Recensie CD's op vrijdag

CD’s op vrijdag: jong talent op North Sea Jazz, Steve French en Cameron Carpenter

Melissa Aldana Beeld EPA

Komend weekend valt er in Rotterdam veel jong talent te zien op het North Sea Jazzfestival, en ja er is ook échte jazz.  Pianist Nicolas van Poucke brengt zijn nieuwste opnamen uitsluitend uit op elpee. En met Steve French meldt zich opnieuw een fris rammelende band aan het Nederlandse garagerock-firmament.

Echte jazz, gemaakt door jong talent

JAZZ
Melissa Aldana
Visions (Motéma)
★★★★☆
Joey Baron/Bram De Looze/Robin Verheyen
Mixmonk (Universal)
★★★★☆
Maarten Hogenhuis Trio
Rise & Fall (Eigen beheer)
★★★★☆
James Brandon Lewis 
An Unruly Manifesto (Relative Pitch)
★★★☆☆

Wordt er ook jazz gespeeld op het North Sea Jazzfestival? Dat lijkt een nogal-wiedes-vraag. Toch wordt hij al jaren achtereen gesteld en niet eens helemaal onterecht. Want de publiekstrekkers van het evenement spelen vaak muziek die misschien wel goed is, maar weinig of niets met jazz te maken heeft. In populariteit is jazz nu eenmaal overvleugeld door r&b, hiphop, pop en rock.

Toch is dat niet het hele verhaal. Komend weekeinde wemelt het in Rotterdam wel degelijk van de jazz. Van echte jazz, overigens niet zelden gemaakt door jong talent.

Melissa Aldana bijvoorbeeld, de Chileense tenorsaxofonist die als een van de weinige vrouwelijke instrumentalisten de belangrijke Monk Award won. Op haar nieuwe plaat ‘Visions’ imponeert ze met haar puntgave toon.

Hoewel ze ook ruig en krachtig kan spelen, kiest Aldana meestal een meer lyrisch tenorgeluid. Dat past perfect bij het soort sfeervolle composities dat ze schrijft. Geholpen door met name pianist Sam Harris brengt Aldana zo de zachtmoedige melodieën magnifiek tot leven.

Wat dat aangaat, heeft ze een geestverwant in de Nederlandse saxofonist Maarten Hogenhuis. Ook hij weet bij vlagen te betoveren, veelal met minimale middelen. Zoals een met gevoel geblazen melodie waarop hij dankzij een ­geweldige techniek schijnbaar eindeloos kan variëren. Het doet ook goed om te zien dat Hogenhuis ­tezamen met bassist Phil Donkin en drummer Mark Schilders meer en meer de essentie van zijn stijl zoekt en vindt. Die zit als zo vaak in de details. Neem de opnamelocatie: een tot vakantiehuis omgebouwde kerk. Zodat je zelfs de miniemste ­finesses hoort.Bron:Bijschrift     

Waar Hogenhuis zich in de traditie van de fijnzinnige blazers schaart, zoekt tenorist James Brandon Lewis zijn heil meer in de lijn van explosieve mannetjesputters als David Murray en Odean Pope. Op zijn nieuwste plaat ‘An Unruly Manifesto’ probeert de Amerikaan vrije jazz en funk te verbinden. Daarbij dient niet alleen de onstuimige muziek uit de jaren zestig als voorbeeld, maar ook de politieke overtuigingen uit die tijd. Op plaat komt Lewis er met zijn venijnige kwintet niet helemaal uit, maar ga luisteren, live is hij een sensatie.

Twee jonge Belgen – pianist Bram de Looze en saxofonist Robin Verheyen – wagen zich op hun beurt samen met de altijd blij stemmende Amerikaanse drummer Joey Baron aan de onverwoestbare muziek van Thelonious Monk. Hun ‘Mixmonk’ laat op een feestelijke manier horen wat er gebeurt als je verbeeldingskracht koppelt aan speelplezier.

En hoe rijk muziek kan zijn als de musici elkaar de ruimte laten en ­elkaar in plaats van af te troeven, bijstaan. Door die rust en gelijkwaardigheid verandert bijna elke melodische vondst in een parel.

Melissa Aldana, James Brandon Lewis vrijdag 12-7 (Yenisei) Maarten Hogenhuis, Mix Monk, zaterdag 13-7 (Yenisei).

Spelen met ruimte voor de poëzie

KLASSIEK
Nicolas van Poucke
Chopin (Gutman)
★★★★☆

Een langspeelplaat bij de post. Dat is even geleden. Pianist Nicolas van Poucke (1992) brengt zijn nieuwste opname alleen uit op elpee. Hij geeft de voorkeur aan het levendige, heldere en zangerige geluid van de plaat boven dat van de cd.

Van Poucke poseert op de hoes in white tie en met gladgeschoren kin als een pianist uit vroeger tijden. Een gimmick? Dat geldt in elk geval niet voor het repertoire. Van Poucke speelt de Tweede en Derde sonate van Chopin: twee meesterwerken uit de pianoliteratuur, die muzikaal en technisch veel vragen van een pianist. Hij speelt de werken heel betrokken en met grote inzet. Met krachtig spel laat hij de grootsheid van de werken tot hun recht ­komen.

Dit is aristocratische muziek, zelfs in lyrische passages, dat laat Van Poucke overtuigend horen. Hij geeft ruimte aan de poëzie, zonder te vervallen in weeïgheid of ongepast rubato. Toch kun je je afvragen of deze opname niet te vroeg komt. De kans is groot dat Van Poucke in deze stukken nog enorm zal groeien en ze dan karaktervoller neer kan zetten. De sfeer in het Largo van de Derde sonate kan bijvoorbeeld nog onthechter klinken. Desondanks is dit een geweldige prestatie van deze jonge pianist. (Sandra Kooke)

Duivelsrit op een verplaatsbaar e-orgel

Klassiek
Cameron Carpenter
Orgelwerken van Rachmaninov, Poulenc, Vierne (Sony)
★★★☆☆

De flamboyante Amerikaan Cameron Carpenter geldt als het enfant terrible van de orgelwereld. In punkachtige outfits reist hij rond met het verplaatsbare elektronische orgel dat hij vijf jaar geleden liet bouwen. Zijn instrument telt vijf klavieren en ontelbare pedalen en registerknoppen. Het is voorzien van een indrukwekkende batterij geluidsboxen met priemende ‘Spaanse trompetten’ erop.

Carpenter heeft weinig op met de authentieke uitvoeringspraktijk. Hij wil vernieuwen. Daarom opent hij deze cd met een eigen bewerking van Rachmaninovs ‘Rhapsodie op een thema van Paganini’, oorspronkelijk voor piano en orkest. De duivelsrit op de toetsen imponeert, maar heeft ook iets potsierlijks door het zwelpedaal en het elektronische timbre.

Dat neemt niet weg dat Carpenter uitstekend speelt. Vooral in het krachtige Orgelconcert van Poulenc valt zijn meesterschap op. Zijn energieke spel heeft soms iets verbetens, wat het extra spannend maakt. Deel vier uit Vierne’s eerste orgelsymfonie klinkt snel en wendbaar, met dank aan het moderne instrument. Carpenter is ervan overtuigd dat zijn flexibele, overal inzetbare e-orgel de toekomst heeft. Maar we mogen toch hopen dat hij de historische kerkorgels met hun unieke karakter niet zal verdringen. (Sander Becker)

Krachtige vingers die speels flaneren

KLASSIEK
Isata Kanneh-Mason
Clara Schumann (Decca)
★★★★☆

Op de website kanneh-masons.com kan kennisgemaakt worden met de zeven broers en zussen van de ­Engelse familie Kanneh-Mason. ­Allemaal maken ze muziek, op een zeker niveau ook. De oudste, Isata (23), is pianiste. Ze had vorige week in het Amsterdamse Concertgebouw zullen spelen met haar broertje, de cellist Sheku. Die laatste moest afzeggen vanwege een blessure. Samen uit, samen thuis: concert geannuleerd.

Als alternatief ligt er een cd, met Isata als soliste bij het Royal Liverpool Philharmonic ­Orchestra onder leiding van Holly Mathieson, en als recitalgeefster. De jonge musicienne verdiepte zich in de muziek van Clara Schumann, echtgenote van Robert Schumann ­– dit jaar wordt stilgestaan bij Clara’s tweehonderdste geboortedag. Het Pianoconcert opus 7, Drie romances opus 11, de sonate: Kanneh-Mason heeft krachtige vingers die ze welover­wogen inzet. Ze flaneert speels en ­sierlijk over de toetsen, met ­gevoel voor het lyrische karakter van Schumanns muziek. De oren nemen ook iets onschuldigs waar in haar spel, maar dat komt misschien omdat je weet dat de pianiste pas 23 is. Die onschuld klinkt puur en ­beloftevol. (Frederike Berntsen)

Een stevige gruisriff en fijn krakende solo’s

POP
Steve French
Lightning Tiger Running (Subroutine)
★★★★☆

Met Steve French meldt zich ­opnieuw een fris rammelende band aan het Nederlandse garagerock-­firmament. Debuut ‘Lightning Tiger Running’ sluit mooi aan in die groeiende rij met bijvoorbeeld ook Pip Blom, Lewsberg en Iguana Death Cult.

Op rockfestival Loose Ends, eind juni, was al duidelijk te horen hoe levendig de garagerock en postpunkscene is. En de kruisbestuiving is niet van de lucht. Zo spelen er meerdere bandleden van Canshaker Pi én Personal Trainer mee bij Steve French. En andersom sluit zanger en gitarist Cees Paris bij hen aan.

Het Amsterdamse Steve French brengt misschien niet echt iets nieuws onder de zon. Het is pure jarennegentigrock, met bands als Pavement, Weezer en Guided By Voices als ijkpunten.

Maar luister eens naar de gejaagde finale van het dromerige ‘Arcade Animal Band’. Of de stevige gruisriff en fijn krakende en piepende solo op ‘Graveyard’. Of single ‘B-Side’, die klinkt als The Strokes, en waarop Paris bidt dat zijn liefde ­beantwoord wordt: “I wanna be the one that you see when you roll back your eyes.” Je kunt niet anders concluderen: de nonchalante praatzang van Paris en de stuwende gitaar- en baslijnen schieten gemakkelijk wortel in de oren. (Frank Hettinga)

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden