Review

De ene Rus of de andere

Het Concertgebouw noemt de ingelijste namen van componisten aan zaalwand en balkon 'De eregalerij'. In de Amsterdamse Stadsschouwburg heet de hoefijzervormig gerangschikte parade van toneelschrijvers, acteurs of schouwburgdirecteur 'Het eerste balcon'. Deze zomer morrelt Trouw aan de muzikale en theatrale beroemdheden, die hun bestaan daar zo gebeiteld en omlijst verzekerd weten. Zijn hun wapenfeiten wel zo vanzelfsprekend? Moet er geen naam wijken voor een levende componist, dirigent, acteur, regisseur of toneelschrijver? Of moet juist een grootse dode alsnog van plaats wisselen met een nóg dodere grootsheid? En waartoe dan wel? Vandaag: Tsjaikovski wijkt voor Moessorgski.

'Tsjaikovski is een uitstekend tweederangs componist.' Met dit twijfelachtige compliment heeft een vriend jaren geleden in één klap het fundament onder mijn geloof in Pjotr Iljitsj Tsjaikovski weggevaagd. Was vroeger de openingsfrase van zijn 'Serenade voor strijkorkest' genoeg om een hele dag op te vrolijken, na die opmerking begon ik hem te vergelijken met Bach, Beethoven, Mozart, Schubert, Chopin en Debussy. En ja, dan ziet het er somber uit voor de Rus. Weliswaar bouwde hij een imposant oeuvre op -ballet, opera, symfonieën, concerten, kamermuziek- maar er is geen één werk dat niet wordt overvleugeld door een vergelijkbaar werk van een andere componist.

Ook in vergelijking met zijn land- en tijdgenoot Modest Moessorgski -de getalenteerdste van het groepje componisten dat de geschiedenis inging als 'Het Machtige Hoopje'- valt de 'tweederangsheid' van Tsjaikovski op. Moessorgski, die op tweeënenveertigjarige leeftijd stierf aan de gevolgen van zijn alcoholverslaving, heeft veel minder werken op zijn naam staan dan Tsjaikovski, die elf jaar ouder werd. Orkestwerken schreef hij nauwelijks. Maar wat er is bruist van originaliteit en innerlijke kracht.

Moessorgski wordt vaak afgeschilderd als een naïef componist die zo'n beetje op intuïtie werkte en zijn inspiratie uit de alcohol haalde. Het is waar dat hij technisch niet sterk onderlegd was -hoe kon het ook anders voor een officier in een garderegiment, die later ook nog ambtenaar bij het ministerie van verkeerswezen werd- maar hij is ook niet de halve gare waar wij hem op grond van dat beroemde, verwilderde portret van de schilder Repin voor houden.

Wel is het waarschijnlijk dat zijn tekort aan kennis over de geldende muzikale regels hem juist de kans bood om nieuwe wegen in te slaan en zijn temperament uit te leven.

Moessorgski was een realist, die niet zoveel om klankschoonheid gaf, maar des te meer om dramatische zeggingskracht. Luister naar de pianoversie van de Poolse ossenkar in zijn 'Schilderijen van een tentoonstelling', die door Ravel werd georkesteerd op een manier die Moessorgski hem nooit na zou kunnen doen. In de ruige oerversie voor piano hoor je een hoogbeladen kar met een wankel wiel en een heel oude os ervoor langzaam dichterbij komen. Op het hoogtepunt voel je de kar bijna over je tenen rijden en ruik je het zweet van de bestuurder. Kom daar maar eens om bij Tsjaikovski.

Of luister naar zijn liederen. Iedereen die de box met alle liederen van Moessorgski door Boris Christoff (kan er geen klein cartouche voor deze bas worden ingeruimd?) heeft gehoord, is onmiddellijk verkocht: zo levensecht klinkt bijvoorbeeld de cyclus 'De kinderkamer', waarin een kind en zijn kinderjuffrouw optreden. Prachtig zoals Christoff zijn bas omvormt tot jongenssopraantje en oude-juffrouwsalt. Of wat te denken van de vreemde melancholieke sfeer van 'Zeg me, kleine ster, waar ben je', de bulderende soldatenliederen of de angstwekkende 'Liederen en dansen van de dood'?

De liederen en pianomuziek van Tsjaikovski daarentegen zijn ontegenzeggelijk charmant, maar veel emotionele zeggingskracht hebben ze niet. Sentimentele salonmuziek, die in de verte doet denken aan Felix Mendelssohn -die andere topper van de b-garnituur.

Tsjaikovski was vergeleken bij Moessorgski maar een keurige componist. Gek op ballet -samen met Camille Saint-Saëns danste hij in tutu 'Pygmalion and Galatea', wat nou juist weer niet zo keurig is- en zeer goed in staat volgens de regels te componeren. Hoewel hij sympathiseerde met de nationalistische ideeën van Het machtige Hoopje, begreep hij niet veel van de oorspronkelijkheid en de dramatiek van Moessorgski. Over 'Boris Godoenov', Moessorgski's meesterwerk, schreef hij: 'Naar de duivel met de muziek van Moessorgski: het is een banale, lage parodie op muziek.'

Een vergelijking tussen 'Boris Godoenov' en Tsjaikovski's 'Jevgeni Onjegin' brengt veel over het temperamentverschil tussen beide componisten aan het licht. Op het hoogtepunt van het drama, vlak voor hij door Onjegin in een duel zal worden doodgeschoten, mag Lenski van Tsjaikovski tijdrekken met een mooie, romantische aria zingen. Zet dat tegenover de eerste woorden van Boris direct na zijn kroning: 'Mijn ziel is triest'. Door Moessorgski's muziek worden we in één klap de met schuldgevoelens beladen gedachtewereld van de tsaar binnengevoerd. De hele opera hou je dat gevoel van innerlijke verscheurdheid bij je. De Volksscènes in beide opera's spreken ook boekdelen. Bij 'Boris' klinkt de rauwe werkelijkheid van het volksleven, de boeren in 'Onjegin' dansen burgerlijke dansjes.

Nu doemt er een probleem op: 'Jevgeni Onjegin' is sinds lange tijd mijn lievelingsopera. Tatjana's briefscène, waarin ze haar liefde voor Onjegin verklaart, is volgens mij een van de mooiste scènes uit de operaliteratuur. Zelfs mijn muzikale vriend die mijn geloof in Tsjaikovski aan het wankelen bracht, heeft dat onlangs erkend. De gemakkelijkste weg is nu om Niels Gade, Louis Spohr of een andere derderangs componist uit zijn cartouche te gooien. Maar dat zou flauw zijn. Nee, nu de rug recht houden: drama gaat voor mij boven schoonheid. Tsjaikovski, daar ga je!

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden