Column

Bij een roman gaat het er om treffende beelden op te roepen

Beeld Olivia Ettema

Een van de redenen om romans te lezen is om iets over jezelf te leren. Als je jezelf herkent in het werk van een ander, voel je je minder alleen. Zoiets schreef ik een maand geleden. Andere redenen zijn bijvoorbeeld: je eigen leven ontvluchten, en de wereld eens bezien met de ogen van een ander.

Zelf heb ik van moderne literatuur geleerd hoe niet-refo’s het leven leven. Via niet-westerse romans kun je ervaren hoe men elders naar de wereld kijkt. Mannen kunnen veel over vrouwen opsteken door hun boeken te lezen. Ze schijnen dat amper te doen. Vrouwen lezen wel verhalen van mannen. Overigens las en lees ik niet per se om er iets van te leren, dat gebeurt en passant.

Maar terug naar die herkenning. Er zijn literatoren, Frans Kellendonk was er een, die vinden dat romankunst onecht moet zijn, dat de werkelijkheid er niets mee te maken mag hebben, dat de roman autonoom is. Die mensen kijken neer op lezers die verwachten dat ze hun werkelijkheid en hun dromen in fictie voorgeschoteld krijgen.

Mijn eigen werk wordt vaak heel realistisch (en op herkenning) gelezen en men meent vaak zeker te weten dat ik gewoon opschrijf hoe mijn leven was. Dat is niet zo. Ik gebruik zeker ook mijn biografische materiaal, maar ik maak er een nieuw verhaal mee. Dat het echt aanvoelt is niet omdat er een ‘echt leven’ achter het boek zou zitten, maar omdat de woorden beelden oproepen die lezers voor zich gaan zien. Die beelden zijn gebaseerd op hun eigen ervaringen, en daarom ervaren lezers een boek als ‘echt’ en herkennen ze zichzelf in andermans verhalen.

Het gaat er dus om treffende beelden op te roepen. Als ik ingedutte oude mensen neerzet, dan beschrijf ik de stilte rond het leeggelepelde advocaatglaasje. Niet ‘drankglazen’ (dan kunnen het ook jongeren zijn), niet ‘Zwarte Kip’ (wie dat merk niet kent, ziet het dan niet voor zich).

De wereld die je schept, bestaat dus niet uit scènes die eerst hebben plaatsgevonden en daarna beschreven worden. In die zin is het verhaal autonoom, opgetrokken uit louter woorden die samen beelden oproepen. Is daarmee het verhaal onecht? Die beelden refereren toch zeker wel aan de werkelijkheid, zelfs als het om sciencefiction gaat.

Er wordt wel gezegd dat als iets echt is gebeurd, dat het dan één keer waar is - die keer dat het gebeurde. Terwijl fictie de toestand van de mens zou beschrijven, die altijd waar is. Een interessant onderscheid waar ik nog eens wat langer over moet nadenken.

Ik lees op het moment het onlangs uitgegeven dagboek van A.H.J. Dautzenberg. Hij schrijft over een waargebeurde huilbui na het overlijden van zijn oma. Hij reed niet met zijn moeder mee naar huis maar ging te voet. Hij schrijft: “Een gewond dier zoekt de eenzaamheid op, want anders kunnen de andere dieren gebruikmaken van zijn zwakte.”

Een prachtige zin, en volgens mij in het algemeen waar. Maar toch niet meer waar omdat die huilbui echt heeft plaatsgevonden.

Franca Treur schrijft met Gerbrand Bakker om beurten een wisselcolumn over lezen, schrijven en het literaire leven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden