Klein Verslag

De kritieken op haar boekje waren bijna lustvol, zei ik tegen Griet, en haar ogen glansden

Beeld ANP

Zondag was ik bij Griet Op de Beeck. Ik had een uitnodiging voorbij zien komen van het pr-bureau van de NS om haar te begeleiden van Amsterdam CS naar Utrecht CS. Een 'meet 'n griet', schreef men woordspelig. Ik antwoordde dat ik wel wilde.

Ik stelde me voor dat ik met haar alleen zou zijn, want na die vreselijke kritieken die haar boekenweekgeschenk aan flarden hadden gescheurd, zou ze als een gebroken vrouw aan haar laatste promotieverplichtingen voldoen. En niemand had er meer belangstelling voor. Op die verslaggever van Trouw na dan.

Mijn reactie werd door de NS met vreugde begroet. Ik zou op perron vier het vertrekmoment kunnen vastleggen en met haar mee kunnen reizen naar Utrecht.

Thuis bereidde ik me op ons samenzijn voor. Niet dat ik haar romans had gelezen - om onheldere redenen maak ik altijd een boog om goedverkopende boeken - maar ik had wel dat al te gretig verscheurde Boekenweekgeschenk bemachtigd door een boekje van Toon Tellegen aan te schaffen. Dat was weliswaar afgeprijsd naar tien euro, zodat ik het benodigde bestedingsbedrag van 12,50 niet haalde, maar de boekhandelaar streek met de hand over haar hart.

Ik las Griets novelle en ik moet zeggen: het is geen literair meesterwerk, maar hey, een gegeven paard, en bovendien was het proza zachtmoedig en invoelend voor de 71-jarige, verse weduwe die na 49 jaar sleurhuwelijk een grote liefde vindt. In Afrika.

Ik zat - in mijn hoofd - tegenover haar in de coupé, tegenover Griet bedoel ik (ik mocht Griet zeggen en ge of gij) en vertelde haar over mijn eigen moeder, hoe ook die kort na het overlijden van mijn vader een relatie kreeg, niet met een Afrikaan, maar met de buschauffeur die haar naar Lourdes had gereden en Griet lachte me toe met haar breedste lach, een lach die zeer innemend is, zoals we allemaal nog weten van 'Zomergasten'.

Beeld ANP

Ze vond dat een mooi gegeven, van die buschauffeur, vooral omdat mijn moeder de verhouding geheim wilde houden uit schaamte voor dat veel te korte rouwproces, maar dat dan wel de hele nacht ineens een grote touringcar bij ons voor de deur stond.

Nu het ijs was gebroken begon ik voorzichtig over de kritieken op haar boekje en ik zag ineens de ontreddering in haar gezicht. Die kritieken waren bijna lustvol, zei ik, en wreed. Haar ogen glansden.

Ja, zo kon het gaan. Kon.

Toen ik aankwam op perron vier werd ze omstuwd door cameramensen, fotografen, mensen van de NS. Griet droeg een mooie Pruisisch-blauwe mantel, iets te dun voor de kou. Ze huiverde maar lachte naar de reizigers die om een handtekening in hun Boekenweekgeschenk vroegen. Een conducteur die vroeger boekhandelaar was geweest, legde voor de foto een arm om haar heen en wreef haar even warm.

Ik zag geen gebroken vrouw.

Integendeel. Ze straalde.

Tegen een rode plopkap hoorde ik haar zeggen dat de opdracht voor het schrijven van het Boekenweekgeschenk de natte droom is van iedere schrijver en dat ze er van opwinding drie weken niet van had geslapen.

We wisselden geen woord, geen blik.

Haar haar leek fris gedoucht. De pr-mensen zorgden ervoor dat ze bij de foto's voor een trein stond.

Met het oog van een antropoloog en de pen van een dichter doet Wim Boevink dagelijks verslag over de grote en kleine wereld om hem heen. Lees hier eerdere afleveringen van Klein Verslag.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden