null Beeld

RecensieDe onderspitdelver

Bernhard schreef ‘De Onderspitdelver’ in zijn unieke muzikale schrijfstijl. Lees het! Herlees het!

Anna Enquist, schrijver én pianist, bespreekt het eindelijk vertaalde De onderspitdelver van Thomas Bernhard (1931-1989). Ze legt uit waarom we deze ‘roman als een muziekstuk’ móeten lezen.

Eerst het verhaal. Twee pianisten, de schrijver van dit verhaal en zijn vriend Wertheimer, hebben zich ingeschreven voor een cursus bij Horowitz aan het Mozarteum in Salzburg, Daar treffen ze als medecursist Glenn Gould, die zich bij hen aansluit. Ze huren met zijn drieën een huis buiten de stad voor de duur van de cursus. Er ontstaat een driemanschap met fatale gevolgen.

Als Wertheimer Gould de Goldbergvariaties hoort spelen is het hem meteen duidelijk dat hij zijn eigen pianokunst moet opgeven. De schrijver vergaat het evenzo en na afloop van de cursus doneert hij zijn Steinway-vleugel aan de dochter van de dorpsonderwijzer, ‘die het instrument binnen de kortste keren te gronde zal richten’. Wat later laat Wertheimer zijn Bösendorfer veilen om zich in de geesteswetenschappen te verdiepen. De schrijver legt zich toe op filosofische essays die hij niet publiceert, maar vernietigt zodra ze af zijn.

Afgunst en rivaliteit spelen in de vriendschap een grote rol; het is kennelijk van belang om te bepalen wie de beste is en door de constatering dat die rol Glenn Gould toevalt gaan de toekomstplannen van de andere twee in rook op. Het idee ‘vriendschap’ is uitermate ambivalent; het beeld van kunstenaarschap ronduit merkwaardig, alsof het om een wedstrijd gaat waar er maar één kan winnen. Variëteit in individuele interpretaties is niet iets om te waarderen – terwijl toch de latere vertolkingen van Ivo Janssen en Murray Perahia niet minder interessant zijn dan die van Glenn Gould.

Wertheimer is zo aangedaan, dat hij zich verhangt

Gould sterft zo’n dertig jaar na de cursus, plotseling, terwijl hij de Goldbergvariaties speelt. Wertheimer is hier zodanig door aangedaan dat hij zich verhangt, tegenover het huis van zijn zuster met wie hij altijd samenwoonde, maar die hem verliet om met een Zwitser te trouwen. De twee verlatingen na elkaar zijn te veel, Wertheimer delft het onderspit.

Glenn Gould in de jaren zestig. Beeld Hollandse Hoogte / AFP
Glenn Gould in de jaren zestig.Beeld Hollandse Hoogte / AFP

De schrijver gaat naar de begrafenis en stapt op de terugreis van Zwitserland naar Wenen uit de trein in de buurt van Salzburg om het huis waar Wertheimer zijn laatste dagen heeft doorgebracht nog een keer te bezoeken. Hij treft een open grammofoon aan met daarop Goulds Goldbergvariaties. Vriendschap en kunstenaarschap zijn de twee leidende onderwerpen van de roman, maar het grote onderliggende thema lijkt mij eenzaamheid.

Oostenrijk krijgt ervan langs in geweldige scheldkanonnades

Het boek is gecomponeerd als een muziekstuk, en is als zodanig te ondergaan en te genieten. De eigenlijke romantijd beslaat slechts een middag, vanaf het betreden van het dorpslogement waar de schrijver zal logeren tot het bezoek aan Wertheimers huis. In enorme lussen daartussendoor geeft Bernhard de gedachtegang van de schrijver weer, in een lange stroom zonder hoofdstukindeling, witregels of alinea’s. Naast de herinneringen aan de Horowitz-cursus, bespiegelingen over de vriendschap en het pianospel krijgt Oostenrijk met zijn bigotte machthebbers en stompzinnige bevolking ervan langs, in geweldige scheldkanonnades.

Omdat Bernhard in de beschrijving van dit denkproces steeds even refereert aan wat er in de romantijd gebeurt (‘dacht hij, terwijl hij het logement betrad’) is de tweehonderd pagina’s lange tekst heel goed te lezen. De korte interrupties fungeren als pizzicati van de contrabassen onder de melodie van de gedachtestroom.

De vertaler heeft deze muziek goed begrepen en doet de dwingende ritmiek van de lange zinnen eer aan. Kleine ergernissen voor de oudere lezer (‘plotsklaps’ in plaats van plotseling, ‘gelijk’ in plaats van meteen) worden ruimschoots gecompenseerd door prachtige vondsten waar de titel er een van is. Dankzij die erg bevredigende vertaling krijgt de Nederlandse lezer ruimere toegang tot het vernieuwende werk van deze belangrijke auteur. (Ik hoop dat uitgeverij IJzer het aan zal durven om bijvoorbeeld het intrigerende autobiografische werk ook uit te brengen, liefst door Bakker vertaald natuurlijk.)

Gould speelt. Beeld Hollandse Hoogte / AFP
Gould speelt.Beeld Hollandse Hoogte / AFP

Bernhard voert Glenn Gould op als romanpersonage, maar we lezen hier over een extreem geïdealiseerde, haast vergoddelijkte Gould. Hij is overal tegen opgewassen, is gezond en sterk als een beer en stelt nooit een vraag omdat hij alles al weet. In de realiteit was Gould een kwetsbare, hypochondere man die altijd een tas vol medicijnen bij zich had en zeker nooit moeiteloos een boom zou vellen, stukzagen en de zware houtblokken zou opstapelen in de kou. Bernhard lijkt zich met Gould te identificeren (in de werkelijkheid): beide mannen hebben zich teruggetrokken op het platteland en in het bos om zich aan hun kunst te wijden. Ze verdragen geen intimiteit en reduceren hun sociale omgang.

De ene wanhopige brief na de andere

Bachs Goldbergvariaties, waar Gould door zijn twee opnames wereldberoemd mee werd, presenteert Bernhard op idealiserende wijze als een extreem moeilijk stuk. Er zijn zeker wel problemen, al was het maar vanwege de lastige omzetting van het ­tweemanualig klavecimbel waarvoor het is gecomponeerd naar de vleugel met zijn ene klavier. Ook muzikaal is het een uitdaging om de tweeëndertig onderdelen van het werk door juiste tempokeuze op elkaar aan te laten sluiten en de spanning langs alle kralen van deze muzikale ketting vast te houden, maar technisch gezien zijn deze variaties niet echt veel moeilijker dan de partita’s of de Engelse suites.

Het personage Wertheimer, de vriend die te gronde gaat, heeft misschien zijn wortels in Bernhards vriend Paul Wittgenstein over wie hij, vlak voor De Onderspitdelver verscheen, het aangrijpende autobiografische boek Wittgensteins Neffe publiceerde. Net als Wertheimer is deze Paul het zwarte schaap van een zeer rijke familie en raakt hij allengs in de verloedering. Tussen de frequente opnames in een krankzinnigengesticht door scharrelt hij in verwaarloosde toestand door Wenen. Bernhard kan dat niet verdragen en laat zijn vriend in diens laatste jaren in de steek.

In de roman doet Wertheimer een klemmend beroep op de schrijver en stuurt hem de ene wanhopige brief na de andere. De schrijver reageert niet, tot hij uiteindelijk vanuit Madrid, waar hij zich heeft teruggetrokken, schrijft dat hij onmogelijk te hulp kan komen omdat hij bezig is met het definitieve essay over nota bene Glenn Gould. Na de zelfmoord van Wertheimer voelt de schrijver zich schuldig en weet hij met zijn lafheid geen raad.

Het opgeven van de muziek heeft zeker een parallel in het leven van Thomas Bernhard. Hij wilde zanger worden maar werd voor het hoofdvak zang op het Mozarteum niet aangenomen. Hij deed daar wel een opleiding theater en regie en is vervolgens gaan schrijven. In de roman zegt hij: ‘zonder de muziek, de praktische muziek, verkommeren wij’, en zo vergaat het de romanpersonages Wertheimer en de schrijver.

In het echte leven is Bernhard net als Glenn Gould ‘de beste’ geworden op het terrein van zijn tweede keuze. Hij is niet zoals de schrijver in het boek ten onder gegaan aan het opgeven van zijn muzikale ambities, maar heeft die in zijn schrijverschap geïntegreerd door zijn unieke muzikale schrijfstijl. Net als Gould heeft hij daarmee wereldroem bereikt. Bernhard is Gould geworden.

Lezer, koop dit boek. Lees het. Herlees het.

null Beeld

Thomas Bernhard
De onderspitdelver
Vert. Chris Bakker. IJzer; 207 blz. € 22,50

Lees ook:

Dichter Anna Enquist maakt gemis en rouw voelbaar

Anna Enquist, zo zegt ze zelf, tot ‘de vereniging rouwende schrijvers’. Alle leden van deze ver­eni­ging verloren een kind. ‘Wij kneden het gemis totdat het op de bladzij past.’

Weer in de ban van Bach door het rouwen

Muziekjournalist Philip Kennicott raakte door de dood van zijn moeder weer in de ban van Johann Sebastian Bach.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden