De 36ste Nacht van de Poëzie: De dichters zijn dood. Leve de dichters!

Ester Naomi Perquin tijdens de Nacht van de Poëzie in 2015 Beeld Wikimedia Commons

De 36ste Nacht van de Poëzie sloot zaterdag het tweewekelijkse Internationale Literatuurfestival in Utrecht af. Een heerlijke poëzieavond met mooie optredens van Delphine Lecompte, Radna Fabias, Rodaan Al Galidi, en zingen en zwieren met Willeke en Shirma.

Dat de dode dichters hun stempel zouden drukken op de 36ste Nacht van de Poëzie viel te verwachten. Men sprak al van ‘de gedoemde generatie’ nu dit jaar F. Starik en Menno Wigman een voortijdige dood stierven, nadat eerder al Wim Brands en Joost Zwagerman te vroeg zijn overleden. 

Het motto van de nacht kwam van F. Starik: ‘Ik spreidde mijn armen en dreef door de nacht’. De eerste optredende dichter (Vicky Franken) schreef een gedicht voor Menno Wigman van wie zij van jongs af aan alles las. Later zijn er nog odes aan Wigman en F. Starik van Thomas Möhlmann. ‘Wat zijn er al veel dichters dood’ verzucht een buurvrouw bij de op groot scherm geprojecteerde foto’s van eerdere ‘Nachten’. Alsof het een met uitsterven bedreigde diersoort is, een ten dode opgeschreven stam.

Maar zo is het toch niet, want het werd een sprankelende, intense poëzienacht, zaterdag in Tivoli/Vredenburg in Utrecht. De dichters zijn dood. Leve de dichters! En dan met name de ‘import’-dichters en de vrouwen! 

Bij de aankondiging van ‘éminence grise’ Judith Herzberg, zei Piet Piryns, die om beurten met ‘Dichter des Vaderlands’ Ester Naomi Perquin de nacht presenteerde, al dat de tijden veranderd zijn in vergelijking met Herzbergs eerste ‘nacht’ in 1982. Toen was zij een van de drie aanwezigevrouwen, naast acht en twintig mannen. Nu zijn er acht dichteressen naast elf dichters. 

Depressieve dwerg

Worstelt Judith Herzberg nog wat met het rode lichtje dat haar voortijdig het podium lijkt af te sturen, na haar krijgt Kreek Daey Ouwens ("wier naam alleen al poëzie is”, aldus Piryns) de zaal muisstil met haar priemende ogen, zachte Vlaamse stem, heldere zinnen. Schitterend is ook het optreden van Delphine Lecompte, op school ‘de depressieve dwerg’ genoemd, die droog dicht over haar hekel aan ‘keurigheid in jonge mensen’. En later ‘nieuwkomer’ Radna Fabias die met gejuich wordt begroet en dan de zaal bezweert met melodieuze, geestige, krachtige gedichten (‘dat is het troebele vocht dat uit een spaanse perzik langs zijn lippen loopt en ik ben helaas het vocht en de perzik en elk ander handzaam, zacht, zoet, sappig fruit want ik ben een vrouw’).

Gelachen wordt er om Anneke Claus (‘mijn man ligt in een greppel de biodiversiteit ervan te waarderen’), om Ted van Lieshout met zijn valse gedichten vanuit het perspectief van een twaalfjarige die haar vechtscheidende ouders observeert. En om Rodaan Al Galidi die uitlegt waarom Nederland geen grote dichter heeft – iets met transportkosten en verzekeringen en de weigering om Remco Campert in te ruilen voor Shakespeare.

Een heerlijke poëzieavond zonder wanklank dus. Afgezien van wat ‘poëtische relletjes’ om zitplaatsen die bezet worden gehouden, terwijl het publiek in de uitpuilende zaal is opgedragen om ‘verdraagzaam en beweeglijk’ te zijn. Dat lukt wel goed tijdens de als altijd campy ‘entre-actes’. De 74-jarige Willeke Alberti, die in zwierige rode jurk over het podium swingt en springt, weigert verzoeknummer ‘Morgen ben ik de bruid’ maar zingt wel ‘Telkens weer’ - en krijgt zo de hele zaal aan het zingen. Souldiva Shirma Rouse krijgt met hits van Aretha Franklin iedereen aan het dansen en bij de Franse liedjes van ‘Eddy et les vedettes’ gaat het dak eraf.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden