Review

De gevoelige eer van een luitenant

Het Oostenrijks-Hongaarse leger voelde zich zo gekrenkt door de publicatie van deze novelle over een lichtgeraakte en licht-bespottelijke luitenant, dat het Arthur Schnitzler zijn rang ontnam.

`Leutnant Gustl`, een novelle die niet veel langer is dan dertig pagina`s, heeft een bijzondere plaats in de wereldliteratuur, omdat er van begin tot eind gebruikt wordt gemaakt van wat de monologue intérieur is gaan heten. Later zou James Joyce die stijl naar een duizelingwekkend hoogtepunt voeren, maar Arthur Schnitzler is hem voor geweest.

Het verhaal speelt zich af in Wenen. Luitenant Gustl is een kort aangebonden jongeman, die `s avonds een bezoek brengt aan het theater. Na afloop, in de drukte bij de garderobe, dringt hij zich naar voren om zo snel mogelijk zijn uniformjas en zijn sabel op te eisen. ,,Een beetje geduld!``, zegt een man naast hem, die hij kent uit zijn stamkroeg. De luitenant: ,,Maakt u toch plaats!`` De ander: ,,U bent niet de enige hier!`` De luitenant: ,,Kop dicht!`` Waarop de ander fluistert: ,,Luitenant, houd u koest. Als u ook maar het minste opzien baart, trek ik uw sabel uit de schede, breek hem doormidden en stuur de stukken naar uw regimentscommandant. Hebt u dat begrepen, snotjongen?``

Beduusd en ten diepste gekrenkt staat de luitenant een ogenblik later op straat. Waarom heeft hij de belediging van die schoft over zijn kant laten gaan? Waarom heeft hij de eer van het vaderland niet verdedigd en hem ter plekke aan zijn sabel geregen? In het Oostenrijks-Hongaarse leger werd destijds van iedere kleinigheid een erezaak gemaakt. Om niets daagden officieren elkaar uit tot een duel.

Luitenant Gustl, die in zijn militaire plicht tekort is geschoten, ziet slechts één uitweg. Hij moet, om zijn schande uit te wissen, zichzelf door het hoofd schieten. Weliswaar heeft geen der omstanders in de garderobe de gefluisterde belediging gehoord. Maar wát, als die kerel het voorval aan zijn vrouw en kinderen vertelt, of, rampzaliger nog, in de kroeg? ,,Dan liever meteen een kogel door mijn kop!``, zegt de luitenant bij zichzelf. ,,Je moet alleen oppassen, goed mikken, zodat je niet zo`n pech hebt als die dienstdoend cadet vorig jaar... De arme drommel, gestorven is hij niet, maar wel blind geworden...`` De volgende ochtend om zeven uur, zo besluit hij, zal hij de hand aan zichzelf slaan.

De rest van de nacht, de laatste nacht van zijn leven, loopt hij in wanhopige gedachten verzonken door het park. Daarvan wordt hij zo hongerig dat hij bij het gloren van de ochtend een ontbijt bestelt in zijn stamkroeg.

Hier hoort hij tot zijn grote opluchting van de ober dat de man die hem heeft beledigd tijdens de nacht is gestorven aan een beroerte, zodat de eer van de luitenant is gered. Wat een stom geluk, dat hij naar zijn stamkroeg is gegaan. ,,Anders had ik me helemaal voor niets doodgeschoten!`` heet het ironisch.

Nog ironischer is het dat de schrijver naar aanleiding van zijn novelle werd beschuldigd van smaad. Op 25 december 1900 verscheen de tekst in het kerstnummer van de Weense Neue Freie Presse. Een halfjaar later werd Schnitzler de officiersrang van luitenant-arts ontnomen, omdat hij met zijn verhaal het aanzien van het Oostenrijks-Hongaarse leger zou hebben geschonden. Daarmee werd het welhaast karikaturale beeld dat hij van de krijgsmacht had geschilderd voor het oog van de wereld bevestigd.

Terloops biedt het verhaal inzicht in de minachting die de Oostenrijkse burgerij aan de dag legde voor vrouwen en joden. ,,Moet ik niet toch eens serieus aan trouwen denken?``, vraagt luitenant Gustl zich op zeker moment af. ,,Valt wat voor te zeggen, thuis altijd een knap vrouwtje achter de hand te hebben...``

En, wanneer hij in het theater een mooi meisje in het oog krijgt: ,,Zij daar is aardig... Zoals ze me aankijkt!... Oja, juffrouw, ik zou wel willen!... O, die neus! - Jodin... Nog een... Niet te geloven, hier is de helft joods.`` Schnitzler nam het in zijn werk dikwijls op voor de vrouw. In zijn verhaal `Droomnovelle` wordt de dubbele moraal gehekeld van een overspelige man die van zijn echtgenote onvoorwaardelijke trouw eist. Ook in dat opzicht hield hij afstand tot de moraal van zijn tijd.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden