Review

BEHALVE VERLIEFD IS ORLANDO OOK BEZETENIke Cialona maakt poëzie van Ariosto's 'Orlando Furioso'

Tot vandaag had niemand zich gewaagd aan een volledige vertaling op rijm van de 'Orlando Furioso' van Ludevico Ariosto. De 'Orlando Furioso', in 1532 voltooid, is één keer eerder in zijn geheel in Nederlands proza vertaald, in 1649, door Jan Jacobszoon Schippers, die hem de naam 'Razende Roeland' heeft gegeven. In 1882 heeft Beets er stukken van vertaald en recenter Frans van Dooren. Omdat de Orlando zo weinig vertaald is, bleef hij in Nederland onbekend, maar in Frankrijk en Engeland is hij heel populair geweest. 'Much Ado About Nothing' van Shakespeare is erop gebaseerd, en een aantal opera's van Hündel (zoals de 'Ariodante').

In Italië was 'Orlando Furioso' vanaf het begin een groot succes, mede dankzij het feit dat de net uitgevonden boekdrukkunst een grotere verspreiding mogelijk maakte. Hij hoort daar tot de echte klassiekers. Op Sicilië zijn de verhalen uit 'Orlando Furioso' nog steeds heel populair omdat ze worden opgevoerd in de beroemde marionettentheaters. Die marionetten zijn bijna een meter groot en verbeelden, met veel wapengekletter en namaakbloed, uiterst krijgshaftige gevechten tussen christenen en Moren.

Het was via die marionettentheaters op Sicilië dat de vertaalster, Ike Cialona, voor het eerst in contact kwam met deze romantische ridderverhalen. Ze heeft een tijd op Sicilië gewoond en studeerde Italiaans in Amsterdam. In 1992 vertaalde ze canto 28, een afgerond verhaal, samen met Wiebe Hogendoorn. Er bleek een uitgever geïnteresseerd en toen is ze verdergegaan met de andere 45 canto's, ditmaal in haar eentje. Zes jaar lang heeft ze aan de vertaling gewerkt. Aan haar is vanmiddag feestelijk het eerste exemplaar uitgereikt.

Op de uitgeverij is nog geaarzeld of gekozen moest worden voor de oorspronkelijke Italiaanse illustraties of voor de prenten van Gustave Doré. Omdat Doré hier bekender is (hij illustreerde onder andere ook de 'Don Quichotte' van Cervantes en de 'Divina Commedia' van Dante) is voor Doré gekozen. En ik moet zeggen, zijn romantische prenten met diepe wouden waarin de personages bijna lijken te verdrinken, de vreemde gedrochten, de dwarrelende engeltjes en de fiere ridders, ze passen wonderwel bij het verhaal.

Wie is Orlando Furioso?

In 778 trok Karel de Grote de Pyreneeën over om Saragossa te veroveren. De aanval werd afgeslagen en tijdens de terugtocht werd het Frankische leger bij Roncevalles aangevallen en uitgemoord door Baskische bergbewoners. Onder de gesneuvelde Franken was ene Hruodlandus.

Deze povere historische feiten hebben geleid tot een hele serie heldendichten. Rond 1100, ten tijde van de eerste kruistochten, werd 'La Chanson de Roland' geschreven. Het 'Chanson de Roland' hoort tot de chansons de geste, epische gedichten die werden gezongen door minstrelen, begeleid op de 'veille', een soort viool. Ze werden voorgedragen in de kastelen van de edelen en in de bedevaartsoorden en bezongen de 'gesta' (heldendaden) van nationale helden.

Het 'Chanson de Roland' werd enorm populair en verspreidde zich langs de pelgrimswegen verder naar het zuiden. In Spanje werd Roland Don Roldàn, in Italië Orlando.

Uit de Franse overlevering kennen we alleen de laatste veldslag bij Roncevalles en de dood van Roland. In Italië kreeg Orlando een stamboom, een jeugd en een leven vóór de slag bij Roncevalles. Hij bleef net als zijn Franse voorganger de voorbeeldige, kuise ridder die nog nooit een vrouw heeft bekend. Ter compensatie van zoveel deugdzaamheid kreeg zijn neef Rinaldo van Chiaramonte, een veel rebelser figuur, steeds meer aandacht.

Naast de gedichten over Karel de Grote werden in de Middeleeuwen op een gegeven moment de zogenaamde Bretonse romans heel populair. Deze verhalen in proza, over koning Arthur en de tafelronde, de queeste naar de Graal, Guinevere, Isolde en de tovenaar Merlijn, waren Keltisch van oorsprong en drongen via Bretagne Frankrijk en de rest van Europa binnen. Ze bevatten veel meer magische en romantische elementen dan de oude chansons de geste.

Tijdens de Renaissance werden in Ferrara, aan het hof van de hertog d'Este, thema's uit beide genres samengevoegd in de 'Orlando innamorato' ('Orlando verliefd') van Matteo Maria Boiardo (1441-1494). Hier is niet langer sprake van een volmaakte, onaantastbare oorlogsheld. De held is verliefd. Hij gedraagt zich nog steeds als een ridder zonder vrees, en vooral zonder blaam, maar laat zich leiden door een hopeloze passie voor een heidense prinses, de schone Angelica. Hopeloos, want alle ridders zijn verliefd op Angelica, die hen voortdurend tegen elkaar uitspeelt. De 'Orlando innamorato' is onvoltooid gebleven en Ariosto is verdergegaan op het punt waar Boiardo was gebleven.

Ludovico Ariosto werd in 1474 geboren in Reggio Emilia, in Piemonte, maar het gezin verhuisde tien jaar later naar Ferrara en daar studeerde hij rechten, Latijn en filosofie. In 1503 kwam hij als gezant in dienst van kardinaal Ippolito d'Este en hetzelfde jaar begon hij te schrijven aan de 'Orlando Furioso'. Hij heeft tot 1517 voor de kardinaal gewerkt, en daarna aan het hof van Ferrara, voor graaf Alfonso d'Este.

In 1516 verschenen de eerste 40 canto's in druk. Ariosto is voortdurend aan de Orlando Furioso blijven werken, dertig jaar in totaal, en in 1532, een jaar voor zijn dood, verscheen de definitieve versie van 46 canto's. Naast de 'Orlando Furioso' heeft Ariosto nog gedichten en toneelstukken voor het hof geschreven. Deze stukken worden gezien als de eerste zuiver Italiaanse komedies.

Hoewel Ariosto voor het hof van Ferrara werkte, was hij geen echte hoveling. In Ferrara staat nog het huisje waar hij de laatste jaren van zijn leven heeft gewoond en dat hij zelf 'parva, sed apta mihi' (klein, doch geschikt voor mij) noemde. Daar woonde hij alleen met Virginio, een zoon van zijn maîtresse Orsolina Sassomarina. Vanaf 1513 had hij een verhouding met Allessandra Benucci, van wie hij twee kinderen kreeg. Hij trouwde in 1527 in het geheim met haar, maar heeft nooit samengewoond.

Het verhaal van de 'Orlando Furioso' is veel te gecompliceerd om na te vertellen. Er worden voortdurend zijlijnen uitgezet en de intriges ontwikkelen zich via een reeks kortere en langere scènes. Elke nieuwe wending van het verhaal wordt ingeleid door toevallige ontmoetingen, vreemde verschijnselen, toverkunsten, vergissingen en misverstanden. Maar elke zijlijn blijkt toch weer vast te zitten aan de hoofddraad. De Orlando van Ariosto is niet alleen maar verliefd, hij is bezeten en rukt van razernij hele eiken uit de grond. Hij zal zijn aanbeden prinses Angelica niet voor zich winnen. Zij wordt uiteindelijk verliefd op een gewone Moorse soldaat en op die manier gestraft voor haar hoogmoed.

Een tweede verhaallijn is de liefde tussen de Moorse prins Ruggiero en de christelijke Bradamante, een zuster van Rinaldo, die elkaar na talloze verwikkelingen wel krijgen. Dan is Ruggiero inmiddels tot christen gedoopt. De tegenstelling tussen Moren en christenen is overigens niet meer zo scherp als in de Middeleeuwen. De Moorse helden zijn vaak even dapper en edel als de christelijke. In de tijd van Ariosto waren de kruistochten verleden tijd en wordt de tegenstelling christenen - Moren voornamelijk gebruikt om twee kampen te kunnen creëren.

De toon is licht, vaak ironisch met geestige terzijdes en vermanende opmerkingen, maar de helden worden serieus genomen. Echte karakters, in de moderne zin van het woord, zijn de personages van Ariosto niet. Geen enkel personage belichaamt de geest van het werk volledig. Elke figuur vertegenwoordigt een aspect van de menselijke natuur en daarnaast worden verschillende waarden uitgewerkt, zoals liefde in al haar vormen, vriendschap, moed, eer en trouw, of tegengestelde thema's als verraad, lafheid, trots, wreedheid en geweld. Maar uitingen van verheven gevoelens en beschrijvingen van grootse of infame daden worden soms plotseling onderbroken door komische zijsprongen, waardoor Ariosto's helden weer enigszins worden gerelativeerd.

Net zoals het boek geen begin heeft, Ariosto noemt het zelf een voortzetting van de 'Orlando Innamorato', heeft het geen eind. We reizen 1600 pagina's mee met verschillende figuren, door bossen en steden, naar Frankrijk en het verre oosten en zelfs naar de maan, en hebben na het lezen van de laatste strofe het gevoel dat het verhaal nog eindeloos door kan gaan. Zelfs het huwelijk van Bradamante en Ruggiero, dat een afsluiting van een lange reeks gebeurtenissen zou kunnen zijn, is een episode die weer onderbroken wordt door andere avonturen.

Ariosto verweeft moeiteloos realisme met fantasie, knoopt de meest uiteenlopende gebeurtenissen soepel aan elkaar, zodat we mee worden gevoerd op een vloed van avonturen die dan weer kalm en bezadigd, dan weer woest en hartstochtelijk door wisselende landschappen stroomt.

De hele Orlando bestaat uit 46 canto's, zeg maar hoofdstukken, die weer bestaan uit een wisselend aantal stanza's (strofen) met een ababacc-rijmschema. Het langste canto heeft 199 stanza's, het kortste 72. Ariosto heeft zich niet, zoals Dante, laten beperken door een symmetrisch schema.

Het heeft ook geen zin die twee met elkaar te vergelijken. Er zitten om te beginnen twee eeuwen tussen de 'Divina Commedia' en de 'Orlando Furioso'. De 'Divina Commedia' wortelt nog in de Middeleeuwen, bezingt het christelijk geloof en is bovendien veel gelaagder dan de 'Orlando Furioso'. En hoewel het materiaal van de Orlando is ontleend aan de Middeleeuwen, wordt het wereldbeeld van Ariosto bepaald door het gedachtegoed van de Renaissance. Het dogmatische geloof speelt in zijn werk geen rol, het zijn vooral de liefde en de schoonheid die worden bezongen.

Overigens is de vertaalster van plan om nu ook de 'Divina Commedia' te gaan vertalen. Het vertalen van poëzie is haar blijkbaar in het bloed gaan zitten.

Deze uitgave wordt ingeleid door een zeer verhelderend voorwoord van Italo Calvino. Hij waarschuwt de lezer zich niet te laten afschrikken door de misvatting dat er enorm veel voorkennis nodig is om het boek te begrijpen. “Het boek is een universum op zichzelf dat men kan betreden en verlaten, waarin men kan zwerven en verdwalen.” Er is wel een uitgebreid notenapparaat, waarin verwijzingen en citaten, onbekende woorden en personages worden verklaard. Zonder cijfertjes of sterretjes in de tekst, gelukkig, zodat het lezen niet voortdurend onderbroken hoeft te worden. Maar wie het idee heeft dat hem iets is ontgaan, zal in de meeste gevallen het antwoord in de noten kunnen vinden.

De stijl van de vertaling wordt natuurlijk bepaald door het rijm en het metrum. 'Busken Huet' riep iemand aan wie ik een stuk voorlas spontaan. Maar daarvoor heeft de vertaalster weer een te modern woordgebruik, dat wordt gelardeerd met oude en soms erg exotische woorden. Er zijn vaak sprongen in het register, van vrij populair naar zeer gedragen. Dat doet Ariosto overigens zelf ook. Hij gebruikte zowel zeer verheven Italiaans als volkstaal. Maar over het algemeen vond ik de vertaling heel melodieus en vloeiend. Een plezier om te lezen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden