Klassiek & Zo Peter van der Lint

De Georgische Anita Rachvelishvili heeft een stem die keihard binnenkomt

Ik beschouw mezelf niet als een groupie. Ik ben niet als die fanatieke liefhebbers die elke productie van hun lievelingsregisseur willen zien, of zoveel mogelijk concerten van hun favoriete dirigent willen bijwonen. Daarvoor tasten ze graag in de buidel, want ja, voor dergelijke internationale sterren betaal je vaak veel en je moet er ook nog eens voor op reis. Helemaal vreemd is een zeker groupiegedrag mij overigens niet, maar het is minder manifest dan zo’n twintig of ­dertig jaar geleden.

En toch is er één stem die wat mij betreft een omweg waard is. Het is de volumineuze en volmaakt egale mezzosopraan van de Georgische Anita Rachvelishvili. Je hebt van die stemmen waarvan je kunt zeggen dat ze keihard binnenkomen. Rachvelishvili bezit zo’n strot. Ik was in de ban van haar vanaf het eerste geluid dat ik van haar hoorde. Gelukkig was ze hier al een paar keer te horen in de ZaterdagMatinee en bij De Nationale Opera, maar de Georgische maakt momenteel een wereldcarrière en dat heeft haar prijs natuurlijk opgedreven. Alle grote operahuizen staan in de rij om haar rollen aan te bieden.

In de Opéra national de Paris maakte ze vorige maand haar debuut als Eboli in Verdi’s ‘Don Carlo’. Voor elke mezzosopraan met power, en dus al helemaal voor Rachvelishvili, is dat de rol die je wil zingen. En voor elke fan is de rol van prinses Eboli de rol waarin je haar wil horen. Dus: kaartje besteld voor de laatste voorstelling in de reeks. Op naar ­Parijs.

Misschien voelde u hem al aankomen

Maar misschien voelde u hem al aankomen, ook godinnen als Anita Rachvelishvili kunnen weleens ziek worden en een optreden afzeggen. Tijdens de voorlaatste uitvoering van de Parijse ‘Don Carlo’ werd ze halverwege de voorstelling al vervangen door een understudy. Het was geen goed teken. Rachvelishvili knapte in de tussenliggende periode onvoldoende op, en daar zat ik in het zwarte pluche van de Opéra Bastille met m’n goede gedrag. Vervangster Marina Prudenskaja kon nog zo haar best doen, en ze was echt goed, je fantaseerde er de hele tijd het geluid van Rachvelishvili bij.

Maar zoals dat gaat in dergelijke gevallen, je neemt je verlies en je verlegt je aandacht. Dan kun je totaal onverwacht door iets anders gegrepen worden. In dit geval was dat de stem van de Australische sopraan Nicole Car. Ik had haar nooit eerder gehoord en hier zong ze op ontroerende wijze de rol van Elisabeth de Valois. Haar echtgenoot is de Canadese bariton Étienne Dupuis, die hier de rol van vrijheidsstrijder markies van Posa zong. Twee geweldig goede zangers volledig op hun plek in de machtig mooie productie van Krzysztof Warlikowski.

Zo verdween de teleurstelling

De dirigent was ook al zo’n verrassing. Fabio Luisi had in mijn ogen een wat saai imago, al weet ik niet waarop dat gebaseerd is. Dat beeld heeft hij volledig doen kantelen. De manier waarop hij de muziek van Verdi dirigeerde deed denken aan de vlammende precisie van iemand als Riccardo Chailly. Die opent vanavond het seizoen van de Scala met een nieuwe productie van Puccini’s ‘Tosca’. Arte zendt het vanavond uit.

Luisi stond na die meesterlijke Verdi een middag later al in de oude Parijse Opéra Garnier doodleuk de hermetische partituur van Aribert Reimanns ‘Lear’ te dirigeren. En ook daarin toonde hij zijn meesterschap. En zo verdween de teleurstelling over Anita’s afzegging naar de achtergrond. Maar een omweg zal ik voor haar blijven maken.

Peter van der Lint schrijft iedere week met aanstekelijk enthousiasme over de wereld van de klassieke muziek.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden