Corruptie, armoede: hier verandert niets

Zijn als ’Slumdog Millionaire’ verfilmde debuut maakte Vikas Swarup wereldberoemd. Net zo beroemd als Aravind Adiga, wiens debuut ’De witte tijger’ bekroond werd met de Booker Prize. Van beide Indiase schrijvers is nu een tweede roman uit.

Met een debuut laat je weten dat je bestaat, met je tweede boek maak je de belofte waar. Dat zou zeker moeten gelden voor zulke immens succesvolle debutanten als de Vikas Swarup en Aravind Adiga.

Swarups debuut ’Q and A’ was een inventief geconstrueerde, maar weinig pakkende roman. Dat filmmaker Danny Boyle het boek nogal vrij interpreteerde, was dan ook hard nodig.

Ook de opvolger van ’Q and A’ heeft veel van een raadsel dat door een scenario ontward moet worden. Zes mensen introduceert Swarup: allen zouden de moordenaar kunnen zijn van Vicky Rai: een arrogante, verwende, vrouwen-mishandelende, moordlustige zoon van een al even abjecte politicus-maffialeider. De man die het mysterie op moet lossen is Arun Advani, een journalist met een missie, want hij is al jarenlang bezig de snode daden van Vicky en zijn vader aan het licht te brengen. Vergeefs overigens, want Swarups India is te corrupt om enig recht te laten geschieden. (Een lovenswaardig standpunt, zeker als je bedenkt dat Swarup een Indiase diplomaat is: eerlijkheid voor alles!) Die wetteloosheid houdt onze held overigens niet tegen.

Toch horen we maar weinig over Arun Advani, want Swarup zwenkt rusteloos heen en weer tussen zijn personages, samen ’een zootje ongeregeld, een eigenaardige melange van the bad, the beautiful and the ugly. Zo ontmoeten we naast de corrupte vader zelf een ex-ambtenaar (natuurlijk ook corrupt), een Amerikaanse wannabe filmproducent, een beroemde (en natuurlijk verlepte) Bollywood-actrice, een inboorling uit één van de armste gebieden van India (van de toch al niet erg geslaagde portretten is dit wel de meest belabberde) en een kruimeldief uit de sloppenwijken: dat type duikt tegenwoordig in alle Indiase romans op.

De ratio achter de alternerende vertellers is even helder als vervelend: ze lijkt bedoeld om een heleboel in één hoofdstuk te proppen.

Slecht uitgewerkte karakters hebben daarbij de overhand en de misdaden die Swarup noemt, zijn de sensationeelste die het afgelopen decennium de Indiase pers haalden: de rijke jongeman die stomdronken achter het stuur kruipt en een stel daklozen neer maait, de corrupte politicus die iedereen die hem in de weg zit laat omleggen, de rijke, verwende jongeren die tijdens een feestje beschermde dieren afslachten en denken daarmee weg te komen.

Maar waar het boek nu echt over gaat? Aan moralistische passages is geen gebrek: „Hoe eerlijk je je brood ook verdient, je kunt altijd beschuldigd worden van diefstal en in een cel gegooid worden, simpel en alleen omdat je arm en machteloos bent”, weet de kruimeldief. Maar daarmee doet Swarup toch weinig meer dan tonen dat hij zich echt wel bewust is van India's maatschappelijke realiteit. Maar zulke verwijzingen naar algemeen bekende feiten over misdaad en (gebrek aan) straf in India maken zijn rusteloos switchen tussen personages niet goed, noch zijn vaak geforceerde dialogen en onhandige vertelstijl. De film wordt vast beter.

Adiga is een heel ander geval. Zijn eerste roman, die ik destijds typeerde als ’een beetje licht’, was bepaald wél goed geschreven. In de opvolger gaat hij een stap verder. Hij construeert niet, zoals Swarup, een misdaad, maar een complete denkbeeldige stad: Kittur, gelegen aan de Zuid-Westkust van India, vlakbij Calicut in Kerala – en beslist niet in de buurt van Calcutta! Is het te veel gevraagd van een vertaler of redacteur om een atlas te raadplegen?

Bij het bedenken en verbeelden van dit denkbeeldige stadje, van de markt tot de pornobioscoop, van de club in Engelse stijl tot de door missionarissen gerunde scholen, gaat Adiga uiterst zorgvuldig te werk. Net als Swarup gebruikt hij het bijzondere om de bredere realiteit van India op te roepen: hij bevolkt de stad met armen en rijken, met machtige, corrupte, en hulpeloze mensen.

Misschien is dit inderdaad het echte India, het verhaal is in elk geval herkenbaarder dan Adiga's debuut, dat het door armoede geteisterde achterland afzet tegen het India als opkomende technologische macht.

In de onderling verbonden verhalen van ’Tussen de aanslagen’ herkennen we het prototype van de Indiase stad die al decennia, zo niet langer, met dezelfde problemen worstelt. Hier leven, in de marges van de geschiedenis, hindoes, moslims, katholieken, hoge en lage kasten, Tamils en Kannada naast elkaar, zich bewust van elkaars aanwezigheid, maar nauwelijks in elkaar geïnteresseerd, behoedzaam opererend in het openbare leven, soms harmonieus, soms zwichtend voor geweld. Een stad in zo'n immens groot land, dat de grenzen ervan iets imaginairs krijgen: „India, de rivier de Ganga, de wereld buiten India -, waren die wel werkelijk?”

De rijken worden rijker, de armen armer - in elk geval komen ze niet vooruit. Zijn kritische toon verbindt Adiga aan R. K. Narayans Malgudi, al mist hij de zachtmoedigheid en warmte van deze Indiase schrijver. Adiga heeft engagement nu eenmaal op zijn voorhoofd staan, en zijn verhalen zijn dan ook vooral interessant als schets van het Indiase leven: de whisky zuipende zakenman, de dagloner die altijd pech heeft, die wordt opgelicht en in elkaar geslagen, de kastebewuste bediende die door haar eigen soort wordt verraden, de journalist die ontdekt dat macht corrumpeert en dat er nooit iets verandert.

Swarup en Adiga's romans hebben veel gemeen: het zijn beide visies op het moderne, corrupte, maar levendige India, getekend met humor en met zorg in elkaar gezet. Maar alleen Adiga bewijst zich als schrijver. ’Tussen de aanslagen’ is weliswaar minder gepolijst dan ’De witte tijger’, maar wel interessanter. En Swarup? Materiaal voor een film.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden