Review

Bouterse als reïncarnatie van magische bosneger

De voormalige Surinaamse regeringsleider Bouterse wordt door de nazaten van Broos en Kaliko gezien als de reïncarnatie van Kaliko. Dat is de verrassende conclusie die Wim Hoogbergen trekt in 'Het kamp van Broos en Kaliko'. Wim Hoogbergen: Het kamp van Broos en Kaliko - De geschiedenis van een Afro-Surinaamse familie. Prometheus, Amsterdam: 212 blz. - ¿ ¿ 34,90.

Hoogbergen beschrijft hun geschiedenis van 1770 tot 1994. Hij put uit archiefmateriaal, maar vooral uit de mondelinge overlevering binnen de families. We krijgen nu eens niet de geschiedenis door de ogen van kolonialen, maar door de ogen van hen die zich tegen hun kolonisatie en slavernij verzetten. Zij vinden in de historie een verklaring voor wat er nú gebeurt en trekken een rechtstreekse lijn van Kaliko naar Bouterse.

Geven de koloniale archieven meer aandacht aan granman Broos, die in 1863 na de emancipatie bij de gouverneur op bezoek ging, de Brooskampers zelf vinden zijn dertien jaar jongere broer Kaliko veel belangrijker. Kaliko is het brein, de man die vecht en heldendaden verricht. Hij heeft als lijfspreuk: 'Ik eet niet, maar doe', een variant van 'geen woorden, maar daden'. Hij beschikt over magische eigenschappen. De geest van Kaliko zou een aantal ervan hebben doorgegeven aan Desi Bouterse, wiens grootmoeder een Landveld is.

Innerlijke stemmen waarschuwen Bouterse net als Kaliko voor gevaar: “Ik krijg bepaalde dingen door, maar dat kan ik nooit iemand duidelijk maken.” Ook Desi zegt niet veel, maar doet. En ook hij bekrachtigt een afspraak ritueel met het drinken van een drank, bereid uit bloed en aarde, de sweri.

Wordt de afspraak geschonden, dan neemt de god van de sweri wraak. Dit bleek toen oom Edwin Bouterse vroeg naar de decembermoorden. “Desi kon hem niet vertellen wie de moordenaars waren, want de soldaten hadden een sweri gedronken, net als de negers vroeger. Wie een sweri verbreekt, zal sterven.”

Het maakte oom Edwin trouwens niet veel uit of Desi wel of niet had gemoord. “Ze hebben ons volk gedood en Holland heeft er nooit wat van gezegd. (. . .) En waarom doet het er nu opeens wel toe dat iemand van ons vijftien mensen heeft vermoord?”

Hoogbergen dringt via de mondelinge overlevering door tot de psychische realiteit van de Brooskampers. Men kan die afdoen als bijgeloof, maar dan gaat men ook voorbij aan de lessen die de Brooskampers en in bredere zin de bosnegers uit hun historie trekken en die hun handelen bepalen. Oom Edwin duidde in zijn vergoelijking van de decembermoorden op les één: vertrouw nooit iemand buiten je eigen groepje, want onze voorouders moesten tijdens de slavernij de ergste gruwelen ondergaan, niet alleen van de blanke slavenmeesters maar ook van andere negers die daar voordeel in zagen.

Hoogbergen laat verhalen over wrede slavenmeesters horen, maar geeft ook talloze voorbeelden van weggelopen slaven die bij andere weglopers niet welkom waren. Soms werden ze uit angst voor verraad doodgeslagen. Ook brachten gepacificeerde bosnegerstammen weglopers terug naar hun meesters.

Les twee uit de mondelinge overleveringen is: de bovenwereld bepaalt het bestaan en die is met magische krachten te beïnvloeden. Dit gebeurt onder meer met kruidenbaden, amuletten en dansen. Kaliko kon zich onzichtbaar maken en onkwetsbaar voor kogels. Met magie werden geweren gemaakt die om een hoekje konden schieten. Met zwarte magie, wisi, kun je iemand doden. Dit houdt in dat elke dood die iets raadselachtigs heeft, door wisi is gekomen, waarvoor een schuldige moet worden gezocht. Vaak is dat een nieuwkomer in een wegloperskamp, die dan het bos wordt ingestuurd of doodgeslagen.

Maar ook aan de Hollanders worden magische krachten toegeschreven. Niet vakmanschap, innovatieve bedrijfsvoering, spaarzin of slagvaardig management hadden voor hun rijkdom gezorgd, maar wisi. “Zij stuurden paters en zendelingen op de negers af om te ontdekken welke culturele geheimen zij uit Afrika hadden meegenomen. Daarna gebruikten de bakra's (Hollanders) de gestolen zwarte kunst om rijk te worden. Vervolgens zonden zij opnieuw paters en zendelingen naar de negers, maar nu om hen tot het christendom te bekeren en alle Afrikaanse heiligdommen te verwoesten. Zo werden de bakra's rijker en rijker en de negers armer en armer.”

Hoogbergens beschrijving van twee eeuwen Afro-Surinaamse familiegeschiedenis maakt de twee hoofdlessen heel duidelijk. Hij vergelijkt nauwgezet de archieven en de mondelinge overlevering, geeft een schat aan voorbeelden - het duizelt me wel eens van de namen - en komt dan met de verrassende familieconclusie: Bouterse als reïncarnatie van Kaliko.

Hoogbergen heeft het denken en doen van de weglopers dan al zo indringend beschreven, de visie uit de mondelinge overlevering zo familiair gemaakt, dat je niet meer in lachen uitbarst. Integendeel, het is een zinvolle verklaring voor veel dat anders onbegrijpelijk zou blijven.

Blijft over de vraag of Bouterse zichzelf ook ziet als reïncarnatie van Kaliko. De auteur vertelt slechts: “Sinds ik terug ben in Suriname, heb ik Desi ingelicht over de geschiedenis van onze mensen. (. . .) Van toen af aan is Desi zich meer voor de geschiedenis gaan interesseren, omdat hij inzag: o jee, ik ben een van hen.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden