Opinie

De koortsdromen van een vrouwenhater

Toneelgroep Amsterdam met ’Naar Damascus’ van August Strindberg in een sterk bekorte bewerking van Janine Brogt. Stadsschouwburg Amsterdam t/m 12 april, 6, 10 en 23 en 24 mei. Tussen deze data tournee door het land.

Hekken, eigenlijk meer kooien, vormen het opvallendste onderdeel van het decor dat Jean Kalman ontwierp voor de voorstelling van de ’Naar Damascus’-trilogie die gastregisseur Pierre Audi bij Toneelgroep Amsterdam tot stand heeft gebracht.

Die kooien zijn een treffende verbeelding van de dromen en wanen waarin de hoofdrol, de Onbekende en in deze bewerking van Janine Brogt simpel HIJ genoemd, verkeert en waarin de schrijver, de Zweedse toneelvernieuwer August Strindberg, in feite op zijn eigen leven terugkijkt. Immers, anders dan in zijn veel gespeelde stukken ’Freule Julie’ en ’De Vader’, zindert ’Naar Damascus’ van het symbolisme dat eind negentiende eeuw zo’n belangrijke stroming in de kunst vormde.

Die symboliek is veel moeilijker te ontwaren in het tot meters hoog opgeblazen schilderij van Caravaggio uit 1601 dat de bekering van Saulus voorstelt. De tegen de grond geslagen latere apostel Paulus beleeft daar immers het keerpunt in zijn leven, en zo’n keerpunt, zo’n „verlossing” was Strindberg ontzegd.

Hij blijft rondtollen in de haat-liefderelaties met vrouwen, en de felle lichtschichten onder daverende klappen waarmee Kalman de handeling opluistert, alsook de vele foto’s die de geliefde met verblindend flitslicht van hem maakt, brengen hem niet dichter bij wat hij zoekt: „Ik kan niet meer schrijven, daarom wil ik gaan geloven”. De queeste eindigt zoals zij begon: een nieuwe ontmoeting met een vrouw en één die de onmogelijkheid van de relatie al in zich draagt.

Deze dooltocht, die mij als ik eerlijk ben niet echt raakte, geven de acteurs met een lichtvoetig elan en vele geestige momenten gestalte. In de eerste plaats zijn dat Jacob Derwig als de hij en zijn geliefde Karina Smulders. De vele personages die de hij ontmoet en die vaker symbolische reflecties van zijn eigen innerlijk zijn dan reële karakters, vormen een stoet van demonen, hallucinaties en droombeelden die zijn geest omwoelen, en die stoet krijgt in het prachtige spel van deze voortreffelijke acteurs benauwend en tegelijk louterend vorm.

Frieda Pittoors als de moeder van de geliefde, een telkens terugkerende oermoeder, Fred Goessens als de bedelaar, zijn alter ego die de wijsheid lijkt te bezitten waar hij naar smacht, de gek Dragan Bakema, de dokter Leon Voorberg die op de Faustiaanse Mefistofeles is geïnspireerd, de Dies Irae-achtige sybille Kitty Courbois, en de raadselachtige „ander” Chris Nietvelt.

Ook zijn er bijna hilarisch kwade geesten die hem terugtrekken in het moeras van het leven of verder duwen naar de dood: Hugo Koolschijn als de gemelijke grootvader, of als de uitbundige professor van de academie die erkenning lijkt te brengen, en dan weer directeur van het krankzinnigengesticht De Goede Hoop, en Renée Fokker als de cafébazin en andere vrouwen die zijn ambigue vrouwenhaat tot grote hoogten drijven.

De hele weg naar Damascus op je knieën, zoals de hoofdpersoon zijn tocht omschrijft, dat is ook deze voorstelling.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden