Déjà VuBinnenhuisarchitectuur

De kosmische kracht van bankstel en dressoir

Bank ontworpen door Cor Alons.

Het stempel dat de zondag overleden Jan des Bouvrie op Nederlandse interieurs drukte, was groot. Onder invloed van hem, tijdschriften, tv-programma’s en de opkomst van grote woonwarenhuizen veranderden de binnenkamers van aanzien en bleven ze veranderen. ­Meubels waren niet langer per se een aankoop voor het leven.

Maar die ‘Bouvrie-revolutie’ vertekent ook het beeld. Het misverstand zou kunnen ontstaan dat interieurs voor zijn praktijken enkel donkere ­holen vol met zware meubelen waren. Maar ook daarvoor ontwikkelden smaak en inzichten voortdurend.

Na de Bevrijding kregen nieuwe gedachten al een grotere kans. Het tijdschrift Goed Wonen van de gelijknamige federatie die streefde naar leefbaardere interieurs trok tussen 1948 en 1968 ten strijde tegen de ‘stijlloosheid’ van de meest bepalende omgeving van de Nederlander. Redactiesecretaris Wim den Boon ging daarin nog het verst door ouderwetse inrichting te ­associëren met een gesloten levenshouding en een wat modernere met een open levenshouding. Later verdween het moralisme wat meer naar de achtergrond in het blad. Zo’n hard onderscheid tussen goed en fout lag ook gevoelig vlak na 1940-1945. Het suggereerde haast dat je fout kon zijn na de oorlog, als je toevallig het verkeerde bankstel of dressoir had staan.

‘Ja, ge wrijft uw oogen eens uit’

Voor de oorlog bestond al weerstand tegen de verheven taal en doelen van sommige van de nieuwe ontwerpers. Die schreven bijvoorbeeld: ‘Het is te hopen, dat de geestelijke uitstralingen al dezer voorwerpen, die wij iederen dag gebruiken, spoedig één taal zullen spreken, voortgestuwd door de door menschen begrepen innerlijke kracht van de cosmos.’ Dagblad De Tijd daarover: ‘Ja, ge wrijft uw oogen eens uit en ge vraagt: ik dacht dat u me wat over meubels zoudt vertellen, om ze te ­leeren begrijpen en mooi vinden.’

Dat er na de oorlog langzaam ruimte ontstond voor andersoortige interieurs had alles te maken met de omstandigheden in de wederopbouw. Het land herstelde van de verwoestingen van vijf jaar bezetting. Er heerste woningnood. Veel mensen trokken – noodgedwongen – bij elkaar in. Het werd dusdanig passen en meten dat de vertrouwde, logge meubels ook iets onhandigs kregen. Die kostten bovendien veel materiaal, waar gebrek aan was. Het wel beschikbare rotan rukte op. Gebruik van geperst hout en kunststof werd gewoner.

Verchroomde stalen buizen

Een sleutelfiguur in de ontwikkeling van het vak waarmee onder anderen Jan des Bouvrie groot zou worden was Cor Alons (1892-1967). Hij werkte als meubelontwerper op fabrieken, voordat hij zich in Den Haag als zelfstandig interieurarchitect vestigde. Alons stond voor functionaliteit, het weglaten van ornamentele overdaad, strakke belijning en fabrieksmatig makkelijk te produceren. De grootste bekendheid verwierf hij met ontwerpen waarbij hij gebruikmaakte van verchroomde stalen buizen. Bedrijven en instellingen kochten ze vaker dan particulieren. Veel mensen hadden het niet op die nieuwlichterij, klaagde Alons. De traditionele voorkeur voor zware, houten meubelen was hardnekkig: knus vroeg om knoesten.

Serieus vak

Vanaf 1929 doceerde Alons ook meubelconstructie op de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag. Later werd dat binnenhuiskunst & meubelconstructie, aanvankelijk alleen in een avondcursus, korte tijd later ook als volwaardig deel van het dagonderwijs. Niet langer gold alleen het vormgeven van de buitenkant van gebouwen als volwaardig ambacht: binnenhuisarchitect werd een serieus vak. Alons was de leermeester van tallozen die carrière maakten in die hoedanigheid en die op die manier na de oorlog de Nederlandse binnenkamers voorgoed van aanzien veranderden.

Wat ook bijdroeg waren de grote nieuwbouwprojecten die hielpen om de nood aan behuizing terug te dringen. Het licht en de ruimte van de in snel tempo verrijzende doorzonwoningen en flatappartementen vroegen ook om een nieuw interieurbegin. Moderne meubelen met hun ranke poten, strakke en belijning pasten er goed.

Paul van der Steen bekijkt wekelijks het nieuws door een historische bril.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden