Beeld Trouw

ColumnSylvain Ephimenco

De enige Nederlandse Tourfavoriet als een onderdanige knecht

Ik werd zondagochtend badend in het zweet wakker en schreeuwde mijn nachtmerrie uit: “Iedereen heeft het in Nederland over Jumbo maar ik weet als columnist vrijwel niets van Jumbo!”

Wel kende ik de tv-reclame waarin Frank Lammers een nogal vadsige en lompe Jumbo-klant speelt. Het prototype van de boerse Hollandse man die voortdurend door zijn gezin belachelijk wordt gemaakt. Dat diezelfde acteur bij Netflix nu een drugsbaron speelt in de serie ‘Undercover’ vertroebelt overigens enigszins zijn Jumbo-activiteiten in het promoten van zoete uien en borrelnootjes.

Wat ontdekte ik verder over de supermarktboer? Dat Jumbo een jaaromzet van 8,7 miljard euro in 2019 draaide en meer dan 600 winkels bezit. Maar vooral dat de geboorte van het merk een religieus karakter had: zo werd de eerste supermarkt in 1979 in een voormalig kerkgebouw gehuisvest dat aan het Tilburgse Lourdesplein (!) lag. Maar wacht, er is dus ook een meer profane kant aan de zaak, want Lourdes heeft in de Tourgeschiedenis ook zes keer een Touretappe zien aankomen of vertrekken.

Op naar een filiaal

Om mijn kennisachterstand goed te maken besloot ik een winkel van Jumbo van binnen te bewonderen en fietste richting Gouda. Maar toen ik bij het uitverkoren filiaal Bloemendaal aankwam, met dromen van Johma-salades van drie stuks voor vijf euro in het hoofd, zat de boel op slot. Wegens renovatie gesloten, stond op een affiche. Of ik de 23ste terug wou komen voor de heropening, drie dagen na de Touraankomst in Parijs!

Terug naar huis plofte ik op de bank om toch iets van Jumbo te zien. Ik bedoel die Nederlandse ploeg die maar twee Nederlanders op acht renners telt en waarvan de Nederlandse sportpers dagelijks de loftrompet steekt. De ploeg waarin de enige Nederlandse Tourfavoriet als een onderdanige knecht dagelijks aan kop van het peloton sleurt en 600 meter voor de finish de benen ongeïnteresseerd stil houdt. Wat ik zag op de flanken van de Grand Colombier was zo treurig dat ik ongemerkt een pluk haar uit mijn hoofd trok. In navolging van de Engelse Tourbarbaren van Sky/Ineos die bijna tien jaar lang de Tour vermoordden, sleurden de Jumbo-olifanten als een soort onbeholpen bulldozer aan kop met de bedoeling iedere vorm van spektakel, iedere demarrage onmogelijk te maken.

Ik bad dat Parijs niet zo ver meer zou zijn. Dat dit dorre catenaccio op wielen acht lekke banden tegelijk zou krijgen en hoorde Fausto Coppi zich in zijn graf omdraaien. Op 600 meter van de finish trok Tom Dumoulin zijn pyjama aan en de rest van de favorieten een mondkapje. Over onze Tom laat ik even Jan Janssen (80), eerste Nederlandse Tourwinnaar in 1968, aan het woord (vorige week in een L1-programma): “Dumoulin is te lief. Te lief om wielrenner te zijn. Soms moet je als renner zeggen: de dood of de gladiolen. Er ontbreekt iets aan hem. Dodelijk voor een renner.”

Nu wist ik het zeker: Jumbo in de Tour dat is de boel op slot, de dood in de pot en hopelijk ook geen gladiolen. Dan maar een Johma-salade bij Albert Heijn scoren.

Drie keer per week werpt columnist Sylvain Ephimenco zijn blik op de actualiteit. Lees zijn columns hier terug.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden