Opinie

Bloedeloos gebral

Volgens sprookjes kan liefde een kikker zijn. Wreed en/of waar? Je weet maar nooit, dus stopt de Vlaamse theatermaker Wim Vandekeybus in zijn theatrale verkenning van de ars amandi een kikker in een blender, vermaalt deze met een scheutje melk en laat een van zijn zes onverzadigbare danseressen de sprookjesshake drinken. Het resultaat is rampzalig en een straf om naar te kijken.

Twee uur lang veranderen de zes dames van Ultima Vez in een stel krijsende kikkers, die hun begeertes opblazen en het verschil tussen kwaken en kwakken zijn vergeten. Ze transformeren in knorrende zwijntjes dan weer in stamelende sibillen, die platvloerse poezie van Peter Verhelst rondbazuinen. Hun vijf manlijke tegenspelers krijgen het zwaar te verduren, en al zijn deze natuurlijk bereid met de billen bloot te gaan of zich tot appelmoes te laten slaan, in de paddenvijver worden ze maar niet de verlangde prins, poeet of piraat. Ze blijven kleine, lange, dikke en dunne Paddeltjes.

Vanderkeybus' toverdrank maakt van het toneel een troebele boel, een smerig varkenskot, krioelende mierenhoop en ten slotte een in elkaar stortende muur van bags, waarmee alle liefde eerst torenhoog werd aangesleept maar waarop alle verlangens ook afketsten. Mensen, zo stelt Vandekeybus in een vlaag van extreem hedonisme vast, vergrijpen zich onophoudelijk aan elkaar en komen elkaar toch geen stap nader. Blozen mag een wetenschappelijk verklaarbaar chemisch proces in de hersenen zijn, het transformeert mensen hooguit in beestachtige bestormers die over onvermoede krachten beschikken.

Niet dat het allemaal veel uitmaakt: Blush, waarmee zondag het Julidans festival in de Amsterdamse schouwburg van start ging, blijft oersaai. Het is een lang uitgesmeerde herhaling van schijn-sadisme en nep shockeffecten waarop Vandekeybus en enkele Vlaamse collega's al jaren het patent menen te hebben. Het enige dat Blush onderscheidt, is het nog wat sterker opgevoerde exhibitionisme. Zo laat dierendokter Vanderkeybus een vrouw van een woordenstroom bevallen, braakt een kreupel doende vrouw haar verdriet uit over van alles wat ze niet meer kan als ze sterft.

Aangevoerd door een banjospeler en op sleeptouw van melancholische, lekker in het gehoor liggende songs van David Eugene Edwards en de band 16 Horse Power gaan de Ultima Vezers bij voorkeur stuiptrekkend en sleurend door het leven. Op gewoon doen ligt om onduidelijke redenen een ban. Vandekeybus zelf doet zich daarbij voor als een mythisch-romantische overdenker en gangmaker, met een Orpheus-Hamlet complex. De overkill van fysiek vertoon kan de bloedarmoede van Blush echter niet verhullen. Het enige wat de zinnen nog even prikkelt is de fraaie scenografie met filmbeelden van spartelende waternimfen die in Ophelia's beek verdrinken en als zwenkende dolfijnen en sirenen opduiken.

Omdat de dansers ook letterlijk in en uit die filmbeelden duiken ontstaat het effect van een schimmige onderwereld, waarin miljoenen herinneringen verdronken zijn. Bewegingkunstig worden er heel wat acrobatische stunts geleverd, maar ook dit gaat kopje onder in maar voortmodderende val-, bots- en verkleedpartijen. Geen moment voel ik het bloed naar mijn konen stijgen. Eerder gebeurt het tegendeel: niet mijn wangen maar billen voelen rood van onbeheersbare ongedurigheid. Blush is een regelrechte afknapper.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden