Boekrecensie

Cees Nooteboom beschrijft de schoonheid van het zinkende schip Venetië

Cees Nooteboom in Venetië. Beeld Getty Images

Cees Nooteboom dwaalt door Venetië en bezingt de schoonheid van deze bedreigde stad.

Als je Cees Nootebooms liefdevolle proza over Venetië leest, zou je bijna vergeten hoe slecht het is gesteld met de oogverblindend mooie lagunestad: bedreigd met verdrinking door verzakkingen en stijgend water, belaagd door astronomische aantallen toeristen. Venetië is op weg een pretpark te worden, compleet met toegangspoortjes en entreegeld. Het door Nooteboom opgetekende gerucht dat ‘zo ongeveer alle Venetianen ’s avonds hun zinkende schip verlaten’ is inmiddels grotendeels bewaarheid.

Al sinds de Middeleeuwen werkte de machtige en welvarende republiek als een magneet op een oneindige stoet van schilders, architecten, componisten, musici, schrijvers, dichters, filosofen, filmmakers, academici en intellectuelen. En vrijwel zonder uitzondering voelden deze illustere toeristen de noodzaak om hun indrukken en ervaringen van Venetië vast te leggen. In het geval van Nooteboom mondde een decennialange obsessie uit in een caleidoscopisch boek met korte bespiegelingen, kleine essays over Venetië’s geschiedenis, literaire reflecties, levensschetsen van de mensen achter de standbeelden, intrigerende gesprekken over én met Venetiaanse schilderijen.

En verder zijn er natuurlijk de prachtige verhalen van Nootebooms dwaaltochten door de stad van vroeger en nu: eindeloze wandelingen die hem, soms heel onverwacht, voeren naar de zo schaarse rustige en nog enigszins authentieke plekjes van de Venetiaanse eilanden. “Soms moet je van al te veel schoonheid genezen door het andere Venetië op te zoeken.” En zo ontdekt hij dat kleine, donkere café, dat kleine pleintje, dat vergeten eiland, die ene tuin, gewone mensen, en vooral: veel minder mensen. Iets van de magie krijg je mee in de sfeerfoto’s van Simone Sassen die Nootebooms proza completeren. Maar heel soms wordt zo’n gelukzalig moment toch nog verstoord door een voorbij schuivend onheilsteken, “het enorme witte silhouet van een gigantische cruiseboot”.

Vermenging van alle zintuigen

De overdadige verbeelding rond Venetië leidt natuurlijk tot overlappingen, herkenbare, soms zelfs clichématige beelden. Ook Nooteboom grijpt vaak terug op ‘een al eeuwenoude conversatie’ die zijn grote voorgangers voerden met en over Venetië: Nootebooms verre van volledige lijst is al indrukwekkend: “Proust, Ruskin, Rilke, Byron, Pound, Goethe, McCarthy, Morand, Brodsky, Montaigne, Casanova, Goldoni, Da Ponte, James, Montale.”

Venetië is een labyrint, bij dag, bij nacht en vooral wanneer het wordt gehuld in een uit de lagune opdoemende mist. Venetië is een vloeibare stad waarin eeuwenoud kleurig marmer en steen naadloos overgaat in duister water. Venetië is bij uitstek de stad van nostalgie en dood, waarin ook Nooteboom zich overal omringd voelt door talrijke ‘schimmen en de herinnering aan schimmen’ en waar hij veel tijd doorbrengt op het dodeneiland San Michele en het joodse kerkhof op het Lido. En net als zovelen fantaseert hij over Venetië’s vorm van bovenaf: is het een knie, een vuist of een garnaal? Misschien is toch het beeld van de Venetiaanse auteur Tiziano Scarpa het meest suggestief: Venetië is een vis, die spartelt aan een lijn die haar met het vasteland verbindt.

Beeld De Bezige Bij

Door veel van haar illustere toeristen, en zeker ook door Nooteboom, wordt Venetië ervaren als feest, begoocheling, spiegeling en vermenging van alle menselijke zintuigen. Het is deze vermenging van zintuigen die vaak de grenzen tussen werkelijkheid en fictie doet vervagen of verdwijnen. Nooteboom citeert Louis Couperus: “deze stad is een droom en een fabel; zij is niet werkelijk, zij bestaat niet… wij verbeelden ons haar!” Hij constateert dat sinds Couperus Venetië eigenlijk onveranderd is. Maar tegelijk is er bij de latere schrijver ook een gevoel van eindigheid. In een van de origineelste hoofdstukken, dat over de ontelbare houten, bronzen, marmeren en gipsen leeuwen van Venetië, verbeeldt Nooteboom zich de catastrofale verdrinkingsdood van Venetië. Bij haar ondergang ziet hij hoe al haar leeuwen zullen ‘opstijgen als een dodelijk eskader’ nog één keer rond de Campanile vliegen ‘met het geluid van honderd bommenwerpers’, en dan verdwijnen ze ‘over de lagune als een machtige zonsverduistering en laten de zinkende stad alleen’.

Wat dan zal overblijven is het visioen, het droombeeld dat Venetië in feite altijd al was.

Oordeel: prachtige dwaaltochten vol lyrische metaforen.

Cees Nooteboom
Venetië. De leeuw, de stad en het water
Met foto’s van Simone Sassen 
De Bezige Bij; 240 blz. € 24,99

In ons dossier boekrecensies vindt u een overzicht van de besprekingen van pas verschenen fictie, non-fictie, jeugdliteratuur en thrillers.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden