Louise Korthals wint de Poelifinario in de categorie engagement voor de show met Alles is er, tijdens de uitreiking in theater Diligentia.

Satire

Cabaretiers niet meer bang om grappen te maken over de islam

Louise Korthals wint de Poelifinario in de categorie engagement voor de show met Alles is er, tijdens de uitreiking in theater Diligentia. Beeld ANP

Vijftien jaar geleden werd regisseur, acteur, columnist en televisiepresentator Theo van Gogh vermoord. De moslimextremist Mohammed B. schoot hem ’s ochtends vroeg in Amsterdam neer en sneed hem de keel door. B. verklaarde in de rechtbank dat zijn geloof het hem had opgedragen. Kort daarvoor had Van Gogh met Ayaan Hirsi Ali de film ‘Submission’ over vrouwenonder­drukking in de islam uitgebracht. Lange tijd voelden cabaretiers zich geremd om grappen te maken over de islam. Hoe vrij voelen ze zich nu?

“Ik ben gefascineerd door de vertrutting van deze tijd”

Beeld Mark Kohn

Peter Pannekoek won dit jaar de cabaretprijs Neerlands Hoop voor zijn tweede show ‘Later was alles beter’, waarmee hij nu door het land tourt. Pannekoek is bekend van tv-programma’s als ‘De Wereld Draait Door’ en ‘Dit was het nieuws’.

“Als ik mijn rondjes ren door het Oosterpark en langs het monument De Schreeuw kom, denk ik vaak aan Theo van Gogh. Ik was achttien toen hij werd vermoord. Oudere cabaretiers zeggen dat het na die moord moeilijker werd om grappen te maken over de islam. Daar heb ik geen last van. Ik ga de islam niet uit de weg, als er iets over te melden is. Maar ik heb geen gezin, geen kinderen. Ik heb niet veel te verliezen.

Als ik een grap bedenk, stel ik mezelf de vraag: durf ik dit ook te zeggen als het doelwit in de zaal zit? Bij mijn eerste conference kwam ik op in djellaba, het was kort na de aanslagen in Parijs. Die djellaba was op dat moment een symbool van angst. Ik zei: ‘mocht er iets gebeuren, dan ben ik in elk geval veilig’. Als mijn intenties zuiver zijn, durf ik zo’n grap te maken.

Ik heb niet het idee dat de islam in Nederland een acute bedreiging voor satire is. Als je wat verder terugkijkt in de geschiedenis, zie je dat cabaretiers nog nooit zo vrij zijn geweest als nu. Wij kunnen tegenwoordig veel meer zeggen dan in de tijd van de verzuiling bijvoorbeeld.

We praten de laatste tijd wel voortdurend over de grenzen van de grap. Je kunt nog steeds alles zeggen, vind ik, maar er komt meer weerstand boven tafel. Door televisie en social media horen meer mensen je grappen en krijg je het terug als mensen zich beledigd voelen. Mensen uiten hun mening op Twitter. Daardoor lijkt het of er nu meer strijd is dan vroeger.

Ik ben gefascineerd door de vertrutting van deze tijd. Sommige recensenten, bijvoorbeeld die in Trouw, hebben daar last van. Zo werd een scène van Alex Klaasen over Bollywood gelabeld als culturele toe-eigening. Je zegt dan als recensent: hierover mag je geen grappen maken. Dat vind ik moraliserend en een hellend vlak. Als we het zo gaan doen, kan kunst geen slijpsteen voor de geest zijn.”

Peter Pannekoek won dit jaar de cabaretprijs Neerlands Hoop voor zijn tweede show ‘Later was alles beter’, waarmee hij nu door het land tourt. Pannekoek is bekend van tv-programma’s als ‘De Wereld Draait Door’ en ‘Dit was het nieuws’.

“Je voelt mensen soms denken: moet ik nu wel of niet beledigd zijn?”

Beeld Jaap Reedijk

Louise Korthals won dit jaar de Poelifinario in de categorie engagement voor haar voorstelling ‘Alles is er!’. Daarmee tourt ze nu door het land.

Ik was twintig en studeerde nog toen Theo van Gogh werd vermoord en ik voelde meteen: dit is iets groots, hier hangt iets aan vast. De moord op Pim Fortuyn, Van Gogh en 9/11, die gebeurtenissen hebben voor polarisatie in de samenleving gezorgd. Extreme meningen, extreme gebeurtenissen zijn steeds meer de norm geworden. De media, vooral de sociale media, werken daaraan mee. Daar zit geen filter of nuance in, waardoor alles nog extremer lijkt dan het is.

Het zorgt ervoor dat je je woorden weegt. Dat geldt ook voor mij. Niet in de beslotenheid van een zaal, maar wel op tv, in een talkshow. Ik voel me niet geremd, gelukkig niet, maar ik denk wel goed na over hóe ik het zeg. Er hoeft maar één woord in je betoog verkeerd te worden opgevat en het kan zijn dat iedereen over je heen valt. De moord op Van Gogh is nog altijd het symbool voor dit fenomeen, want hij is letterlijk monddood gemaakt.

Ik ben zelf niet zo van de grove grappen, maar hoor om me heen dat mensen best snel een zaal uitlopen. Dat is hun goed recht, maar ik denk wel: neem toch niet alles zo letterlijk. Een harde grap kan ook een doel dienen, het kan een krachtig middel zijn om iets belangrijks te zeggen. Maar dat is iets dat cabaretiers en columnisten soms moeten bevechten. Ironie wordt ook niet altijd begrepen. Zelfs in je familie-app gebruik je een knipoogsmiley, zodat iedereen snapt dat het een grapje is.

Ik merk dat het publiek ook zoekt naar wat de grenzen van de grap zijn. In de zaal voel ik soms dat men denkt: moet ik nu wel of niet beledigd zijn? Dan heerst er een besluitvormingsmomentje. Mensen zijn alerter op de belediging. Niet alleen over de islam, ook over het slavernijverleden en of je mongool of iemand met Down zegt. Ik ben niet somber over deze tijd. Voor een cabaretier is het prettig dat wat je zegt echt binnenkomt bij de mensen, maar er is wel werk aan de winkel.”

“Niet de islam, maar domheid is een bedreiging voor het vak. De humor is uit Nederland verdwenen.”

Beeld ANP Kippa

Martijn Koning won in 2005 de persoonlijkheidsprijs van het Groninger Studenten Cabaret Festival. Op tv was hij onder meer te zien in ‘Dit was het nieuws’ en ‘Cojones’.

“Ik fiets geregeld door de Linnaeusstraat en langs het monument De Schreeuw in Amsterdam. Op die momenten denk ik aan Theo van Gogh. Zijn dood houdt me nog altijd bezig. Maar of ik sindsdien voorzichtiger ben met het maken van grappen over moslims? Nee. Als ik de grap goed vind, dan maak ik ’m. Althans, in het theater. Wanneer ik speel voor mensen die er niet zelf voor hebben gekozen om naar mij te komen kijken, bijvoorbeeld als ik optreed voor een schoolklas of bij een bedrijf, dan houd ik rekening met het publiek. In Staphorst of bij moslimleerlingen maak ik geen harde grappen over het geloof. Daar is niks aan.

De grenzen van de grap zijn de afgelopen vijftien jaar niet verschoven volgens mij, maar de grens van de intelligentie wel. Niet de islam, maar domheid is een bedreiging voor het vak. De humor is uit Nederland verdwenen. Zeg je op het podium het woord ‘transgender’, dan is een bepaalde groep direct beledigd, nog voordat je de grap hebt gemaakt. Mensen luisteren niet meer. Ze hebben direct kritiek, zitten vast in eigen bubbels. De kwaliteit van de grap doet er niet toe.

Toch voel ik me juist steeds vrijer op het podium. Word ik ouder? Ik zou het waarderen als mijn moordenaars wachten tot na het slot van mijn oudejaarsconference, maar bang voor de dood ben ik niet. Ook zie ik dat de sfeer in Nederland wat losser wordt, na een periode van vertrutting. Zo hoor ik grappen over vrouwen in de zalen terugkeren. Dat was met #MeToo toch een beetje eng voor mannen.

Nog een positieve ontwikkeling: naast witte mannen hebben zich nu cabaretiers met een Turkse, Marokkaanse en Congolese achtergrond aangesloten bij de Amsterdamse comedyclub Toomler. Zij vertellen over andere onderwerpen dan ik. En ze maken grove grappen over de islam, waardoor de rest ook weer meer durft te zeggen.”

Lees ook:

Waarom ik Theo van Gogh zo mis

Een islamist vermoordde tien jaar geleden cineast en ‘dorpsgek’ Van Gogh. Over het gemis aan een vrijdenker.

Dat Zwarte Cross capituleerde is jammer: laat de satire niet sneuvelen

Je vrijheid stopt, waar die een ander schaadt. Maar niemand heeft het recht om niet gekwetst te worden, stelt Joris Mansour.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden