Recensies

CD's op vrijdag: Joep Beving, Weyes Blood en de Chemical Brothers

Beeld Joepbeving.nl

Kan Joep Beving nog iets anders dan verstilde pianoliedjes schrijven? Jazeker, op zijn nieuwe cd ‘Henosis’ voegt hij koor, strijkorkest, cellist, kamerorkest en elektronica toe. Verder: Reinbert de Leeuw, een pianist van een heel ander kaliber, die met Collegium Vocale ‘Via Crucis’ van Liszt op cd zette.

En dan is er nog pianist Mark Anderson uit Vancouver, die de grootste pleitbezorger is van het pianowerk van de Duits-Nederlandse Julius Röntgen. Verder: Weyes Bloods nieuwste en The Chemical Brothers zijn terug.

Grote betrokkenheid en muzikale gebaren

KLASSIEK

Mark Anderson | Röntgen Piano Music 4 (Nimbus Records)

★★★★☆

Hij woont zo’n 7500 kilometer van Nederland vandaan, maar de Amerikaanse pianist Mark Anderson is zonder twijfel de grootste pleitbezorger van de pianomuziek van Julius Röntgen (1855-1932), de Duits-Nederlandse componist die aan het eind van de negentiende en de eerste decennia van de twintigste eeuw zo’n groot stempel drukte op het Amsterdamse muziekleven. 

Anderson is bezig al Röntgens pianomuziek op cd te zetten, deel 4 is net uit. Een bevriende pianist uit San Francisco of all places adviseerde hem deze muziek te bestuderen, aangezien Anderson zo houdt van Duitse Romantici. Röntgen, die in Leipzig zijn opleiding kreeg, wortelt overduidelijk in deze traditie. 

Waarom neemt iemand uit Vancouver het hele oeuvre van deze Hollander op? “Ik vind Röntgens muziek heel interessant. In zijn vroege werken hoor je de invloed van zijn leermeesters Mendelssohn en Schumann, maar in het midden van zijn carrière ontwikkelde hij zich naar een avontuurlijker stijl en de laatste twintig jaar hield hij zich bezig met Nederlandse thema’s en het Nederlandse leven. Röntgen was ook beïnvloed door de muziek uit Scandinavië. Hij was bevriend met Grieg en zijn eerste vrouw was een Zweedse violiste. Als ik Röntgens muziek op concerten laat horen, zijn mensen altijd verbaasd over de schoonheid, diepgang en overtuigingskracht. ‘Waarom horen we dit niet vaker?’, vraagt men zich af.”

Het antwoord heeft volgens Anderson te maken met het stereotiepe beeld van de componist: hij wordt de Nederlandse Brahms genoemd. Daaruit spreekt het vooroordeel dat hij geen eigen stijl zou hebben. Anderson: “Maar iedereen die zich in zijn muziek verdiept, ziet onmiddellijk dat Röntgen authentieke schoonheid en expressieve intensiteit combineerde met groot vakmanschap. Brahms beschouwde hem als een van de weinigen die de klassieke muziek de volgende eeuw in zouden brengen.”

Anderson heeft niet alleen een pianistische klus op zich genomen, maar ook een musicologische. “Ik had het geluk in contact te komen met Jurriaan en Julius, twee kleinzoons van Röntgen. Zij verleenden mij toegang tot het Röntgen-archief in het Nederlands Muziek Instituut, het NMI. Daar heb ik urenlang originele manuscripten bekeken. Ik kon daardoor werken opnemen die nooit eerder waren uitgegeven, zoals de Sonate in a-klein en de Sonate in cis-klein. Die laatste is te horen op mijn nieuwe cd. Op dit moment wacht ik op de kopieën die het NMI me gaat sturen van werken voor twee piano’s van Röntgen. Die ga ik in juli met mijn vrouw opnemen.”

Klaar is hij nog lang niet. “Röntgen heeft meer dan zeshonderd werken geschreven, een groot deel daarvan voor piano. Het is mijn doel om zoveel mogelijk van zijn pianomuziek voor twee of vier handen en zijn kamermuziek op te nemen. Deze zomer ga ik weer veel tijd in het NMI doorbrengen.”

Op het net uitgebrachte vierde deel van zijn serie staan onder meer drie ballades, een impromptu en de in de archieven ontdekte Sonate in cis-klein uit 1928. Anderson speelt met grote betrokkenheid en grote muzikale gebaren. Een fijngevoeliger aanpak is denkbaar, maar zijn inzet betaalt zich uit. (Sandra Kooke

In slaap vallen bij Joep Beving lukt niet meer 

POP

Joep Beving | Henosis (Sonderling/DGG)

★★★★☆

Joep Beving had tot zijn oude dag elk jaar een dozijn verstilde pianoliedjes kunnen uitbrengen waarmee de streamingdiensten dankbaar hun populaire slaap- en studie-afspeellijsten zouden kunnen vullen. Zo’n album is ‘Henosis’ niet geworden. Niet alleen maar. Ze staan er wel op, die vintage Beving-liedjes, maar dat is slechts de helft van dit omvangrijke (101 minuten!) verhaal.

Beving breidt uit. Hij werkt met koor, strijkorkest, cellist, kamerorkest en elektronica. Goed nieuws; hoe lekker je ook weg kunt dromen bij zijn pianospel, wanneer je het idee eenmaal doorhebt begint het aardig te vervelen. De grap is dat de samenwerking met andere muzikanten regelmatig tot dezelfde luisterervaring leidt.

De strijkers van Deutsches Filmorchester Babelsberg kan je even eenvoudig van je af laten glijden als Bevings ruimtelijke pianospel. Op andere momenten doet Beving iets wat hij niet eerder deed: hij vraagt je aandacht. Alsof hij na al die jaren van geven eindelijk iets terugverlangt.

Nummers als ‘Klangfall’, ‘Apophis’ en ‘Nebula’ werken toe naar een climax waarbij het lastig studeren is. Laat staan dat je erbij in slaap kunt vallen. ‘Henosis’ is het sluitstuk van een trilogie. Het lijkt eerder op een nieuw begin. (Klaas Knooihuizen

Weyes Blood is nog lang niet gedateerd

POP

Weyes Blood Titanic Rising (Sub Pop)

★★★★☆

Singer-songwriter Natalie Mering alias Weyes Blood houdt van harmonieën. En dat is te horen op haar vierde album ‘Titanic Rising’. Een dromerige en orkestrale folkplaat vol piano’s, achtergrondkoortjes en strijkers. Titanic Rising is een verwijzing naar – natuurlijk – het gezonken luxeschip, maar vooral een metafoor voor de opwarming van de aarde. Ruim honderd jaar later zou de ‘praktisch onzinkbare’ Titanic volgens Mering niet zijn vergaan, omdat er nauwelijks ijsbergen meer zijn om tegenop te varen.

Maar om de plaat nu puur geëngageerd te noemen? Nee, er is meer. Weyes Blood zingt cynisch over sociale media, over daten, over de toename van depressies. Maar ‘Andromeda’, met die droevige slidegitaar, is een lied over haar zoektocht naar een liefdesrelatie die onrealistische verwachtingen doorstaat. ‘If you think you can save me. I dare you to try.’

Mering, uit Californië, zong en toerde al samen met Father John Misty en dat valt te horen, zoals op ‘Everyday’ met de uptempo piano en akoestische gitaar. Of op ‘Something to Believe’, waarop ze zingt als Joan Baez en Joni Mitchell in hun beste dagen. Niet dat Weyes Blood gedateerd klinkt, integendeel. Op ‘Movies’, met een hypnotiserende synthesizer die lijkt weggewandeld uit ‘Bliss’ van Muse, verweeft ze prachtig klassiek en elektronica. (Frank Hettinga

Niet alles is belegen bij The Chemical Brothers - maar wel veel

POP

Chemical Brothers | No Geography (Virgin EMI) 
★★★★☆

Welke nieuwe wegen kun je nog inslaan als je al dertig jaar in het vak zit? De Britse muzikanten Tom Rowlands en Ed Simons, alias The Chemical Brothers, kiezen op hun negende album voor een reis terug in de tijd. Voor de opnames van ‘No Geography’ bouwden ze een kleine studio in hun studio en stoften de oude apparatuur uit hun begindagen nog eens af. Daarmee zet het duo nadrukkelijk in op een herwaardering van de muzikale roots van de dance-formatie, uit de tijd dat ze tot de vernieuwers van de dance-scene hoorden. 

Met alleen de Noorse zangeres Aurora en de Japanse rapper Nene als gastvocalisten zetten de Britten in op een mix van complexe synthesizerklanken en straffe beats. Met ritmes als zweepslagen en een tekst waarin de muzikanten laten weten mad as hell te zijn, doet het nummer ‘MAH’ zelfs denken aan de furieuze dancerock van The Prodigy.

Maar de terugkeer naar de begindagen van de band kan niet steeds boeien. Zo leunt het titelnummer ‘No Geography’ zozeer op het verleden, dat de song gedateerd aandoet. Gelukkig slagen The Chemical Brothers er vaker in de aandacht wel vast te houden. Bijvoorbeeld bij het openingsnummer ‘Eve of Destruction’, dat overtuigt door een futuristische en dreigende sfeer. (Saskia Bosch

De mooiste ‘d’ uit de muziekgeschiedenis

KLASSIEK 

Reinbert de Leeuw & Collegium Vocale Liszt | Via crucis (Alpha)

★★★★☆

Volgens Reinbert de Leeuw zit de mooiste noot uit de muziekgeschiedenis in ‘Via crucis’ van Franz Liszt. Voor wie hem na wil luisteren: De Leeuw doelt op de dolcissimo gespeelde d in de vierde van de veertien kruiswegstaties die Liszt tegen het einde van zijn leven componeerde.

Dirigent, pianist en componist Reinbert de Leeuw is in de ban van ‘Via crucis’, het lijkt z’n lijfstuk te zijn. Hij nam het werk meerdere malen op, zo ook met Collegium Vocale in de zomer van 2017. Die ­release is net uit. De vorige succesvolle samenwerking tussen dit ­gezelschap en De Leeuw betrof een Janácek-album. Nu dan Liszt, en opnieuw is er een geslaagd schijfje van de persen gerold.

Toch, sprake van kippevel en ademloos luisteren is er vooral op de momenten waarop De Leeuw solo aan zet is, en achter de vleugel is gaan zitten. Collegium Vocale zingt pregnant, met een zoekende ondertoon. De pianistische bijdrage is kaal, waarachtig en confronterend. Eigenlijk maakt Reinbert de Leeuw zo’n noot als die d helemaal zelf tot de mooiste uit de muziekgeschiedenis. (Frederike Berntsen

Muziekrecensies 

Een overzicht van de nieuwste recensies van pop, klassiek, wereldmuziek en optredens vindt u hier.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden