Review

Buiten huilt de wind om 't huis, binnen ligt de Katholieke Illustratie

Leonard Jentjens: Van strijdorgaan tot familieblad. Uitgeverij: Otto Cramwinkel, Amsterdam. 248 pagina's.

RUUD VERDONCK

“Buiten huilt de wind om 't huis, maar moeder breit een warme sjaal, en het ganzenbord op tafel stond er de volgende morgen nog helemaal”, zoals Van Kooten en De Bie in '1948' zingen, ontbeert wat katholiek Nederland betreft alleen de verwijzing naar zo'n oude ingebonden jaargang van de Katholieke Illustratie, waar je na het bad 'haartjes nat' nog even in mocht bladeren.

In 1968 doekte uitgeverij De Spaarnestad het weekblad Illustratie, zoals het inmiddels heette, op. Het woord katholieke was enkele jaren eerder verkleind tot een wormvormig aanhangsel, alvorens het begin '68 als voorbode van het einde definitief van de cover verdween. De wereld was danig veranderd, het uitgeven van bladen een marktstrategie geworden: 'Verliesgevende objecten, hoe ideëel ook van opzet, kunnen wij ons helaas niet meer veroorloven', schreef de overigens welvarende uitgeverij De Spaarnestad en sprak voor alle zekerheid nog wat quasi gewichtig over de toenemende fiscale druk, de voortdurende stijging van loon-, papier-, druk- en verkoopkosten en de vermindering van advertentie-inkomsten door de televisiereclame. Maar het was duidelijk, de markt voor een katholiek gezinsblad was niet interessant meer - het uitgeven was definitief een kwestie geworden van het genereren van zoveel mogelijk papier voor zo weinig mogelijk geld.

Het proces van een eeuw opgang en ondergang van de 'Katholieke Illustratie' staat beschreven in 'Van strijdorgaan tot familieblad', het proefschrift waarmee Leonard Jentjens deze week is gepromoveerd aan de Universiteit van Amsterdam. 'De tijdschriftjournalistiek van de Katholieke Illustratie 1867-1968' is de ondertitel van zijn onderzoek. Het had nog wel iets pregnanter uitgedrukt kunnen worden, dat het onderzoek inderdaad een tocht is langs honderd van die gebonden jaargangen. Dat wil zeggen: interessant als verslag van het verslag van de veranderingen die zijn opgetreden in het maken van geïllustreerde tijdschriften voor een aanwijsbare doelgroep tussen 1867 en 1968, maar her en der ook liederlijk tekort schietend als illustratie van de katholieke emancipatie, die zich in diezelfde periode heeft voltrokken.

Jentjens' onderzoek gaat vooral over de manier waarop de redactie van de Katholieke Illustratie gaandeweg reageerde op de maatschappelijke veranderingen die de katholieke zuil raakten. Althans, zoals dat bleek uit de oude jaargangen. Maar het verhaal daarachter, daar blijft hij veelal verre van, omdat zijn onderzoeksmateriaal nu eenmaal beperkt is gebleven tot die leggers. Heeft er zich ooit op de redactie een richtingenstrijd afgespeeld? Hoe zat het met de invloed van de katholieke instituties? Dat soort vragen ligt ook niet ten grondslag aan dit onderzoek. Dat ging over vragen als: hoe weerspiegelde de Katholieke Illustratie het wereldbeeld van de katholieke bevolkingsgroep? Welke waarden en normen stond het blad voor, en hoe werd daaraan gestalte gegeven? Werd de horizon verlegd door de lezer kennis te laten maken met andere volken, ideeën en gebruiken?

GEEN SAMENHANG Alleen voor de algemene inleidingen per beschreven periode heeft Jentjens er nog wat andere boeken op nageslagen voor enige aanvullende informatie. Maar het samenhangend verhaal achter de foto's en de letters in de Katholieke Illustratie ontbreekt grotendeels. Zo is hij zeer beperkt gebleven in zijn inleiding tot het ontstaan van de Katholieke Illustratie. H. Bogaerts, 'opvolger van P.N. Verhoeven, drukker en boekhandelaar van Z.H. Pius IX te 's Hertogenbosch', vond in 1867 dat er goede ontspanningslectuur moest komen voor de gehele katholieke bevolkingsgroep. Wie was die P.N. Verhoeven, moeten we die naam ergens van kennen, zodat alleen bij het noemen ervan al een wereld open gaat? Kwam paus Pius IX eens per maand zijn boeken kopen bij Bogaerts, en ging zijn voorkeur dan alleen nog uit naar die geschriften welke Bogaerts zelf gedrukt had, of is dit zo'n eretitel als hofleverancier? Dat blijkt in Jentjens' boek verder nergens uit.

Het was niet de bedoeling van Leonard Jentjens om de geschiedenis van katholiek Nederland te beschrijven, hij concentreert zich op de katholieke bladenmakers, maar zelfs dan kun je echt niet al te veel, hoe zeg je dat ook weer, Gods water over Gods akkeren laten lopen. Bovendien, dat telt zelfs bij het katholieke bladen maken. 1867 was helemaal niet zo'n willekeurig gekozen moment om met zo'n zondagsblad te beginnen. In dat jaar werden de voorbereidingen getroffen om een jaar later de 'viering van het derde eeuwfeest van de overwinning bij Heiligerlee' te gedenken. Dat diende een nationaal feest te worden.

Mooi gedacht, maar was er dan sprake van één natie? “Is het den leden der Amsterdamsche Subcommissie onbekend, dat er omtrent den aard, den geest, de strekking en uitkomsten der feiten van den 'tachtigjarigen oorlog' velerlei waardeering en overtuiging in Nederland bestaat, maar vooral dat zich in de openbare meening des wege twee groote stroomingen onderscheiden laten, die niets met elkander gemeen hebben dan de goede, vrije, vaderlandsche bedding waarin zij zich voortbewegen”, aldus de dichter, patriciër, maar vooral katholieke emancipator en politicus J.A. Alberdingk Thijm in een protest tegen die viering.

Er was in Nederland sprake van twee gescheiden stromingen. Veertig procent van de bevolking behoorde tot de katholieke stroming, die zich al eeuwenlang door de protestantse 'onmaatschappelijke uitsluitingsgeest' gemaltraiteerd voelde. Er zijn aanleidingen nodig om de mensen extra bewust te maken van die scheiding en in 1867 was de aankondiging van de herdenking van de slag bij Heiligerlee er zo een. Alberdingk Thijm wordt bij deze beschrijving van de ontstaansgeschiedenis van de Katholieke Illustratie slechts opgevoerd als de uitgever van de Volksalmanak voor Nederlandsche Katholieken, een blad waarmee hij dan ook nog alleen de katholieke elite wist te bereiken. Dat is toch echt te simpel.

Maar dat gaat gaande het boek voor veel meer mensen op, die gewoon uit de lucht komen vallen en zonder context weer verdwijnen. Redacteur J.B. Vesters, was dat dezelfde als de latere hoofdredacteur van de Volkskrant, een zeer vooraanstaande katholieke journalist? Wat had mgr. M.J.A. Lans betekend bij wiens overlijden een bombardement van herdenkingsartikelen werd gepubliceerd, tot en met: 'Mgr. Lans als patiënt'? Wat mankeerde hem?

TE VAAG In 'Van strijdorgaan tot familieblad' wordt de situatie van het katholieke volksdeel in het midden van de vorige eeuw te kort en soms te vaag geduid om vervolgens zo maar een link te kunnen leggen met de inhoud van de Katholieke Illustratie. Die uitbreiding knelt al evenzeer bij het bladeren door de oude leggers als Jentjens de stapsgewijze veranderingen in de 'Zondagslectuur voor het Katholieke Nederlandse Volk' aanwijst. Dat moet toch ook binnen de redactie gezorgd hebben voor spanningen. Of misschien juist niet en dan is dat bij een blad dat moeizaam zijn weg naar zijn specifieke lezersgroep zoekt minstens zo maatgevend.

Trouwens, tegen de tijd dat het blad bij uitgeverij De Spaarnestad terecht kwam, werd gaandeweg het meer marktgericht denken natuurlijk óók geïntroduceerd en ontstaat een situatie waarbij de emancipatie van de lezer nog wel belangrijk is, maar de oplage van het blad - dat voorop ging in abonneewerving met behulp van premies en cadeautjes - minstens zo'n rol speelt. Dat maakt al bladerend de vraag alleen maar interessanter in hoeverre er bij inhoudelijke veranderingen van het blad tegelijk sprake was van werkelijke veranderingen op het katholieke erf of veranderingen in de maatschappij zelf.

Wie ziet hoe de film een plaats veroverde of kreeg in de KI, kan dat niet los zien van een veel bredere discussie over de verderfelijke invloed van de film en de veranderingen in het gedrag van jongeren in het algemeen. En dat valt ook niet los te zien van de vooraanstaande rol van de KI als blad dat voorop liep in het plaatsen van grote foto's, tekeningen en reprodukties van kunstwerken. Wie ziet hoe voorzichtig de Katholieke Illustratie omging met humor, moet voor beter begrip nog maar eens een oud nummer van 'De Lach' opslaan om te zien hoe alle Nederlanders in de loop der tijden voetje voor voetje naar de moppentrommel zijn geschuifeld.

'Van strijdorgaan tot familieblad' gaat aldus vooral over de geschiedenis van het maken van een bijzonder geïllustreerd tijdschrift aan de hand van alle jaargangen. Duizenden onderwerpen en artikelen worden genoemd waaraan de Katholieke Illustratie in een eeuw tijd aandacht heeft besteed. Veel daarvan is herkenbaar als behorend tot het katholieke erfgoed en de clerus. Maar de Katholieke Illustratie was ook weer geen opinieweekblad. Wat dat betreft leverden uiteindelijk ook de artikelen een weerslag op van veranderingen die zich al voltrokken hadden.

En misschien is de wijze waarop het blad verdween daar ook de ultieme weergave van geweest. “Door de snelle ontwikkelingen die de rooms-katholieken - en niet in het minst in oecumenische zin - vanaf het begin van de jaren zestig doorgemaakt hadden, werd de Katholieke Illustratie, als één van de belangrijkste medebouwers aan de katholieke emancipatie, schijnbaar slachtoffer van de eigen prestaties en had het eerbiedwaardige tijdschrift zichzelf overleefd”, schrijft Jentjens.

Die mening was de redactie in het laatste nummer niet helemaal toegedaan. Slechts voor een deel van de lezers “zal Nieuwe Revu, waar wij volgende week ons werk voortzetten, een logische opvolger zijn van het blad, waarvan wij de taak voltooid achten”. Maar veel lezers waren het daar niet mee eens en ook de hoofdredacteur concludeerde somber: “Hoe dan ook, voor katholieke bladen wordt het klimaat er niet beter op.” De veranderingen in de Katholieke Illustratie werden niet begrepen “en haar pogingen tot evenwichtigheid ontketenden een stormpje, waarvan alleen de PTT voordeel heeft gehad”.

Is de Katholieke Illustratie totaal verdwenen?

Soms, op een regenachtige dag, als het dagblad Trouw weer eens een vijfkoloms foto op de voorpagina heeft staan, sombert iemand nog wel eens: het is hier de Katholieke Illustratie niet.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden