Tv-column

De bevrijding kende vele verliezers, weet ook Philip Freriks

De beschieting op de Dam, twee dagen na de Duitse capitulatie.Beeld Maaike Bos

De menigte muisstil, alleen het geluid van klapperende vlaggenmasten op een volle Dam; ik zal het missen. Dodenherdenking in Amsterdam is een van de indrukwekkendste momenten van het jaar.

Nu had de Damschreeuwer in 2010 al de onbevangenheid weggenomen, en ik herinner me ook de scherpschutters op de daken in de jaren van verhoogde terreurdreiging. Dit jaar heeft een onzichtbaar deeltje de hele bijeenkomst lamgelegd. Vrijheid is ook veiligheid.

Maar vrijheid en bevrijding zijn niet zwart-wit. De afgelopen zes weken liet Philip Freriks dat in zijn zaterdagprogramma ‘In de voetsporen van de bevrijding’ (Max) zien met unieke verhalen en historische filmbeelden. Ik schrok weer van de beelden van de Dam, twee dagen na de Duitse capitulatie, op 7 mei 1945. Een grote menigte vierde de bevrijding toen Duitse soldaten vanuit een gebouw bij de Kalverstraat het vuur openden. Ratatatata. 34 doden en ruim honderd gewonden, na ‘de bevrijding’.

Hoe konden die kerels daar überhaupt nog met wapens en al zijn? Freriks zoekt dat niet exact uit, maar laat wel zien dat het met de ontwapening en aftocht niet liep. Er waren geen geallieerde manschappen voor, en de Duitsers moesten zelf maar hun wapens inleveren. Wist u dat? Ik niet. Op reportagebeelden leggen de soldaten hun wapens op metershoge stapels. Nu snap ik dat enkelingen een ­geweer voor zichzelf konden houden. Net zo bizar zijn de beelden van de soldaten die gewoon naast de burgers te voet en met huifkarren op weg terug naar Duitsland liepen.

Het zijn die details die zo’n oorlog inkleuren. Programma’s als deze zijn belangrijk in het optekenen van de verhalen nu de getuigen nog leven. Enthousiast tv-maker Philip Freriks doet dat goed: nieuwsgierig en onbevooroordeeld. Hij spreekt net zo open met de Canadese veteraan Don White als met de zoon van een NSB’er of met een vroegere Duitse soldaat die als zeventienjarig groentje opgeroepen werd. ‘De vijand’, dat waren niet allemaal beesten. (Iets wat ik in de indringende Duitse serie ‘Unsere Mütter, unsere Väter’ op NPO3 tot diep in de nacht doorvoelde. Het Duitse perspectief is even slikken maar kijk het vooral terug).

Niet voor iedereen een feest

Ook het verhaal van Guus Baumeister was cru. Zijn Duitse, antinazistische vader woonde al sinds 1931 bij zijn Nederlandse moeder, maar moest toch in Duitse dienst. Bij een razzia stierf hij samen met de gepakte verzetsstrijder Theo Klever, maar niet nadat ze samen gebeden hadden. Zoon Guus is nu welkom bij de Klever-herdenking.

Omgekeerd was de bevrijding niet voor iedereen feest, hoort Freriks. Op Texel verloor Harry de Graaf na de ‘Russenoorlog daar’, op 18 mei 1945 alsnog zijn ouderlijk huis toen een munitiewagen voor de deur ontplofte. En de Amsterdams-joodse Betty Metselaar wachtte na de onderduik bij een Friese boer vergeefs op haar ouders. Pas eind juli 1945 haalde een tante haar zusje en haar op. “De bevrijding? Ik kan er niets moois aan ontdekken”, zegt ze.

Zelfs Freriks eigen broer Jan (9) kwam om bij de bevrijdingsstrijd in Groningen toen het huis van opa en oma beschoten werd.

“De bevrijding kent vele verliezers”, spreekt Freriks dichterlijk. Ik hoop dat hij nog langer die wonderlijk verteller blijft van al die ambigue verhalen die snel nog verteld moeten worden.

Vier keer per week schrijven Renate van der Bas en Maaike Bos columns over televisie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden