Muziekrecensies

CD's op vrijdag: stilte, contrast, verrassing, en andere onvergetelijke ervaringen

Sharon van Etten Beeld TRbeeld

De muziekredactie verheugde zich deze week met de nieuwe Sharon van Etten en De Staat. Of wat te denken van Till Fellner die Beethoven en Lizt onder handen nam. Maar de verrassende composities van drummer Tyshawn Sorey en ‘Ein Deutsches Requiem’ in de uitvoering van Daniel Reuss overdonderden pas echt:  vijf sterren.

Het draait om de stilte, contrast, verrassing

JAZZ | Tyshawn Sorey

Pillars IV (Firehouse12)

★★★★★

Als een reiger. Wie drummer Tyshawn Sorey heeft zien spelen, weet hoe de Amerikaan schier ­eindeloos kan wachten. Nagenoeg bewegingloos zit hij achter zijn drumstel en kijkt zo afwezig dat het publiek bijna begint te denken dat Sorey helemaal is vergeten dat hij optreedt.

Dan ineens slaat hij toe. Met een roffel of een enkele klap die compleet uit het niets lijkt te komen. Of met een van zijn vele onorthodoxe technieken, zoals hoesten op de snaredrum of het verfrommelen van een plastic flesje. Live heeft dat zeker ook een cabaretesk effect, maar het gaat Sorey in de eerste plaats om het geluid. Weinig ­drummers zijn zo met de klankkleur bezig als hij.

Niet verbazingwekkend doet hij zich de laatste jaren steeds meer gelden als componist. Een heel ­eigenzinnige bovendien die op zijn nieuwste plaat ‘Pillars IV’ bijvoorbeeld met maar liefst vier bassisten werkt. Hoewel de muziek op ‘Pillars IV’ duidelijk refereert aan klassieke componisten als Morton Feldman en Karlheinz Stockhausen komt ­Sorey uit de jazz. Binnen dat genre is de compositie lang een onderschoven kindje geweest. Uitzonderingen daargelaten kozen veel jazzmusici meestal voor een bestaande melodie waarop ze improviseerden. Sommige soorten jazz bestaan goeddeels of zelfs volledig uit improvisatie. Dat niemand weet, ook de musici niet, wat er gaat gebeuren, verhoogt de spanning van die muziek, maar de afwezigheid van controle kan er ook voor zorgen dat een inbreng of zelfs een heel nummer niet uit de verf komt.

Sorey ondervangt dat probleem door compositie en vrije improvisatie niet alleen te combineren, maar in het laatste geval ook als dirigent op te treden. Dat doet hij niet als eerste, maar hij doet het verbluffend goed. Al duurt de plaat een kleine tachtig minuten, nergens verflauwt de ­aandacht, niet bij de musici, niet bij de luisteraar. Want het is opwindende muziek die draait om stilte, rust, contrast en verrassing. Genuanceerde muziek, waarbij de manier waarop een noot gespeeld wordt, even belangrijk is als die noot zelf. De gitaar een fractie harder of juist zachter aanslaan. Een toon op trompet net wat scheller spelen of met een heel klein beetje meer valse lucht.

Opvallend voor een componerende drummer is dat er zelden een duidelijke beat is. Sterker nog, op grote delen van het album zijn helemaal geen drums te horen. Tot Sorey dan toch ineens weer invalt en met bijvoorbeeld harde bekkenslagen en het opmerkelijk diepdonkere geluid van zijn basdrum de muziek compleet verandert.

Even maar. Dan is het helemaal stil, of nee, nauwelijks hoorbaar klinken er toch wat lage noten. Opnieuw nemen Sorey en de zeven andere musici alle tijd van de wereld, wachten ze op een volgend moment om toe te slaan. Als een reiger, inderdaad. (Mischa Andriessen)

Sharon van Etten en de angst om gelukkig te zijn

POP | Sharon Van Etten

Remind Me Tomorrow (Secretly / Konkurrent)
★★★★☆

De hoes van Remind Me Tomorrow van Sharon Van Etten, die melancholische dichter-zangeres, mijmerend aan de bar met een zoveelste glas onder handbereik.

Sharon Van Etten is als die melancholische dichter-zangeres, mijmerend aan de bar met een zoveelste glas onder handbereik. Dat beeld rijst tenminste op uit ‘Remind me Tomorrow’, dat net als haar eerdere werk overkookt van hartzeer.

Opvallend, want sinds haar vorige plaat (‘Are We There’, 2014) heeft de 37-jarige Amerikaanse de liefde gevonden, een zoontje gekregen, een bescheiden tv-carrière opgebouwd (‘Twin Peaks’, The OA’) en is ze begonnen aan de studie psychologie.

Maar getuige ‘Remind Me Tomorrow’ wentelt ze zich allerminst in geborgenheid. Het is haar vijfde plaat, waarop die weelderige, krachtige falsetzang mooi samenvalt met haar fraai georkestreerde folkrock. Misschien is het de angst om gelukkig te zijn, misschien zijn het de zenuwen, dat alles wat je hebt opgebouwd je in een oogwenk kan ontglippen. Dat zit hem ook in het terugverlangen naar een onbezorgde tienertijd in hoogtepunt ‘Seven-teen’, waarbij de stuwende, Aerosmith-achtige melodielijn duidelijk die onbedorven jaren negentig echoot.

Is Sharon van Etten bang om gelukkig te zijn? In de prachtige afsluiter ‘Stay’ laat ze heel voorzichtig een zonnestraal binnensijpelen. Terecht, want met zo’n toevoeging aan haar oeuvre loopt het vast goed met haar af. (Joris Belgers)

Puur spel, zonder aandachttrekkerij

KLASSIEK| Till Fellner

Beethoven, Liszt (ECM)
★★★★☆

Pianist Till Fellner is geen showbink die de media-aandacht op zich vestigt. Hij beoefent zijn levenskunst, de muziek, op hoog niveau, maar is niet uit op de spotlights. Manfred Eicher, het brein achter het label ECM, geeft zijn persoonlijke voorkeuren voorrang en ziet de uniciteit en eenvoud van een musicus als Fellner. Een aantal knappe opnames staat reeds op zijn naam.

Op de nieuwe uitgave zijn louter takes uit liveoptredens terug te horen, waaronder de ‘Première année’ uit Liszts ‘Années de pèlerinage’: kippenvelspanning, alsof Fellner de muziek uit z’n tenen haalt. Ook Beethoven heeft de Oostenrijker uit en te na bestudeerd. Tussen 2008 en 2010 heeft hij de complete sonates op vele podia uitgevoerd. Een registratie uit die tijd van nummer 32 is hier meegenomen.

Anders dan bij Liszt is Fellner in dit werk een fractie minder dwingend in zijn interpretatie, maar even gewetensvol. Wat permanent voorop staat bij deze pianist is zijn pure spel, zonder aandachttrekkerij – een verademing. Op 28 maart speelt Till Fellner in Antwerpen; dichterbij komt hij niet, de komende tijd. (Frederike Berntsen)

De Staat schuurt, knalt, ratelt, piept

POP | De Staat

Bubble gum (Caroline)
★★★☆☆

Het is knap hoe de Nederlandse rockband De Staat in het razendsnel veranderende muzieklandschap al tien jaar weet te verrassen. Op elk album worden nieuwe terreinen verkend, maar nooit onttrekt de nieuwsgierigheid de kern uit het zicht: dat hoekige, rauwe, dansbare geluid is altijd de basis gebleven. Op deze vijfde plaat gebruiken ze zoveel effecten dat het lijkt alsof ze hun instrumenten hebben ingewisseld voor een roestige gereedschapskist en een oude computer. De Staat schuurt, knalt, krast, ratelt, piept. Het levert pakkende en avontuurlijke liedjes op. 

Toch dringt het idee zich op dat ze met een herhalingsoefening bezig zijn. De video van ‘Kitty kitty’, de broeierige, op Donald Trump geïnspireerde album­opener, is een variant op die van hun succesnummer ‘Witch doctor’, maar dan met een wall of death in plaats van een circle pit. Prima uitgevoerd, maar je krijgt er een beetje een ‘Flodder-in-Amerika’-gevoel bij. ‘Me time’ lijkt haast een persiflage op zichzelf, alsof de saus die De Staat heet zo lang op het vuur heeft staan pruttelen tot er niets overbleef dan een stinkend residu: een lompe beat en een onnozele melodie die erom schreeuwt meegezongen te worden, wat uiteindelijk ook gebeurt – en weg is de magie, als bij een goochelaar die zijn truc uitlegt. (Klaas Knooihuizen)

Een onvergetelijke ervaring

KLASSIEK| Daniel Reuss

Brahms ‘Ein deutsches Requiem’ (Glossa)
★★★★★

Deze cd kwam er dankzij crowdfunding. Gelukkig, want de live-uitvoering van Brahms’ ‘Ein deutsches Requiem’ vorig jaar in het Concertgebouw maakte een verpletterende indruk. Op de cd klinkt de live-opname van enkele dagen eerder in de Rotterdamse Doelen. Het Orkest van de Achttiende Eeuw vereende zijn krachten met Cappella Amsterdam, met sopraan Carolyn Sampson en bariton André Morsch. En Daniel Reuss smeedde dat geheel tot een onvergetelijke ervaring. Nu dus gestold op deze prachtige cd. Zo mooi, dat eerste deel al, als Brahms de eerste en tweede violen het zwijgen oplegt en alleen de lagere strijkers spelen. De diepe, ruisende klank van de darmsnaren hier maakt dat je bij dit begin kaarsrecht zit. Dat Frans Brüggens orkest ooit nog eens zo indrukwekkend en prachtig terughoudend Brahms zou spelen.

En dan Cappella Amsterdam, dat de laatste jaren onder Reuss’ handen tot een groots topkoor is uitgegroeid. In alle zeven delen van dit troostende requiem wordt loepzuiver en in perfecte balans met het orkest gezongen. Sampson en Morsch mengen zich superieur in deze unieke uitvoering, die nu gelukkig bewaard is voor het nageslacht. Zou de muziek van Berlioz niet iets voor deze combinatie zijn? (Peter van der Lint)

Muziekrecensies

Een overzicht van eerdere recensies van pop, klassiek, wereldmuziek en optredens vindt u hier.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden