Review

Blue Highways nog iets te bleu om echt te boeien

Tijdens de eerste editie van 'Blue Highways, the ultimate Americana Music festival' veranderde Muziekcentrum Vredenburg zaterdag even in Austin/Texas.

Muffins en bagels in plaats van friet en kroketten, wandelgangen vol bedaagde veertigers in plaats van vlotte twintigers. Op de podia hing een landerige sfeer die sporadisch omsloeg in vurig vertoon dankzij Terry Allen, Richard Buckner, Mount Pilot en vooral 16 Horsepower.

Naar analogie van het jaarlijkse South by South West Festival was, zeventien acts in totaal, het puikje van de 'americana' overgevlogen. Een parapluie-begrip voor alternatieve country- en folkrock, die op hun beurt zijn voortgekomen uit de veelheid aan blanke muziekstijlen uit het Zuiden van de Verenigde Staten. Americana-artiesten tref je nauwelijks in de hitparade aan, des te meer buiten de gebaande paden van de popmuziek. Vandaar de naam 'Blue highways' die verwijst naar de met blauw gemarkeerde binnenwegen op de oude kaarten van Noord Amerika. Daar tref je nog de roots van de bluegrass, de cajun, de rockabilly en de country aan. Aldus veel banjo's, mandolines, violen, steel- en akoustische gitaren. En veel liedjes die het zwervend bestaan van desperados langs 'lonesome trails' tot onderwerp hadden, ver weg van hun geliefde zodat er 'still a tear falls'. Sommigen van de artiesten hadden in dertig jaar hun sporen al ruimschoots verdiend. Zoals de chroniqueur van het Amerikaanse leven Guy Clark. Een singer/songwriter die ondanks zijn status van levende legende maar matig wist te boeien. Generatiegenoot Terry Allen daarentegen ontpopte zich, geassisteerd door een rijkgesorteerde band, tot het volwaardig neefje van Randy Newman.

Met bijtende humor en pakkende songs kreeg hij het publiek in de Grote Zaal uit de stoelen. De als reïncarnatie van Hank Williams aangekondigde Wayne 'The Train' Hancock bezat wel diens onvervalste knik in de stem, maar niet de overtuiging. De gloedvolle zang van singer/songwriter Richard Buckner liet je proeven hoe het ook anders kon. Op de hielen gezeten door een vermetele slagwerkster en een snarenwonder op lapsteel gitaar, werd je even de desolaatheid van het Amerikaanse platteland gewaar. In robuuste vorm gaven de oudgedienden van The Amazing Rhythm Aces en het jonge Mount Pilot hier gestalte aan in pronte countryrock. De eersten dankzij de met whiskey doordrenkte rauwe stem van frontman Russell Smith, de tweede wegens de punk-aanvalskracht waarmee ze de heersende gezapigheid aan flarden speelden. Ondertussen was het veel slenteren geblazen tussen zacht keuvelende groepjes of weer eens stilhouden bij de vele platen- en eetstalletjes. De langverbeide topact 16 Horsepower bracht de titel van haar nieuwste plaat 'Secret south' in praktijk. Weg was de bleue braafheid die dit goedbedoelde eerste Americana festival domineerde. David Eugene Edwards en zijn tot kwartet uitgebreide groep raakten met onheilspellende klankvisioenen de zuidelijke ziel tot in de kern. Op slide-gitaar en met wanhopige zang gaf Edwards gestalte aan zijn Godsvruchtige angsten. Krassende violen, ronkende gitaren en pompende accordeons deden de rest. Inderdaad, deze muziek trad eindeljk eens echt buiten de gebaande paden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden