Review

Buitenaardse muziek jaagt publiek weg

AMSTERDAM - Wat het Holland Festival eind jaren negentig om financiële redenen niet lukte, daar slaagde de Matinee op de vrije zaterdag uiteindelijk wél in: zaterdag vond in Koninklijk Theater Carré de Nederlandse première van Stockhausens opera 'Freitag' uit de mega-cyclus 'Licht' plaats. De quasi-concertante uitvoering leverde drie uur volmaakte muziek op. Maar zeker geen muziektheater in de klassieke zin des woords.

Tijdens zijn openingstoespraak in het aanvankelijk redelijk gevulde Carré vertelde componist Karlheinz Stockhausen dat 'Freitag aus Licht' allereerst opgevat moest worden als 'Raum-Musik': gezeten achter een groot mengpaneel zou de componist klankwolken door de zaal sturen, middels rond het publiek opgehangen luidsprekers. In die elektronische delen, die tachtig procent van het werk uitmaken, zou het licht worden gedimd. Het publiek werd aangeraden zijn ogen dicht te doen en goed te luisteren naar de geluidsrichtingen en het compositorische materiaal.

Dat bleek voor een aantal bezoekers te veel gevraagd. Al tijdens het eerste deel druppelden vooral ouderen naar buiten en na de pauze keerde treurig genoeg maar ongeveer de helft van de overgeblevenen terug. Begrijpelijk? Misschien, als je bedenkt dat juist die elektronische klanken gebaseerd waren op een minimum aan tonen en beweging. Het ontbreken van visuele houvast (de door Stockhausen voorgeschreven mime-dansers) in deze quasi-concertante uitvoering vergde wellicht te veel van de argeloze muziektheater-liefhebber. Toch viel er genoeg te beleven in 'Freitag'. Het in 1994 voltooide werk maakt onderdeel uit van een nog steeds niet voltooide, zevendelige opera-cyclus. Hoofdpersonen zijn Michael, Eva en Lucifer. Personages die staan voor drie evolutie-stadia en die uiteindelijk in 'Sonntag' allemaal ten hemel zullen stijgen.

In de kosmische strijd tussen duisternis en licht gaat het in 'Freitag' om de verleiding van Eva door Lucifer (Ludon), korte scènes die op de bühne werden uitgebeeld door drie zangers en twee instrumentalisten. De plot beperkte zich tot enkele korte tableaux-vivants voor dat kwintet, door Stockhausen op rituele manier geënsceneerd. Geen grote psychologische visualisatie van de liefdesscène tussen Eva en Lucifers zoon Caino, maar wél orgastische muziek die subtiel nazinderde in het elektronische tussenspel.

Naar aanleiding van de wereldpremière in 1996 in Leipzig vergeleek een recensent 'Freitag' treffend met een buitenaards toneelstuk. De nauwelijks te ontcijferen gezongen klanken, de gestileerde bewegingen van de spelers en het flauwe lichtschijnsel van het midden in de zaal opgestelde mengpaneel gaven Carré inderdaad het uiterlijk van een ruimteschip, met de componist als gezagvoerder en het publiek als verstekeling.

Drie uur lang dwalen door Stockhausens universum (waar alles met alles verbonden leek) bleek een genot. De stralende sopraan van Angela Tunstall (Eva) vond een betoverende schaduw in het duetspel van bassethoorn (Suzanne Stephens) en fluit (Kathinka Pasveer). Indrukwekkend waren ook bariton Jürgen Kurth en bas Nicholas Isherwood. Maar het mooist was toch wel de elektronica, die Stockhausen na vele omzwervingen weer zachtjes liet landen op zijn langgerekte uitgangstoon.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden