Buitenkunst

Bij dit buitenkunstwerk is het heerlijk rustig, echt waar

Blauwe golven, een buitenkunstwerk van Peter Struycken bij het Roermondsplein in ArnhemBeeld Koen Verheijden

Nu de musea dicht zijn, is het hoogste tijd voor buitenkunst. Liefst wel een werk waarbij je afstand kunt houden. Dat lukt wel bij de Blauwe Golven in Arnhem, ontdekte Joke de Wolf.

Alles beweegt rond en op het Roermondsplein in Arnhem, zelfs nu. Het hoge water in de Rijn stroomt driftig voorbij, trolleybussen, fietsers en voetgangers gaan, elk in hun eigen tempo en met gepaste afstand, van de ene naar de andere oever. Een enkele auto of vrachtwagen neemt de oprit in een ruime lus naar diezelfde Rijnbrug. En daartussen golft sinds 1977 een van de grootste buitenkunstwerken van Nederland: ‘Blauwe Golven’ van Peter Struycken (1939).

Nu we populaire parken, natuurgebieden en stranden moeten mijden, is dit verkeersplein een ideale kunstkijk-locatie. Het kunstwerk is het plein, en je mag, moet erover lopen om het te kunnen zien. Zelfs op deze zonnige middag is er niemand anders die dat doet. Het bestaat uit een regelmatig golvende, driehoekige deken van betonstenen, honderdvijftig bij driehonderd bij vijfhonderd meter, met de langste zijde langs de Rijnkade. Daarboven gerommel: een brug, betonnen pijlers, asfalt, wegen, muurtjes, verkeersborden. Als een weg het golvenpatroon kruist, houdt het even in, en golft aan de andere kant rustig verder. Dwars op de golven wisselen kleurenbanen, van ooit witte en helder blauwe stenen, elkaar af. Langs de randen parkeerplaatsen, dwars op de golven.

Verbinding met de omgeving

Het kunstwerk dankt zijn bestaan aan de auto. Die eiste ruimte op, eind jaren zestig. Zo ontstond deze plek met grootstedelijke allure: een brede oprit naar de nieuwe, tweede brug over de Rijn. Voor Struycken, lange tijd docent Monumentale Vormgeving aan de Arnhemse kunstacademie, een uitgelezen kans zijn ideeën over omgevingsvormgeving in de praktijk te brengen. Een kunstwerk in de openbare ruimte was niet alleen losse decoratie, vond hij, het moest een verbinding maken tussen de losse onderdelen uit de omgeving.

Struycken, vooral bekend van de stippeltjespostzegel van koningin Beatrix, laat kleuren de vorm bepalen. In Arnhem richtte hij zich op een breed publiek, een golf herkent iedereen. Langs de randen kwamen struiken en plantsoenen, omdat de Welstandscommissie in 1975 bang was dat het anders te kaal zou worden. Inmiddels staat de fontein droog, zijn de blauwe en witte stenen beschadigd en smerig, en ook het plantsoen kan aandacht gebruiken.

De sloop werd afgewend

Het kunstwerk ging door zwaar weer: in 2017 overwoog de gemeente Arnhem het kunstwerk te slopen en er een park in de plaats te zetten. Erfgoedvereniging Heemschut en een brede schare monumentenzorgers en kunsthistorici kwamen in actie. Zij lieten zien dat het werk uniek was, historisch relevant, en met enige moeite prima te restaureren. Met grote meerderheid koos de gemeenteraad voor behoud.

De wethouder werkt nu de aangenomen renovatieplannen uit, eind dit jaar zou er een begin gemaakt moeten worden. Toch heeft deze deels door mos en smerigheid aangetaste, verwaarloosde vlakte ook z’n charme. Als eenzame voetganger betreed je een stuk niemandsland. Je dobbert ongemerkt terug in de tijd. De ANWB-borden wijzen de auto’s de weg naar elders, naar inmiddels onbereikbare oorden: naast Westervoort en Nijmegen staat ook Oberhausen aangegeven. Een veel te klein bordje met ‘Nelson Mandelabrug’ – zo heet de brug sinds 1987 – en een tekening van de hier terloops vereerde man. Grijs haar, geheven vuist.

Eerste auto in Nederland

Onder de brug, aan de Rijnoever, staat een onopvallend monument. In 1896 werd de eerste auto van ons land voor de Haagse hoffotograaf Adolphe Zimmermans op deze kade aan wal gezet. Het was een Duitse auto, natuurlijk, een Benz. De man zou er meteen mee naar Utrecht rijden; de eerste meters Nederlandse autorit waren dus op deze plek. De riante lus is hiermee gerechtvaardigd. Ook aan de brug hangt nog een kunstwerk: in 1993 liet de Zwitserse kunstenaar Rémy Zaugg een aantal woorden in neonletters onder de rand van de brug hangen, over de hele lengte. Woorden die te maken hebben met de geschiedenis van Arnhem. ‘De boten – de zee – de blauwe lucht’ zijn de laatste drie. Volledig in cadans met de Blauwe Golven.

Drie tips voor rustige buitenkunstwerken

- Deltawerk // van Studio RAAAF en Atelier de Lyon uit 2018. Het functioneert als entree voor het Waterloopbos bij Marknesse, een bos onder toezicht van Natuurmonumenten, waarin waterbouwkundige ingenieurs jarenlang onderzoek deden naar het gedrag van water voor onder andere de constructie van de Deltawerken. Voor Deltawerk // is een deel van die betonnen ‘oefendijken’ in een nieuwe opstelling gezet.

- Het Hemels gewelf van James Turrell, in Den Haag, uit 1996. Een ellipsvormige kunstmatige krater in de Haagse duinen, vanwaar je op je rug de hemel kunt bekijken.

- Het Torentje van Drienerlo van Wim T. Schippers in Enschede. Schippers zette in 1979 een torenspits in een vijver bij de Universiteit Twente als inspiratiebron voor ‘onware verhalen, anekdotes en ansichtkaarten’, sindsdien hebben de studenten het torentje als mascotte omarmd.

Kijk voor meer inspiratie op de nieuwe website sleutelwerken.nl. Daar staan de honderd belangrijkste kunstwerken in openbare ruimte van Nederland verzameld.

Lees ook:

De Nederlandse buitenkunst is nogal braaf – maar is dat erg?

Joke de Wolf bekijkt deze zomer beelden langs de snelweg, op de rotonde, het plein en in de vinexwijk. Voorafgaand aan een serie ‘Buitenkunst’ maakt ze de balans op. Kunstwerken in de openbare ruimte zijn braver dan ooit. Hoe komt dat? En is dat erg?

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden