null Beeld

BoekrecensieGeschiedenis

Burgerlijke imago Mussert strookt niet met de werkelijkheid: de NSB zocht al voor 1940 de extremen op

Het burgerlijke imago van Mussert en de zijnen strookt niet met de werkelijkheid, blijkt uit twee nieuwe boeken.

Poldernazisme vergde veel laveren van NSB-leider Anton Mussert. Door echte keuzes uit te stellen probeerde hij zoveel mogelijk stromingen binnen zijn beweging tevreden te houden. Als het interne gemor hoog opliep, deed hij het gedrag van al te uitgesproken tegenstanders later af als ‘opstandsoperette’.

Mussert had er alle belang bij om in de laatste jaren voor de oorlog naar buiten toe het beeld uit te dragen van de NSB als een tamelijk gematigde, enigszins burgerlijke beweging. Dat schijnimago beklijfde aardig. Zelfs nu nog denken velen dat zowel Mussert als de dominante stroming binnen de NSB pas tijdens de bezetting opschoven in radicale richting.

Twee nieuwe boeken, De NSB. Deel 2: Twee werelden botsen 1936-1940 van Edwin Klijn en Robin te Slaa en Uitschot in uniform. De WA 1932-1945 van Gertjan Broek, rekenen genadeloos af met die opvatting. De NSB was niet in alle opzichten een light-variant van het Italiaanse fascisme en het Duitse nationaalsocialisme. De beweging gedoogde geweldpleging, moedigde dat aan of de leiding nam er zelf in sommige gevallen het initiatief toe.

Heulen met de vijand

Tegenvallende verkiezingsresultaten na eerder electoraal succes in 1935, druk van buiten en toenemende internationale spanning maakten dat de NSB in de jaren 1936-1940 steeds meer de extremen opzocht, tonen Klijn en Te Slaa. Antisemitisme en racisme werden bijvoorbeeld gangbaarder. Pogingen om in het gevlij bij de nazi’s te komen gingen naadloos over in het hengelen naar de functie van leider van Nederland na een Duitse inval. Mussert sorteerde eind 1939 al voor op collaboratie, toen zijn belangrijkste rivaal binnen de partij Meinoud Rost van Tonningen de Duitsers nog probeerde te weerhouden van een inval. In een later stadium zou juist hij nog verder doorschieten in het heulen met de vijand.

Aan het tweede deel van de NSB-historie van Klijn en Te Slaa kleeft hetzelfde bezwaar als aan het eerste, dat verscheen in 2009: het boek is erg dik. En ze zijn nog niet klaar met hun klus. De bezettingsjaren moeten nog volgen. Maar wie zich niet laat ontmoedigen door de omvang wordt rijkelijk beloond met een evenwichtige en uitstekend gedocumenteerde geschiedenis, die chronologisch en heel precies het krachtenspel en de machinaties binnen de beweging in beeld brengt.

Af en toe ontkomt de lezer niet aan parallellen met partijen op de uiterste rechterflank vandaag de dag. Ook daar lijkt soms sprake te zijn van een zichzelf versterkende radicaliseringstendens intern. De wijze waarop NSB-krant Het Nationale Dagblad de komst van immigranten uit Duitsland aanduidde als ‘Joodsche overstrooming’ doet denken aan de nu in bepaalde kringen gangbare term ‘tsunami van islamisering’. Waar Baudet het heeft over ‘het partijkartel’ sprak Mussert over de ‘N.V. Vereenigde Politieke Partijen’. En Wilders’ uitspraak “Willen jullie meer of minder Marokkanen?” uit 2014 doemt onvermijdelijk op bij het verhaal over een toespraak van Mussert in de Amsterdamse RAI in het najaar van 1938. De Algemeen Leider van de NSB stelde zichzelf in zijn toespraak de vraag: “Zijn wij anti-semiet, ja of neen?” Wat helemaal niet de bedoeling was, gebeurde: uit de zaal klonk uit honderden kelen een juichend ja.

Trouw aan Oranje

Het leiden van de NSB in de jaren vlak voor de oorlog vergde behoorlijk wat balanceerkunst. Los van het binnen de perken houden van de interne spanningen (couppogingen, vertrekkende leden) moest het beeld naar buiten niet te zeer afschrikken. Dus legde de beweging nadruk op het grote vaderlandsgevoel van haar leden en de trouw aan Oranje. Ondertussen zochten mensen uit de leiding toenadering tot nazi-Duitsland. In november 1936 ontmoette Mussert de Führer voor een tamelijk routineus gesprek van een half-uur. Een dag later kreeg Hitler Bernhard von Lippe-Biesterfeld op bezoek. Daar zou hij levendigere herinneringen aan houden: een paar jaar later noemde hij hem op grond van deze ontmoeting een ‘volstrekt imbeciele stoethaspel’, die boog en kronkelde ‘als een gigolo’. De NSB beschikte voor het huwelijk met Juliana over informatie en beeldmateriaal dat geen twijfel liet over Bernhards NSDAP- en SS-lidmaatschap, maar besloot dat het met het oog op de volkssteun wijs was om daarover niets te publiceren.

Uitschot in uniform. De WA 1932-1945 is de voor groot publiek bewerkte versie van een al eerder verschenen proefschrift van Broek. Daarin rekent hij af met het gangbare beeld van de Weerbaarheidsafdeling (WA), ordedienst en knokploeg van de NSB, als slap aftreksel van Italiaanse en Duitse voorbeelden. Nederland kende wel degelijk een echte voedingsbodem voor dit soort gewelddadige organisaties. In de laatste jaren voor de oorlog gold een verbod op dit soort weerkorpsen. WA-afdelingen leefden voort als zogenaamde wandelclubs met veelzeggende namen als Orde, Tucht en Discipline en Tot Heil Onzer Ribbenkast.

Broek beschrijft een WA waarop nauwelijks grip te krijgen was. Niet alleen de Nederlandse overheid was beducht voor de eigenmachtig opererende weerkorpsen, ook Mussert worstelde met de tegendraadse WA die zich weinig gelegen liet liggen aan grotere NSB-strategieën. Zelfs de commandanten, nogal eens ervaren oud-officieren, kregen nauwelijks tucht en discipline bijgebracht. Het gevecht ging uiteindelijk boven alles, boven de verstandhouding met de politie, boven het gezag van de NSB-leiding en boven de commandostructuur binnen de WA.

Slampampers

In de loop van de oorlog traden steeds meer van deze knokgrage types in Duitse krijgsdienst. Als ze even met verlof terugkwamen in Nederland keken ze met dedain neer op de ‘slampampers’ die hier maar wat rondlummelden, terwijl in het oosten een strijd op leven en dood met de bolsjewieken werd uitgevochten. Waartoe de WA nog precies op aard was, werd nog onduidelijker dan voorheen, zeker na het actief worden van de Nederlandse Landwacht die op vaak gewelddadige wijze de Duitse bezetter hielp.

Soms zou je willen dat Broek nog wat vaker inzoomt op plaatselijke afdelingen en afzonderlijke leden, om nog beter te kunnen doorgronden wat de WA’ers bezielde. Maar al met al geeft hij een redelijk afgewogen en compleet beeld van de dertienjarige geschiedenis van de organisatie.

Voor wie de dikke delen van Klijn & Te Slaa tot zich neemt voegt Uitschot in uniform weinig toe. Zij hebben Broeks proefschrift en andere relevante bronnen gelezen en de grote lijnen uit de WA-geschiedenis (tot 1940) verwerkt in hun studie.

null Beeld

Edwin Klijn & Robin te Slaa
De NSB. Deel 2: Twee werelden botsen 1936-1940.
Boom; 1000 blz. € 49,90

null Beeld

Gertjan Broek
Uitschot in uniform. De WA 1932-1945.
Boom; 270 blz. € 24,90

Lees ook:
De spagaat van Mussert

Als bekwaam organisator wist NSB-leider Anton Mussert een kruiwagen met kikkers om te vormen tot een geduchte organisatie. Maar als een alternatief voor de gangbare partijen verloor de beweging al snel terrein.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden