Het Mooiste België

Bladerend zwerven door eindstation Oostende

Beeld Flip van Doorn

Ook een roman kan als reisgids dienen. ‘Kamer in Oostende’ belicht de verrassende kanten van de Vlaamse badplaats. Reden genoeg om in de rubriek ‘Mooiste Nederland’ een keer de grens over te gaan.

“Niets mooiers dan de stroom bezoekers en toeristen die op hoogdagen in Oostende het station verlaat en de stad in trekt.” Met de openingszin van zijn nieuwe roman ‘Kamer in Oostende’ zet Koen Peeters direct de toon. De stad aan de kust van West-Vlaanderen is een eindstation, een finis terrae, zoals de schrijver het zelf noemt. De hoofdstroom van toeristen volgt op zomerse dagen de Visserskaai, recht naar het brede zandstrand. Ze spreiden er hun badlakens uit, nemen een duik in zee of huren een billenkar – een groot formaat skelter met plek voor vier of zes personen waarmee ze lui trappend over de promenade flaneren.

Dat Oostende meer is dan alleen die smalle strook land die de zee kust, is genoegzaam bekend. Schrijvers, schilders en zangers lieten zich door de stad inspireren. Stefan Zweig en Charlotte Mutsaers, James Ensor en Léon Spilliaert, Marvin Gaye en Arno – de laatste met recent nog de hommage ‘Oostende bonsoir’ – de lijst is te lang om hier af te gaan. De meesten belandden er pas na vele omzwervingen. 

Wie inspiratie zoekt, of ervoor vlucht, kan in Oostende niet verder en blijft vroeger of later hangen in het net dat de haaks op elkaar staande straten van het centrum weven. Peeters heeft dat net opgehaald en een paar van de treffendste karakters eruit gevist. Steeds in het gezelschap van zijn goede vriend Koen Broucke, kunstschilder, gaat hij op onderzoek. De twee voeren gesprekken, openen deuren en ontrafelen levens. Ze gaan op zoek naar verhalen op plekken die er niet meer zijn, maar ook naar wat er nog wel overeind is gebleven in een stad waar sloop en herbouw aan de orde van de dag lijken. Net zo goed als een roman is ‘Kamer in Oostende’ daarmee een atypische reisgids die een nieuwe laag over de stad drapeert.

Beeld Flip van Doorn

Vleugje tragiek

Neem De Grote Post. Het voormalige hoofdpostkantoor biedt nu onderdak aan culturele activiteiten in de meest brede zin van het woord. Het cultuurcafé is een van de vele plekken in Oostende waar het goed eten en drinken is. Maar het mooist zijn de lange rij loketten, de muurschilderingen en andere details die intact bleven. Het levensverhaal van architect Gaston Eysselinck, door Peeters liefdevol opgetekend, voegt er een vleugje tragiek aan toe. 

Van de hand van Eysselinck is ook het goed verstopte pand waar het Mu.Zee zijn kunstschatten toont. Het voormalige warenhuis huisvest een collectie moderne kunst, waarvan de werken van Ensor en Spilliaert het hart vormen. Beide schilders waren zonen van de stad. Peeters volgt ook hun sporen door Oostende, weet waar ze leefden en werkten, wie hen omringden en inspireerden, leeft zich in.

Met Broucke gaat hij op zoek naar de plek waar het Hôtel de Londres moet hebben gestaan. Hugo Claus schreef er zijn eerste roman ‘De Metsiers’. De twee verschaffen zich toegang tot het appartement dat zich nu op dezelfde etage in een nieuw gebouw bevindt, alleen om het uitzicht te beleven dat Claus gezien moet hebben. De ene Koen legt het op doek vast, de andere schildert het in woorden.

Beeld Flip van Doorn

Vlaamse Wim Boevink

Peeters is een Vlaamse Wim Boevink. Een antropoloog met een dichterlijke ziel, of een dichter die in de antropologie verzeild geraakt is. Met een gevoelige antenne voor mensen en intermenselijke verhoudingen observeert hij. ‘Wij bladerden door de stad, alsof zij zichzelf in stapeltjes had klaargelegd voor ons.’ De lezer maakt kennis met het Oostends groen van de loggia’s, met de torre – de vuurtoren – en met ‘een onwezenlijk diepblauwe zee van welvend glas’ die in enkele hoofdstukken zelfs een eigen stem krijgt. De schrijver wijst op de beeldengroep rond het ruiterstandbeeld van Leopold II. Oostendenaren en andere Belgen aan de ene kant en inwoners van de koloniën aan de andere kant eren hun ‘Genialen Beschermer’. 

De tweede koning van België schonk Oostende het uiterlijk van een mondaine badplaats met brede boulevards en een promenade. Hij financierde de werken echter met geld dat zijn landgenoten roofden uit Congo. Zoals de Belgen in de koloniale tijd handen afhakten van onwillige slaven, zo zaagden activisten de hand af van een van de bronzen Congolezen. Wie het boek heeft gelezen, ziet het meteen.

Het contrast is illustratief. Oostende is volks en chic, mooi en lelijk, soms mooi van lelijkheid. Een door zout en zeewind aangetaste villa uit de belle-époque leunt er vermoeid tegen een betonnen gedrocht, dat weer grenst aan een prachtig gerestaureerd pand waarnaast in een gapend gat fundamenten worden gelegd voor een nieuwe woontoren. Muurschilderingen vullen kale gevels, wat wegwijzers lijken, blijken kunstwerken. Een stad om een kamer te huren en eindeloos rond te dwalen.

Cultuurstad Oostende

Alles over de kunstwandeling ‘The Chrystal Ship’, de expositie ‘Dromen van parelmoer’ met werken van James Ensor in Mu.Zee, de cultuurhuizen en exposities in Oostende is te vinden op: visitoostende.be
Met zijn roman ‘De Mensengenezer’ won Koen Peeters in 2017 de ECI-Literatuurprijs. ‘Kamer in Oostende’, geïllustreerd met werken van Koen Broucke, is een waardig opvolger. Uitgeverij De Bezige Bij, € 23,99.

Voor ‘Het mooiste Nederland’ probeert de redactie van Trouw de mooiste fiets- en wandelroutes door Nederland uit. Lees meer in ons dossier.

Lees ook:

Oostende door de blik van schrijvers en kunstenaars

Koen Peeters schreef een een impressionistische roman over Oostende, stad aan de zee. De recensie.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden