Catherine David: Berlijn is nog niet bevrijd

Catherine David, die in 1997 in Kassel Documenta X samenstelde, heeft nu in een Berlijnse tentoonstelling een nieuwe balans opgemaakt. Volgens haar heeft Berlijn tussen de gevestigde namen en vermaakskunst op dit moment niets te bieden. Maar klopt haar stelling?

Al wekenlang is het bijzonder druk in de Neue National Galerie aan de Berlijnse Potsdamerstraße. De Picasso-expositie was al goed bezocht, maar sinds de meer dan levensgrote, koel gestileerde naaktmodellen in zwart-wit van sterfotograaf Helmut Newton achter de reusachtige glazen wanden van het museum zijn verschenen, is er geen knaapje meer vrij bij de garderobe. Een gouden greep, deze dubbelexpositie van publiekslievelingen.

Een stuk verder oostwaarts, in de Auguststraße, waar in het expositiecentrum Kunst-Werken zojuist de 'Stand der Dinge (1)' van de Parijse curator Catherine David is geopend, is het daarentegen nog opvallend rustig, ondanks de grote media-aandacht voor David en haar eerste Duitse expositie sinds ze in 1997 als eerste vrouw de Documenta X in Kassel samenstelde.

Natuurlijk bestaat er geen 'daarentegen' tussen de vaak met grote namen wervende Nationalgalerie en de strenge, intellectualistische kunstopvattingen van David, die in Kassel al liet zien het publiek op geen enkele wijze te willen behagen met mooi ogende vermaakskunst, maar het juist met kritische, politieke kunst tot nadenken aan te willen zetten - en daarmee zelf ook veel kritiek oogstte. Maar het is precies deze tegenstelling die David aangreep om zelf in de Frankfurter Allgemeine Zeitung een artikel te schrijven over de merkwaardige balans waarin volgens haar op dit moment de kunst in Berlijn zich bevindt.

De hedendaagse beeldende kunst maakt het zichzelf in de nieuwe Duitse hoofdstad te makkelijk, vindt David. 'Kunst' maakt te vanzelfsprekend deel uit van het nieuwe, bevrijde, herenigde Berlijn-gevoel. Aan de ene kant overheerst volgens haar een soort 'jonge, artistiekerige kleuterschool-kunst', waarin iedereen mag maken wat hij wil, iedereen het leuk vindt en iedereen dat kunst noemt. Aan de andere kant is er de gevestigde wereld van National Galerie en andere musea, die 'datgene canoniseren, wat allang tot de canon behoort': de Newtons en de Picasso's. In deze gescheiden werelden doen zich geen ontwikkelingen voor, en ook daartussenin bevindt zich niets van betekenis. ,,Ik zie bij geen enkel museum een poging zich op welke manier dan ook artistiek te positioneren, en dat vind ik erg teleurstellend.''

En dus stelt de Française met een twaalftal kunstenaars, die nauwelijks meer uit het Westen komen, maar onder meer uit Zuid-Afrika, Beiroet, Jeruzalem, Parijs, Peking en Rio de Janeiro, een ,,precieze en radicale positie'' voor, die volgens haar aangeeft waar de hedendaagse kunst vandaag de dag kan staan: onder meer aan de grens tussen Israël en Libanon (foto/tekst van Paola Yacoub/Michel Lassere), in arme, onderontwikkelde delen van Italië (foto's van Paola Salerno), in het gewelddadige Johannesburg (foto's van Santu Mofokeng) in de Turkse cel van de Koerdische politica Leyla Zana (Alejandra Riera) tussen Algerijnse travestieten in Parijs (Kader Attia). De collage van de in Berlijn levende filmmaker Harun Farrocki's 'I thought I was seeing convicts' toont schokkende, door bewakingscamera's vastgelegde beelden van (overwegend zwarte) gevangenen in Amerikaanse strafinrichtingen. David selecteerde eveneens een 136 minuten (!) durende film van Wang Jianwei over vier Chinezen die in de stad Chengdu in de provincie Sichuan proberen te overleven.

Werken als die van de laatste twee kunstenaars bevinden zich, net als meer werken op de expositie, op de grens tussen kunst en documentatie. De 'Case studies from the Atlas Archive' van Walid Ra'ad, een in New York werkende Libanees, hebben op het eerste gezicht meer esthetische waarde: een leuk ingelijste reeks, keurig uitgeknipte autoplaatjes uit tijdschriften, voorzien van handgeschreven Arabische teksten. Bij nadere beschouwing blijkt het hier te gaan om auto's die tussen 1975 en 1990 in de Libanese burgeroorlog als autobom zijn gebruikt. De droog registrerende tekst versterkt het effect: 'Nissan truck, May 23 1985. 55 dead and 174 wounded in Sin-el-Fil. Explosion at 14:00. 35 cars burned. Destruction in a 500 meter perimeter. 300 kilo of Hexogen.'

Catherine David spreekt van een nieuwe, 'antropologische' beweging in de kunst, die op een andere manier dan in de drammerige, moraliserende jaren zeventig, weer politieke kunst genoemd kan worden. Dat geldt zeker voor de deelnemers aan 'Stand der Dinge', maar moeten we wel van een beweging spreken? Heeft het niet vooral te maken met de selectie van David, met de gebieden waar de kunstenaars vandaan komen, die deze politieke thematieken afdwingen? En is het wel zo zwart-wit gesteld met de kunst in Berlijn als David het stelt?

Wie elders in de stad, in de Nationalgalerie im Hamburger Bahnhof -een vrij nieuw museum voor hedendaagse kunst in een prachtig gerenoveerd voormalig kopstation- de tentoonstelling 'After the Wall' bezoekt, wordt op geheel andere wijze met niet-westerse, niet-gecanoniseerde kunst geconfronteerd. De grote overzichtstentoonstelling poogt een beeld te geven van jonge kunst uit tweeëntwintig landen in het voormalige Oostblok: ruim honderdveertig kunstenaars, onder wie -net als in Kunst-Werken overigens- veel fotografen en videokunstenaars, presenteren hun werk in de stad waar de Muur ruim tien jaar geleden ook daadwerkelijk viel.

De Servische curator van de tentoonstelling, Bojana Pejic, heeft geen sturend programma à la David geformuleerd voor het geëxposeerde werk. Pejic viel bij haar reis door het Oostblok juist op dat bijna geen enkele kunstenaar zijn of haar werk 'politiek' wilde noemen; een bijna allergische reactie op de 'gepolitiseerde' kunst ten tijde van het communisme. De jongere generatie toont volgens Pejic minder interesse in de 'revolutie van 1989' dan in de 'elektronische revolutie' in de kunst.

Toch is in de Hamburger Bahnhof -en in de nevententoonstelling in het Max Liebermann Haus- veel impliciete en expliciete maatschappijkritiek te zien, niet alleen op het eigen verleden en moeizame heden, maar ook op westerse fenomenen die in het oosten zijn binnengedrongen, op de consumptiemaatschappij, op de macht van het kapitaal. Zo portretteerde de Bulgaarse kunstenaar Nedko Solakov een aantal nieuwe Bulgaarse rijken (een kunsthandelaar, een oliemagnaat, een mediatycoon) 'voor de eeuwigheid', en hoopte ze zo, tevergeefs, in de rol van mecenas te krijgen: een sterke serie, die de bezoeker aan het lachen maakt vanwege de stuitende ijdelheid van de geportretteerden -die allemaal meteen wilden- maar ook de tragische ironie van een nieuwe status-quo doet voelen. De Hongaar Antal Lakner speelt met de westerse marketing en communicatie-strategieën waarmee consumenten tot een absoluut geloof in producten worden gebracht: hij presenteert de 'Eurotrop', de ideale kamerplant die geen water en geen licht nodig heeft, en geen last heeft van lastig bladverlies omdat hij ook niet groeit en in feite ook helemaal niet zichtbaar is.

Met 'After the Wall' wordt in Berlijn een oude traditie weer hersteld, zo hopen de samenstellers: de prominente aanwezigheid van Oost-Europese cultuur in de stad. Berlijn was vooral na de Eerste Wereldoorlog een belangrijk centrum voor kunstenaars, schrijvers en intellectuelen uit het oosten en had zonder deze invloeden in de jaren twintig nooit tot het spannende, avant-gardische centrum kunnen uitgroeien waar 'Berlijn in de jaren twintig' nog steeds voor staat. Typerend is wel, en in die zin krijgt Catherine David gelijk, dat 'After the Wall' oorspronkelijk uit Zweden komt. De expositie is ontstaan op initiatief van de directeur van het Moderna Museet in Stockholm, waar de 'After the Wall' in 1999 voor het eerst te zien was. In Berlijn was men op dit idee nog niet gekomen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden