Zomertijd in Ierland Literaire diaspora

De buitengewone verbeelding van Ierse schrijvers gaat hun geboortegrond te boven

Oscar Wilde Beeld Getty Images

Grote Ierse schrijvers – Joyce, Wilde, Beckett, O’Brien – keerden hun vaderland de rug toe. Waarom?

Haast iedereen die Ierland bezoekt moet eraan geloven. De groene heuvels, de prachtige kusten, de pubs, de mensen, de dorpjes, Dublin. Ooit bezocht ik er de schrijver Marten Toonder die zich metterwoon in Greystones had gevestigd, die het laatste vooroordeel omtrent Ierland bij mij wegnam: “Het is zeer onrechtvaardig wat ze over het Ierse weer zeggen. Het regent hier zeker wel, maar vaak heel kort en na afloop zie je weergaloze strepen zon op het land.” En behalve beeldschoon is Ierland met z’n pooka’s en kabouters ook nog eens een land van mythen en verbeelding.

Waarom verlieten dan toch zoveel Ierse schrijvers, onder hen de grootste met een Nobelprijs op zak, hun ‘Eiland van Smaragd’ zoals het wel genoemd is? Want kijk maar, Oscar Wilde, George Bernard Shaw, James Joyce, Samuel Beckett, Edna O’Brien, allemaal gingen ze. En ik noem nog een andere nestvlieder, die mijn jeugd en mijn puberteit bepaalde: C.S. Lewis, met zijn ‘Kronieken van Narnia’ voor de jeugd en ‘Brieven uit de hel’ voor volwassen christenen met gevoel voor ironie. Plus talloze andere schrijvers: John McGahern, Brian Moore, en van de huidige generatie Joseph O’Connor (broer van Sinead). Een ware literaire uittocht. Iemand schreef eens dat ballingschap een fetish van Ierse schrijvers is en ‘het is nauwelijks overdreven te zeggen dat zonder ballingschap er geen hedendaagse Ierse fictie zou zijn.’

Samuel Beckett Beeld ANP

Zelf denk ik dat de buitengewone verbeelding van Ierse schrijvers hun geboortegrond te boven gaat en dat ze die in het buitenland beter meenden te kunnen ontwikkelen. Ook ligt het voor de hand om in ballingschap je geboortegrond te verheerlijken. Armoede en alcoholisme, twee favoriete ingrediënten van de Ierse literatuur, klinken van buitenaf wellicht exotischer dan wanneer je er dagelijks tegenaan loopt.

Men heeft liever Ierse roots dan poten in de Ierse klei

Is het land zelf dan misschien meer iets voor toeristen dan voor literatoren? Of voor buitenlandse schrijvers, zoals genoemde Marten Toonder, of Simon Vestdijk die twee romans aan Ierland wijdde. Of J.J. Voskuil die ooit over Ierland schreef: “Ik had hier drieduizend jaar geleden best boer willen zijn.” En laten we A. Roland Holst niet vergeten met onder meer zijn Deirdre en de zonen van Usnach, een Ierse sage. Maar nee, ook bij hen toch vooral fantasie, Vestdijk bezocht Ierland zelf nooit en Voskuil vond het hedendaagse Ierland verpest. En Holsts Deirdre is toch ook een beetje nep.

Intussen staat de literaire braindrain van Ierland niet op zichzelf maar maakt ze deel uit van een grotere Ierse exodus. Ierland is zonder concurrentie het land met het grootste contingent uitreizigers in Europa, het bezit zelfs een minister voor diaspora. Zo’n 80 miljoen mensen claimen op een of andere manier een Ierse achtergrond te hebben, tegen slechts 7 miljoen Ieren in Ierland en Noord-Ierland zelf. Overigens worden naast evidente emigranten-Ieren als John F. Kennedy ook zulke onwaarschijnlijke prominenten als Chaim Herzog, Charles de Gaulle en Mohammed Ali (grootmoeder met Iers bloed) tot de Ierse diaspora gerekend. Men heeft kennelijk liever Ierse roots dan poten in de Ierse klei.

James Joyce Beeld TR Beeld

De gemiddelde Ierse emigrant was een economische gelukszoeker, maar van schrijvers weten we vaak niet wat ze precies bewoog om te vertrekken. James Joyce wilde gewoonweg niet in Ierland wonen, vertrok naar het continent, woonde in Triëst, Zürich en Parijs en liet als men hem vroeg waarom hij uit Ierland was weggegaan weten: “Heb ik het ooit verlaten?” En inderdaad: zijn werk bleef zich in Ierland afspelen, met name in zijn geboortestad Dublin, dat wat hem betreft stond voor alle steden in de wereld. Ook de motieven van George Bernard Shaw zijn onduidelijk. Ik denk dat vooral familieomstandigheden hem ertoe brachten. De Shaws waren van Engelse afkomst en toen zijn ouders uit elkaar gingen en zijn moeder in Londen stierf, waar hij haar begrafenis bezocht, keerde hij simpelweg nooit meer terug. Het verhaal van Oscar Wilde is duidelijker, hij studeerde in Oxford, glorieerde in Engeland en vertrok na zijn gevangenisstraf naar Frankrijk, waar hij als een gebroken man stierf.

George Bernard Shaw. Beeld Getty Images

Cultuur die op schaamte is ingesteld, niet op schrijven

Een uitgesproken motief leverde Edna O’ Brien die in 1954 naar Londen verhuisde. Ze zei dat Ierland haar verstikte en: “Ierland is een godsdienstige gemeenschap, met een cultuur die niet op schrijven is ingesteld, maar op schaamte.” Daar kun je je iets bij voorstellen na de Censorship of Publications Act uit 1929, uitgevaardigd door de Ierse Republiek, die lang na bleef werken. Schrijvers werden geacht Ierse, katholieke en morele waarden uit te dragen. “Je mag de vuile was niet buiten hangen. Ik ben het daar helemaal niet mee eens. Ik vind dat de schrijver zich niet af moet keren van het wrede in een samenleving.” Inmiddels heeft deze ‘Solzhenitsyn van Ierland’ wel een karrevracht aan Ierse eerbewijzen ontvangen.

De meeste Ierse schrijvers in ballingschap namen Ierland gewoon mee in hun hart. Ook omdat hun nieuwe land ze misschien juist wel wees op de Ierse aardigheden. C.S. Lewis bijvoorbeeld zocht in Engeland vooral het gezelschap van mede-Ieren: “Immers, het lijdt geen twijfel dat de Ieren het enig ware volk zijn, met al hun fouten, ik zou niet tussen andere mensen willen leven of sterven.” Edna O’Brien beschreef omgekeerd haar eerste impressie van het voor ons continentale gevoel toch aardig verwante Engeland als die van een barse en onpersoonlijke rimboe, waar zelfs de duiven uit een fabriek leken te komen.

Edna O’ Brien Beeld Getty Images

Maar misschien zijn al die geëmigreerde Ierse schrijvers ten diepste wel volgelingen van de heilige Brandaan, die in de zesde eeuw uit Ierland vertrok om de waarheid te onderzoeken en te verkondigen. Samuel Beckett bijvoorbeeld, zelf naar Frankrijk vertrokken, om daar van een heuse geheelonthouder een echte drinker te worden, hamerde er altijd op dat Yeats, de grote dichter die trouwens gewoon in Ierland bleef, geen typisch Ierse dichter was, zoals de nationalisten graag beweerden, maar een dichter voor de hele wereld.

Misschien keert intussen het tij langzaam. Niet alle Ierse schrijvers slaan tegenwoordig nog op de vlucht. Hedendaagse, internationaal gewaardeerde auteurs als Anne Enright en Sally Rooney wonen zonder verhuisplannen in Ierland. En ook John Banville, de Nabokoviaanse tovenaar die van mening is dat reizen je horizon vernauwt en die zijn brein aan The Little Museum of Dublin heeft gedoneerd om te laten zien hoe klein het is, blijft thuis. Allemaal wonen ze gewoon in Dublin, zoals Nederlandse schrijvers in Amsterdam wonen (of in Rotterdam, of in Utrecht).

Lees ook:

Arm, dronken en katholiek

Vader verdrinkt de centen, moeder krijgt elk jaar een baby, en het regent onophoudelijk. Het clichébeeld van de arme, ongelukkige Ierse jeugd doet het goed: in de boekhandel en de bioscoop. Maar er zijn tegengeluiden. Drie onlangs vertaalde romans mijden het Kruimeltje-sentiment en wekken twijfel aan de populaire sjablonen over het barre moederland.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden