekomst heel erg onzeker, maar dat zijn ze gewend.

Pianist Laurens de Man: ‘Muziek is een luxe, maar doet wel goed’

Laurens de Man voelt zich nuttig ondanks zijn niet-vitale beroep, omdat hij mensen gezelschap kan houden.

Laurens de Man denkt na over zijn rol in de maatschappij.Beeld Werry Crone

Hij vindt het een beetje beangstigend, het virus dat rondwaart en ons allen binnenshuis houdt, maar eigenlijk gaat het best goed met pianist en organist Laurens de Man (26). “Ik ben gezond, en mijn naasten ook. Maar het is wel een rare tijd. Al die opera’s en concerten die niet worden gespeeld, dat vind ik vreselijk.”

Ook zijn eigen concerten gaan tot juni niet door. “Ze zijn uitgesteld tot nader order. Ik bof, want ik heb een vaste aanstelling bij de Utrechtse Janskerk als organist. Daardoor heb ik in elk geval enig inkomen. We bieden nu online vooraf opgenomen diensten aan, met één zanger en mijzelf aan de vleugel of achter het orgel. Het opnemen van de diensten is een hele klus, maar er kijken verrassend veel mensen naar. Zelfs meer dan er zondags in de kerk zitten.”

Er is nu tijd voor het studeren van grotere, moeilijke werken, zoals delen uit ‘Vingt regards sur l’enfant Jésus’ van Messiaen. Daar komt Laurens in normale tijden niet aan toe. Daarnaast ruimt hij op en zo vindt hij nog weleens wat. Laatst dook hij een opname op van de ‘Dreissig Spielstücke’ opus 18 van Hugo Distler, die hij tussen 2015 en 2017 had gemaakt, zomaar voor de aardigheid, op een door een vriend gebouwd orgel. Distler was een Duitse componist, die in de jaren dertig van de vorig eeuw muziek schreef die de Nazi’s afkeurden.

Laurens: “Hij heeft nog geprobeerd bij het regime in de smaak te vallen, maar dat mislukte. Zijn enige uitweg was zelfmoord. Het gekke van deze tijd is dat we nu een druk ervaren die misschien een heel lichte versie is van de oorlogstijd. We hamsteren, hoewel we niet eens de dreiging van honger hebben, en we zitten min of meer opgesloten in huis. Zo ervaren we in heel lichte mate hoe de oorlogstijd was. En daarom voel ik me nu verbonden met die muziek van Distler. Ik heb de hele opname op YouTube gezet.”

Hij heeft nu ook de tijd voor bezinning op zijn bestaan als musicus. Laurens: “Ik realiseer me dat mijn beroep niet bij de vitale processen hoort. Dat doet me nadenken over mijn rol in de maatschappij. Ik besef dat het bijzonder is dat ik van dit niet-vitale werk, muziek maken, kan leven. Muziek is een luxe. Aan de andere kant valt me op dat het veel mensen goed doet om muziek te horen.”

Dat laatste merkt hij bijvoorbeeld aan de Bachkliniek, waar hij onderdeel van uitmaakt, een concept van gezelschap Sounding Bodies. In dat concept geven musici een-op-een-concerten met muziek van Bach. Deze concerten gaan nu ook niet door, maar komen wel online. De filmpjes heeft hij op het orgel in de Janskerk of thuis op zijn clavichord opgenomen. Laurens: “In praktische zin kan ik in deze crisis niets bijdragen, maar ik kan mensen wel digitaal gezelschap houden.”

*

Beeldend kunstenaar Pip Passchier: ‘‘Ik kan nu dieper over mijn werk nadenken’

Pip Passchier reflecteert van een afstand op haar werk, maar voelt geen behoefte corona erin te verwerken.

Pip Passchier: ‘Ik ben gewend aan onzekerheid.’Beeld Bram Petraeus

Pip Passchier reflecteert van een afstand op haar werk, maar voelt geen behoefte corona erin te verwerken.

Pip Passchier (24) is blij dat zij in deze tijden een atelier deelt met twee andere kunstenaars, Hansje Struijk en Bert Scholten. Pip: “Het atelier is groot genoeg om met z’n drieën ver uit elkaar te werken. Af en toe drinken we samen koffie en dan praten we veel over de vreemde situatie waar we nu in zitten. Het is fijn dat we onze routine samen overeind kunnen houden. Hier is het tenminste nog gezellig. Als ik alleen had gewerkt, was ik misschien vaker thuis gebleven.”

Haar agenda ziet er door de ­coronamaatregelen opeens heel anders uit. Pip geeft houtworkshops. Die gaan nu niet door. Haar cateringklussen in de horeca zijn gecanceld, het bijbaantje in een museum ligt stil, de stage voor haar opleiding tot docent beeldende vorming en vormgeving gaat misschien niet door. Pip: “Gelukkig werk ik nog twee dagen in een supermarkt. Daar wilde ik graag vanaf, maar nu kan ik daarmee mijn huur en eten betalen.”

Ze voelt zich, zoals iedereen, licht bezorgd over de gezondheid van haar oudere familieleden. En ze mist de gezelligheid van sociale contacten. Maar in één ding heeft ze een voorsprong op andere mensen. “Veel mensen beseffen nu pas dat het alleen maar leek of ze hun bestaan onder controle hadden. Nu ervaren ze opeens baanonzekerheid en bestaansonzekerheid. Mijn beroep zorgt altijd al voor onzekerheid. Daardoor lijd ik daar niet zo erg onder.”

Het is zelfs wel fijn dat ze even meer tijd heeft voor haar werk zonder dat ze voor opdrachten en tentoonstellingen moet produceren. “Ik kan nu wat dieper over mijn werk nadenken en erover schrijven. Er is ruimte om er van een afstandje naar te kijken in plaats van er middenin te zitten. Dat zorgt voor verdieping. Daar wil ik deze periode echt voor gebruiken. Verder ben ik de publieke kunstinstallatie ‘Please Do Not Run’ (2019) aan het repareren en denk ik na over hoe ik die onderdelen opnieuw kan gebruiken of een nieuwe, vaste plek kan geven.”

Of deze coronaperiode haar inspireert in haar werk, betwijfelt ze. “Ik voel geen behoefte om het in mijn werk te stoppen. Heel af en toe gaat er een lichtje aan in mijn hoofd, maar of het tot iets leidt, weet ik niet. Het is vooral fijn dat ik meer de tijd en de ruimte heb en ik mijn werk verder kan ontwikkelen.”

In de tussentijd is het witbrood met pindakaas eten, zegt ze een beetje cynisch. Financieel wordt het nu lastig voor haar. “Er komen nog wat kleine betalingen binnen, maar dat staartje droogt nu ook op. Ik ben gewend aan pieken en dalen in opdrachten en inkomsten. Op dit moment voelt het daarom nog niet zo ernstig. Pas op termijn kunnen we zien hoe diep dit dal is en hoeveel schade het aanricht.”

*

Acteur Nick Livramento Silva: ‘‘Geen festival, geen optreden, geen geld’

Nick Livramento Silva schrijft nu persoonlijke rapteksten en gaat toch aan de slag met een festivalvoorstelling.

Nick Livramento Silva hoopt dat hij gedisciplineerd blijft.Beeld Bram Petraeus

In normale tijden zou acteur Nick Livramento Silva (32) nu drie keer per week op een school spelen. De overige ­dagen zou hij materiaal verzamelen voor een nieuwe voorstelling, die hij met zijn theatercollectief Dieheleding in het festival­seizoen zou gaan spelen. Maar de scholen zijn dicht en theaterfestivals zijn er deze zomer waarschijnlijk niet.

En dus heeft Nick opeens niets te doen. Dat was de eerste week heel fijn, bekent hij. “Ik had al langer behoefte aan tijd voor mezelf, omdat ik me wilde concentreren op het schrijven van rapteksten. En dan niet voor gebruik in een voorstelling, als tekst voor een ­personage, maar om mijn eigen ­gedachten en gevoelens te uiten.”

Maar nu de vrije weken zich aan elkaar rijgen, hoopt Nick dat hij gedisciplineerd genoeg blijft. “De ene dag gaat het goed, de andere dag wat minder. Ik sport buiten met een huisgenoot, ik mediteer en oefen mijn dj-vaardigheden.

“Wat me helpt, is dat we met de leden van mijn theatercollectief wekelijks vergaderen via Skype. Dan bespreken we hoe het met ­iedereen gaat en waar iedereen mee bezig is. Al weten we nog niet of het doorgaat, we moeten wel ­beginnen met de festivalvoorstelling die we willen maken. Festival Boulevard, dat in augustus in

Den Bosch plaatsvindt, heeft ons al ­geboekt. Als we de voorstelling werkelijk gaan spelen, krijgen we subsidie uit de Jonge Makers Regeling. Maar komt er geen festival, dan kunnen we niet optreden. En komt er geen optreden, dan komt er ook geen geld.” 

Onzekerheid over inkomen is Nick wel gewend. Toevallig is hij tot eind april vanwege de schoolvoorstelling in vaste dienst bij Theater Utrecht. Maar daarna moet het inkomen van de festivalproductie komen. “Gaat die niet door, dan moet ik me verdiepen in de steunmaatregelen voor zzp’ers. Theaters vragen me wel om iets leuks te bedenken voor theater ­online. Dieheleding heeft ook de eigen voorstellingen gratis online gezet. Maar daar verdienen we niets mee.”

Intussen beginnen Nick en zijn collega’s ieder in hun eigen kamer aan de voorbereiding op de festivalvoorstelling. “Het wordt een voorstelling over de vraag of seks kan ­bestaan zonder macht. We gaan daarvoor onze eigen seksualiteit onder de loep nemen. Ieder schrijft teksten, die we vervolgens aan elkaar doorgeven. Tot zover is er geen probleem. Maar er komt een moment dat we moeten repeteren. Het is te hopen dat dat op een gegeven moment weer mag.

“Mocht er geen festival komen, dan gaan we op zoek gaan naar andere vormen om de voorstelling uit te brengen, alleen auditief of als korte film of videoclip. Dan kunnen we in elk geval met elkaar aan het werk. Want dat is belangrijk voor de ontwikkeling van ons collectief.”

*

Filmmaker Zara Dwinger: ‘Dit is een tijd waar films over verschijnen’

Zara Dwinger krijgt nu nog wat subsidie voor het schrijven van scripts, maar maakt zich zorgen om de toekomst.

Zara Dwinger boft dat ze geen film aan het draaien is. Beeld Bram Petraeus

Af en toe lijkt het of ze in een film zit, zegt filmmaakster Zara Dwinger (30). Ze voelt zich ­gelukkig gezond en wel, maar ze is bang voor het ­onzichtbare, ontastbare gevaar dat rondwaart. Zara: “Ik kan me nu al voorstellen dat er later films over dit tijdperk zullen verschijnen. Er zijn veel films die gaan over een dystopie. Nou, dit is er één.”

Zara ziet de mogelijkheden volop liggen. “Denk aan de impact die het virus heeft op relaties. Denk aan de nieuwe vormen van contact die we ontplooien, of beter gezegd: het non-contact. Een vriend van me werd laatst vader en liet beelden zien van de raamvisite van zijn moeder. Zo’n beeld hadden we een paar maanden geleden niet zelf kunnen verzinnen. Al zijn onze gesprekken via Skype niet zo filmisch, de onhandige situaties die erdoor ontstaan, kunnen dat wel zijn. En wat gebeurt er als je in een wereld woont waar niemand naar buiten kan? Stof voor een filmmaker. Ik denk dat nu veel mensen over dit tijdperk schrijven.”

Zelf heeft ze die behoefte nog niet. “Een film maken duurt lang. Op dit moment lijkt het wel interessant om ons huidige leven in quarantaine in een film te beschrijven, maar is het dat over een tijdje nog steeds?”

Ze boft dat ze nu geen film aan het draaien is, want dat zou in de anderhalvemetersamenleving heel moeilijk zijn. Wel is ze aan het schrijven voor twee projecten. En dat kan in alle rust thuis, net als anders. “Ik schrijf met Nena van Driel aan het script voor een jeugdfilm over een tienjarig meisje dat wordt ontvoerd door haar excentrieke moeder. We overleggen via Skype. Daarnaast ben ik in de race voor het maken van een aflevering in een serie telefilms, films voor op televisie. ­Beginnende makers ­mogen inschrijven met een script. Onlangs hoorde ik dat ik door ben naar de volgende ronde. Dat is goed nieuws, omdat ik geld krijg om het voorstel verder uit te werken.”

Ze loopt ook kansen mis. De korte film ‘A Holiday from Mourning’ die ze onlangs maakte, is voorlopig niet te zien. Ze had de film ingezonden bij meerdere festivals. Maar die zijn afgelast. Ook het maken van commercials, waarmee ze normaal gesproken het meeste verdient, ligt nu stil. “De subsidie voor het schrijven van scripts is geen vetpot. Ik zing het nu wel uit, maar maak me wel ­zorgen om de toekomst.”

Ze ziet dat veel kunstenaars hun werk online aanbieden. Musici en acteurs delen korte filmpjes waarin ze vanuit huis te zien en te horen zijn. Zara begrijpt het wel, maar doet er niet aan mee. “Veel kunstenaars vinden het delen van hun werk met publiek belangrijker dan geld verdienen. Ze willen relevant blijven, mensen laten zien dat ze nog bestaan. Maar het maken van een film is een langetermijn­investering. Het schrijven van een script duurt één tot drie jaar. Je hoeft niet de hele tijd te knallen, je hebt juist lange adem nodig.”

Lees ook: 

De financiën van deze kunstbeloften houden geen gelijke tred met hun artistieke succes

Bijna twee jaar na hun afstuderen zijn de vier veelbelovende kunstenaars, die Trouw sindsdien volgt, veel ervaringen rijker. Zelf lesgeven is nu een optie. Financieel blijft het tobben.

Afgestudeerd met hoge cijfers, maar hoe word je daarna kunstenaar?

Ze studeerden veelbelovend af met hoge cijfers. Hoe word je daarna kunstenaar? Trouw volgt de komende jaren vier kunstbeloftes op weg naar hun doel.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden