Interview Film

De Dardenne-broers kruipen in het hoofd van een geradicaliseerde moslimjongen

De Waalse broers Jean-Pierre (68, links) en Luc (65) Dardenne. ‘Onze films komen voort uit wat we om ons heen zien en horen.’ Beeld Christine Plenus

De Belgische broers Dardenne onderzoeken in hun nieuwe, bekroonde jongerenportret ‘Le Jeune Ahmed’ een gevoelig onderwerp: ze kruipen in het hoofd van een geradicaliseerde moslimjongen.

Ze zitten naast elkaar op een bankje. Ze zijn allebei in het blauw. En ze vullen zonder haperen elkaars zinnen aan. De Belgische broers Jean-Pierre (68) en Luc (65) Dardenne maken al veertig jaar samen films. Met twee Gouden Palmen voor ‘Rosetta’ en ‘l’Enfant’, meeslepende portretten van jongeren in de marge, behoren de Belgen al een tijdje tot de wereldtop. En er is geen spoor van vermoeidheid te bekennen.

“Ik denk dat het komt doordat we behalve broers ook goede vrienden zijn, die elkaar blijven voeden met vragen, ook als het ingewikkeld wordt”, zegt Jean-Pierre, de oudste van het duo, die vroeger drama studeerde.

“Onze films komen voort uit wat we om ons heen zien en horen”, zegt Luc, die zich bekwaamde in de filosofie. Hij bracht ook de Franse filosoof Emmanuel Levinas in als inspiratiebron voor hun werk. Denk aan het belang dat de broers in hun films hechten aan de face-to-face-ontmoeting met de ander.

Aanslagen

“Na de aanslagen in Parijs en Brussel raakten we niet uitgepraat”, vervolgt Luc. “We vroegen ons af wat er aan de hand is. En omdat we in onze films altijd reflecteren op de tijd waarin we leven, besloten we het te gaan onderzoeken.” 

Het resultaat is ‘Le Jeune Ahmed’, een pakkend drama dat op het afgelopen filmfestival van Cannes werd bekroond met de prijs voor de beste regie en vandaag zijn Nederlandse première beleeft. Zoals wel vaker in het werk van de Waalse broers, die vanuit Luik opereren, gaat het om een intens realistisch en sociaal bewogen portret van een jongere in de knel. Ahmed is een dertienjarige scholier die door een extremistische lezing van de Koran de weg kwijt raakt, een karrevracht hulp krijgt, maar voor niets of niemand meer ontvankelijk lijkt.

Ahmed raakt, mede door de giftige ideeën die een lokale imam in zijn hoofd plant, geobsedeerd door het idee dat zijn lerares onrein is en dood moet. Hij lijkt wel bezeten.

Luc: “Ja, het is een adolescent possédé, een bezeten jongere, om met Dostojevski te spreken. We hebben ons gericht op de enorme kracht van religieus fanatisme: hoe diep het kan gaan en hoe je hele wezen ervan doordrongen kan raken. In ons geval gaat het over de islam, maar in het verleden hebben we natuurlijk ook religieus fanatisme gezien in het christendom.”

Jean-Pierre: “De vraag die we ons stelden, was: hoe kan een jongetje dat aan het begin van zijn leven staat de gevangene worden van een ideologie die gebaseerd is op de dood? En ook nog geloven dat hij daarvoor beloond zal worden?”

Volgens de film is daar geen eenduidig antwoord op.

Jean-Pierre: “We zoeken in onze films altijd naar sociale of economische oorzaken, maar daar ligt de focus deze keer niet. Omdat we niet willen dat de toeschouwer op zeker moment denkt: ah, nu begrijp ik waarom hij radicaliseert. Want zo simpel is het in werkelijkheid niet. Er zijn natuurlijk elementen die een rol spelen in onze samenleving, zoals afkomst en omgeving, maar we wilden fanatisme niet reduceren tot een enkele bron.”

Luc: “Wat ons interesseert, zijn de effecten van religieus fanatisme: hoe het je in een wurggreep kan houden en volledig kan veranderen. In de film is Ahmeds moeder ten einde raad. Ze huilt als ze zegt: ‘Ik hoop dat je weer de oude wordt’. Ze herkent haar zoon niet meer. Hij is een vreemde geworden.”

De film laat in het midden of Ahmed zijn fanatisme te boven komt. Is er in het echte leven hoop voor een jongen als Ahmed?

Luc: “Er is niet echt een sluitend antwoord op die vraag. Alle experts die we tijdens onze research hebben gesproken, zijn het daarover eens. Er is een Franse psychiater met veel ervaring op dit gebied. Toen we hem spraken was hij bezig om in Frankrijk een centrum voor deradicalisering op te zetten. Wat betreft mensen die hun fanatisme al in praktijk hebben gebracht, zei hij niet optimistisch te zijn, verre van dat. Voor degenen die het fanatisme hebben omarmd maar nog niet zijn overgegaan tot daden, was er volgens hem nog wel hoop.”

Jean-Pierre: “Op basis daarvan vragen we ons af of het voor een jonge fanaticus mogelijk is om de weg terug naar het leven te vinden, naar het licht. Of het mogelijk is om uit de vicieuze cirkel van het fanatisme te doorbreken, en hoe zo’n doorbraak dan zou kunnen verlopen.”

Waarom is de keuze op een dertienjarige gevallen?

Jean-Pierre: “Aanvankelijk hadden we een iets oudere jongen voor ogen, een tiener of twintiger met een meer gebruikelijke leeftijd voor aanslagplegers. Maar met een oudere jongen zou er in het verhaal geen keerpunt meer zijn geweest. Tenzij we hadden aangestuurd op een soort romantische oplossing, een happy end. Maar dat voelde heel gekunsteld, en ook weinig respectvol ten opzichte van de slachtoffers. De realiteit is dat de daders die na de aanvallen zijn gepakt, in de gevangenis vaak nog fanatieker worden. Ze vragen niet om vergeving.”

Luc: “Daarom hebben we voor een dertienjarige gekozen, een jongetje dat tussen kindertijd en adolescentie in zit. Het is een typische levensfase om in de ban te raken van iets groters dan jezelf. Het is de leeftijd waarop je wenst dat je leven vervuld is van grote idealen. Dat kunnen idealen van liefde zijn, maar helaas ook van haat.

“Ahmed omarmt het reinheidsideaal dat een lokale haatimam hem voorhoudt. Het is een ideaal dat belichaamd wordt door zijn neef, die als martelaar is gestorven en die zijn rolmodel wordt. Ahmed bijt zich erin vast.”

Hadden jullie met het portret van een geradicaliseerde moslimjongen nooit het gevoel je op gevaarlijk terrein te begeven?

Jean-Pierre: “We hebben geen polemische film gemaakt. We onderzoeken hoe een jonge fanaticus weer plezier kan krijgen in het leven. Hoe we iets kunnen laten zien dat sterker is dan het fanatisme dat Ahmed omhelst. Het gaat om de liefde, zorg en aandacht die hij ontvangt van zijn moeder en lerares, van de vele hulpverleners, en van het meisje op de boerderij waar hij onder begeleiding gaat helpen. Het meisje probeert door zijn schild te breken door iets heel simpels te doen: ze kriebelt met een grasspriet aan zijn wang. Het is ongemakkelijk, maar hij laat het toe, en je voelt dat hij op dat moment een reuzenstap maakt.”

Luc: “De vraag is ook of het publiek van Ahmed kan houden, en begrip kan opbrengen voor het feit dat hij zo ongelukkig is. Ahmed realiseert het zich niet, maar hij is een diep ongelukkige en heel eenzame jongen.”

Lees ook:

Recensie: ‘Le Jeune Ahmed’ raakt je op wonderlijke wijze

Voelt het eerste deel van de film nog wat geforceerd, ‘Le jeune Ahmed’ wordt sterker naarmate Ahmeds ambiguïteit heimelijker en daarmee verontrustender wordt, schrijft recensent Remke de Lange.

Gouden Palm gaat naar Zuid-Koreaanse satire Parasite

Voor het eerst won een Zuid-Koreaan de belangrijkste prijs op het filmfestival van Cannes. Beroemde Amerikanen gingen met lege handen naar huis.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden