Thom Yorke tijdens een optreden in Zwitserland eerder deze maand. Beeld REUTERS

Recensie CD's op vrijdag

CD's op vrijdag: Mike Fentross, The Black Keys en Thom Yorke

Mike Fentross’ versie van een Italiaanse klassieker is na 13 jaar eindelijk te beluisteren. Violiste Nicola Benedetti voelt zich op haar nieuwe album duidelijk een vis in het water, al lukt het haar niet altijd om met haar spel  je hart te veroveren. The Black Keys laten zien dat ze het nog steeds kunnen, maar vallen hierbij wel in herhaling.

KLASSIEK
Mike Fentross/La Sfera Armoniosa | Cavalli ‘L’Ipermestra’ (Challenge Classics)
★★★★☆

Voor het 25ste Festival Oude Muziek in 2006 kreeg luitist Mike Fentross de opdracht om een vergeten werk op te graven. De enige restrictie was dat het een Italiaanse opera uit de 17de eeuw moest zijn, omdat het ‘Seicento’ het overkoepelende thema van deze jubileumeditie zou zijn. Fentross toog naar Venetië , waar hij in de Biblioteca Marciana zo’n zeven manuscripten van Cavalli kon inzien. Elk manuscript werd hem op een rood fluwelen kussen aangereikt. Fentross koos voor ‘L’Ipermestra’, in 1658 gecomponeerd voor het groothertogelijk hof van Florence ter ere van de geboorte van de zoon van de Spaanse koning Filips IV. Men had lang op de troonopvolger gewacht, en het onderwerp van de opera, het veilig stellen van een erfopvolger, sloot daarbij aan.

De opera vertelt het verhaal van de vijftig dochters van Danao, de Danaïden. Die trouwen elk met de vijftig zonen van Danao’s broer Egitto en krijgen van hun vader de opdracht hun neven meteen na de huwelijksvoltrekking te doden. Zo hoopt Danao een voorspelling te ontlopen. Maar zoals dat gaat met het noodlot, dochter Ipermestra kan haar kersverse echtgenoot Linceo onmogelijk doden. De bloedlijn van Egitto blijft zodoende intact.

De opera bleek in Utrecht een groot succes. Het Festival Oude Muziek had er dan ook veel geld ingestoken. Voor 700.000 euro werd het vergeelde manuscript in Venetië in Utrecht omgezet in klinkende noten en levende beelden. ‘Als we na deze productie alsnog failliet gaan, hoop ik tenminste dat dat in schoonheid gebeurd zal zijn’, werd uit de mond van de toenmalige festivaldirecteur opgetekend. Failliet ging het festival niet, schoonheid was er in overvloed, ook dankzij de serene regie van Wim Trompert. Van de première in 2006 werd een live-opname gemaakt, en die bleek zo goed te zijn dat die nu bijna in zijn geheel op cd is gezet.

Bijna, want veldheer Delmiro is compleet uit de opname gesneden. Terecht, want die rol werd gezongen door een nogal ondermaatse zanger, de enige zwakke schakel in een verder sterke cast. Tenor Marcel Beekman stal destijds de show als voedster Berenice. In de jaren erna ontpopte Beekman zich als een fantastisch specialist in dit travestie-genre, maar in 2006 zong hij nog niet zo subtiel als hij later in Parijs als Rameau’s moerasnimf Platée zou doen. Het klonk toen allemaal nog wat als een ruwe diamant.

Elena Monti (Ipermestra) en Emanuela Galli (Linceo) vertolken het geplaagde bruidspaar met verve. Dat ze allebei Italiaans zijn komt het recitar cantando (het sprekend zingen) zeer ten goede. Gaëlle Le Roi, Mark Tucker en Sergio Foresti completeren de cast op niveau.

Mike Fentross leidt La Sfera Armoniosa, een muzikale club van ruim 20 musici, met veel gevoel voor Cavalli’s eb en vloed door de lange partituur heen. Een partituur waarin niet veel meer dan een baslijn en een zanglijn is aangegeven. Maar Fentross heeft de instrumentatie inventief ingekleurd. Dat we 13 jaar op deze opname hebben moeten wachten, is dan wel een raadsel, maar laten we blij zijn dat hij er nu is. (Peter van der Lint)

Ontdekkingsreis mist samenhang

KLASSIEK
Nicola Benedetti | Vioolconcert (Decca)
★★★☆☆

Beeld Decca

Nicola Benedetti heeft er altijd van gedroomd om luisteraars te beroeren met haar vioolspel, de virtuositeit ervan, de warmte van de klank. Voor Wynton Marsalis vormde dit gegeven de inspiratiebron bij het schrijven van een vioolconcert voor Benedetti. De creativiteit die Marsalis als wereldvermaard trompettist tentoonspreidt is ongeëvenaard. In dit concert speelt hij met ritmes en muziekstijlen en nodigt hij de violiste uit om op ontdekkingsreis te gaan met haar instrument. Mooi bedacht, maar toch is het in de fantasierijke opzet zoeken naar enige samenhang. Met Benedetti’s spel, net als met het Philadelphia Orchestra en dirigent Cristian Macelaru, is niets mis. De violiste is hoorbaar vereerd met de voor haar bedachte noten en voelt zich als een vis in het water bij het relaxte lijnenspel, de jazzy inzetten en het dansante basisritme. Uitdagend is de ‘Fiddle Dance Suite’, ook door Marsalis voor Benedetti geschreven. In haar interpretatie komen de virtuositeit en de warmte van haar spel uitstekend door, alleen veroveren die in combinatie met deze stukken maar moeizaam een plaatsje in het hart. (Frederike Berntsen)

The Black Keys keert terug naar de basis, maar dat valt niet mee 

POP
The Black Keys | Let’s Rock (Nonesuch/Warner)
★★★☆☆

Vijf jaar na ‘Turn blue’ keert The Black Keys terug met een album zonder producer Danger Mouse en dat is - op papier althans - een flinke aderlating. Dan Auerbach en Patrick Carney maakten, voordat ze grootschalig doorbraken, uitstekende blues- en garagerock, maar het was toch een beetje rondjes draaien in een lokaaltje waar al jarenlang niets enerverends gebeurde. De jeugd liep er met een boog omheen. Met Danger Mouse als het ontbrekende puzzelstukje bleek er toch nog iets nieuws uit het genre te persen. Een trits catchy dansvloerhits welteverstaan, met wereldfaam tot gevolg. Op ‘Let’s rock’ keert het duo naar eigen zeggen terug naar de basis. Meestal loopt dat verkeerd af. Het viel vast niet mee om uit dat bonkige rotsblok dat de band ooit was het statige beeld te houwen dat internationaal festivals deed uitverkopen, maar omgekeerd is dat nog veel lastiger. De venijnige, ongecompliceerde plaat die de titel doet vermoeden is ‘Let’s rock’ dan ook niet geworden. Aanstekelijke refreinen schrijft de band nog steeds, soul hebben ze ook nog wel, maar afgezet tegen hun rijke oeuvre voelt dit negende studioalbum als een nipt geslaagde herhalingsoefening. (Klaas Knooihuizen)

Anima

POP
Thom Yorke | Anima (XL Recordings)
★★★★☆

Je hoeft niet lang naar ‘Anima’ te luisteren om te concluderen dat dit veruit Thom Yorke’s beste solowerk is. Het is ook nog eens een album dat, anders dan die vorige twee platen, beslist geen modderfiguur slaat naast de Radiohead-catalogus.

Thom Yorke is hoofdzakelijk bekend als Radiohead-frontman, en pas bij beluisteren van Anima besef je dat hij op zijn vorige solowerk tamelijk band-achtig te werk ging. Dat wil zeggen: hij dacht meer vanuit het liedje, om daar vervolgens een elektronische saus overheen te smeren. ‘Anima’ daarentegen is meer naar het geluid toe geschreven. Terecht, want wil je, zoals Yorke wil, een beetje de Burial/Flying Lotus uithangen, dan kun je maar beter vanuit geluid denken.

Nu pas zijn het elektronische instrumentarium van Yorke en de composities echt één geworden. En dat terwijl zijn idioom niet veel anders is dan weleer: natuurlijk die soms jachtige, veelal treurige, spookachtige zang, de schuivende panelen, de aanzwellende orgels, de bliepjes, de kraakjes, en dan zo’n subtiel aangeslagen gitaarakkoordje als treurig zonnestraaltje (in ‘Twist’). We kennen het sologeluid van Yorke (en diens producer Nigel Godrich) donders goed, maar het werd nooit eerder zo doeltreffend ingezet als hier.

‘Anima’ gaat verder waar Radioheads laatste, ‘A Moon Shaped Pool’, ophield: met het overspoelende ‘Last I Heard…’, het treurige, doch hoopvolle ‘Dawn Chorus’, het majestueuze ‘Not the News’, het fenomenaal vervreemdende ‘The Axe’. Prachtplaat. (Joris Belgers)

Onvergetelijk avontuur waarin je alle evenwicht verliest

Jazz
Dejan Terzic | Melanoia (BMC)
★★★★★

De droomstaat waarin je elk houvast kwijt bent, maar tegelijk op prachtige plekken verzeild raakt die je eerder niet kende. De Servisch-Duitse drummer Dejan Terzic is niet alleen mateloos gefascineerd door die schemerzone tussen werkelijkheid en waan, hij heeft er ook een overtuigende muzikale vorm voor gevonden. Muziek die constant verandert, waarin saxofoon, gitaar en toetsen soms nauwelijks van elkaar te onderscheiden zijn en waarin ten minste een van de vier musici plotseling het ingezette patroon verlaat. Bijvoorbeeld door ineens te vertragen terwijl de rest nog even op een hoog tempo blijft spelen. Dat voortdurend verschuiven zou voor de luisteraar extreem ongemakkelijk kunnen zijn; een pesterige bevestiging dat niemand ooit zeker weet waar hij of zij aan toe is. Maar het gaat Terzic en zijn mannen om iets anders. Niet zozeer het verlies van evenwicht, maar het besef dat het evenwicht te verliezen is, maakt de luisteraar ontvankelijk. Terzic’ composities zijn bovendien vol van regie en zo verfijnd dat hij onmiskenbaar de luisteraar uiteindelijk naar een veilige haven zal leiden. Maar pas nadat deze een onvergetelijk avontuur heeft ondergaan. (Mischa Andriessen)

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden