BoekrecensieOorlogsmemoir

Begeesterd door herinneringen

Jonathan Safran Foers debuut ‘Alles is verlicht’ is door het memoir van moeder Esther bijna een sleutelroman geworden.

Er is moed voor nodig om als moeder in de voetsporen van je eigen wonderkind te treden. Als een schrijver als Jonathan Safran Foer je zoon is, durf je dan zelf ook een boek te schrijven?

Esther Safran Foer wel. Haar pas verschenen memoir ‘Ik wil je laten weten dat we er nog zijn’ is de parallelle geschiedenis van dat sprankelende debuut dat Jonathan in 2002 zijn internationale roem bracht, ‘Alles is verlicht’. Dat boek was er nooit geweest als Esther haar 21-jarige zoon in het jaar voor zijn afstuderen aan Princeton niet met een foto naar Oekraïne gestuurd had, waar vrijwel haar hele Joodse familie werd vermoord. Het idee was dat Jonathan er misschien zijn afstudeerscriptie over kon schrijven. Op die foto die Esther haar hele leven bezig hield, staan vier mensen: haar vader Louis Safran met het echtpaar dat hem liet onderduiken. Maar dan is er nog een tweede, jonge vrouw. Wie was dat? Op de achterkant van de foto lijkt de naam ‘Augustine’ te zijn neergepend… Kon Jonathan niet uitvinden wie dat geweest was?

Esther Safran Foer met de foto die leidde tot zoon Jonathans roman Alles is verlicht’. Beeld Familiearchief

Jonathan studeert op dat moment in Praag, beschrijft Esther. Hij zou uiteindelijk maar drie dagen in Oekraïne doorbrengen en hij vindt Augustine niet. Ook komt hij niets te weten over Trochenbrod, de sjtetl waar zijn vaders familie vandaan zou komen. Maar een mislukte reis was het allerminst. In 2002 publiceert hij ‘Alles is verlicht’, “een duizelingwekkende, speelse Rubiks kubus van een boek dat onze familiegeschiedenis op zijn kop zet en mij zelfs enigszins in verwarring bracht”, schrijft Esther. “Zeker, het is fictie, maar Jonathan had onbedoeld een blootliggende zenuw geraakt.”

Spataderen

Uit dit memoir blijkt wel dat de drie zoons Foer zijn opgegroeid met een moeder die altijd op zoek was naar haar eigen geschiedenis. Over veel werd niet gesproken. Alleen het overlevingsverhaal van haar moeder Ethel, die opgroeide in een Oekraïense sjtetl, kende Esther enigszins. Toen de nazi’s daar in aantocht waren, vluchtte Ethel voor de troepen uit richting de Sovjet-Unie. Ze nam geen afscheid van haar moeder, met wie ze net ruzie had gehad, en haar zusje bracht haar nog schoenen na die ze veel te snel verloor. Ze liep jaren door sovjetstaten en wist uit handen van de nazi’s te blijven. De spataderen op haar benen, waar het personage Jonathan in ‘Alles is verlicht’ als kleine jongen onder oma’s rok gezeten gefascineerd naar kijkt, zijn de tastbare herinnering.

Na de oorlog trouwde Ethel met Louis Safran. Zijn verhaal is in nevelen gehuld. Daar zit ’m dan ook de bron van Esthers grootste pijn. Ethel en Louis vluchtten voor het naoorlogse antisemitisme in Oost-Europa naar Duitsland, en uiteindelijk naar Washington D.C. Enkele jaren na hun aankomst in deze veilige haven sterft Louis. Hij wordt begraven op een uithoek van de Joodse begraafplaats; dat het zelfmoord was, wordt pas langzaam duidelijk aan Esther. Er blijkt ook nog een ander geheim in de familie: Louis had voor de oorlog een andere vrouw en dochter, die tijdens de massamoord in hun sjtetl vermoord zijn. Moeder Ethel wil nergens meer over praten.

Beeld Jeff Mermelstein

De zoektocht naar de naam van deze vermoorde halfzus, en de ‘Augustine’ op de foto, gaat Esthers leven beheersen. Bovendien wordt ze opgejaagd door het idee dat herinneringen niet mogen verdwijnen. Al die verloren en vergeten familieleden dwingen haar tot een eindeloze collectie souvenirs van haar eigen leven: in het huis van de familie Foer staan uitpuilende dozen met foto’s, landkaarten, documenten en potjes zand, brokstukken van de Berlijnse muur of resten van het getto van Warschau. Herinneren is een levensbehoefte geworden. Niet voor niks wint jongste zoon Joshua Safran Foer een Amerikaans geheugenkampioenschap en publiceert een boek: ‘Het geheugenpaleis’.

De ‘held’ uit Amerika

Maar geen indrukwekkender getuigenis van Esthers herinneringsdrift dan ‘Alles is verlicht’. Hoewel ze grotendeels fictief zijn, buitelen de illusies van herinneringen in dit boek over elkaar heen. Jonathan Safran Foer verweeft een lange, zogenaamde geschiedenis van de sjtetl ‘Trachimbrod’ (een verbastering van Trochenbrod) met die van de hedendaagse Oekraïense jongen Alexander. Die werkt voor het wat bizarre reisbureautje van zijn vader dat Joden rondleidt langs dorpen waarvan de inwoners in de oorlog zijn uitgemoord. Zo ontvangt hij op een dag de ‘held’ Jonathan Safran Foer uit Amerika, die op zoek is naar ‘Augustine’ en een stapeltje van de familiefoto bij zich draagt in de hoop dat iemand de vrouw die zijn grootvader redde, herkent. Die zoektocht brengt uiteindelijk niet Jonathan, maar Alexander tot levensbepalende nieuwe inzichten. De constructie van het boek is ingewikkeld: door de uitwisseling van hilarsche brieven van Alexander aan Jonathan, Alexanders verslag van de zoektocht naar Augustine en passages over het ‘historische’ Trachimbrod van Jonathan, schrijven zij als het ware samen een boek. Het wordt een kaleidscopisch verhaal waarin uiteindelijk alles in elkaar past. Op iedere herinnering heeft Foer licht willen laten schijnen.

‘Alles is verlicht’ kun je dankzij Esther Foers memoir ‘Ik wil je laten weten dat we er nog zijn’ gaan lezen als een sleutelroman, met het verhaal van de foto van ‘Augustine’ als rode draad. Bovendien kon Esther met haar memoir de cirkel rond maken, want er is veel gebeurd sinds de publicatie van Jonathans debuut. “Kinderen kunnen voor hun ouders muren afbreken en deuren openen”, schrijft ze. Door het boek meldden zich sinds 2002 allerlei mensen die toch iets wisten van Trochenbrod bij de familie. De zoektocht van Esther kreeg dankzij de roman een grote impuls.

Wat die nieuwe informatie opleverde, beschrijft Esther soms tot in te kleine details in ‘Ik wil je laten weten dat we er nog zijn’ en aan de stilistische krachttoeren van haar zoon waagt zij zich allesbehalve, maar desondanks is het een krachtig en eerlijk memoir.

In combinatie met elkaar bieden ‘Ik wil je laten weten dat we er nog zijn’ en ‘Alles is verlicht’ een ontroerende inkijk in het ontstaansproces en doorwerking van Jonathans fascinerende, oergeestige en tegelijkertijd dieptragische roman. Hoewel je steeds meer geïntrigeerd raakt door de vraag hoe die zoons van Esther alledrie zo talentvol geworden zijn (de oudste Franklin is namelijk ook nog eens een vooraanstaand journalist), klopt zij zich daarover nergens op de borst. De enige indruk waar je niet aan kunt ontkomen is dat al die zakjes, potjes, fotolijstjes en dozen met herinneringen in huize Foer op de jongens een onontkoombaar effect moeten hebben gehad.

Oordeel: krachtig, gedurfd.

Esther Safran Foer
Ik wil je laten weten dat we er nog zijn
Vert. Robert Neugarten 
Spectrum; 272 blz. € 21,99

Oordeel: meesterwerk.

Jonathan Safran Foer
Alles is verlicht
Vert. Peter Abelsen Ambo|Anthos;
304 blz. € 12,50

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden