Essay

Beelden? Daar moeten Woorden tegenaan

De zon van viltkunstenares Claudy Jongstra.Beeld Gerrit Schreurs

In de Trouw-serie 'Door het beeld' vroeg Peter Henk Steenhuis de afgelopen drie jaar 21 beeldend kunstenaars naar de bronnen van hun werk. Tijdens het ontstaan van de reeks mengde Denker des Vaderlands René Gude (op 13 maart overleden) zich in de gesprekken over kunstenaars. Hij associeerde door op de concepten die ze aandroegen, zoals: wat maakt een beeld meditatief, of wat is het verschil tussen het 'Schone' en het 'Lekkere'? Steenhuis en Gude bundelden hun bijdragen in 'Door het beeld, door het woord'. Een voorpublicatie.

Steenhuis kijkt, schrijft hij op 14 september 2013 in Letter & Geest, naar een gele zon die viltkunstenares Claudy Jongstra over een muurtje had gelegd. Steenhuis: "Nu ik langer naar de gele zon zit te kijken, valt me op hoeveel verschillende kleuren er in dit doek zitten. Ook hier glanzende delen, matte delen. Op sommige plaatsen oogt de kleur zelfs poederachtig, als verf die erop ligt."

Jongstra: "Dit is de kleur van Van Goghs zonnebloemen. Zoals hij structuur aanbracht door delen dik te verven, kunnen wij die structuur met de wol nog veel sterker benadrukken. Zo sterk, dat je bij deze doeken ook van een sculptuur kunt spreken."

Is dit geel? Ik zie verschillende gelen.
"Ongelooflijk niet? Dat woord valt hier in de ververij vaak: ongelooflijk. Naar dat gele doek moet je lang kijken om al die kleurschakeringen te zien."

En nog langer om ze te kunnen benoemen.
"Dat kan ik niet. Dit is geel ja, maar dat is het woord niet."

Het spijt me, schrijft Steenhuis dan, "dat ik geen synoniemenboek bij me had. Ook mij raakt Jongstra's onopgesmukte eerlijkheid, maar als kijker wil ik niet alleen onder woorden kunnen brengen wat het werk met mij doet, maar ook wat ik nu precies zie.

Een dag later pak ik er een synoniemenwoordenboek bij. Onder het lemma kleuren staat bij 'geel': bleekgeel, amarillo, zwavelgeel, citroengeel, saffraangeel, botergeel, okergeel, strogeel, izabel, geelpeld, tanig, vlassig - en nog een dozijn andere woorden. Zou ik meer zien, als ik met dit boek in de hand opnieuw naar deze zon zou gaan zitten kijken? Helaas, zelfs dan kom ik letterlijk woorden tekort."

Prinses Margriet (r) overhandigde in 2008 de Prins Berhard Cultuurfonds Prijs voor Toegepaste Kunst en Bouwkunst aan Claudy Jongstra (l).Beeld anp

René Gude is Claudy Jongstra 'erkentelijk' dat ze zoveel energie steekt in het zoeken naar het juiste Woord voor iets wat je ook gewoon kunt aanwijzen. "Niets kan de esthetische ervaring vervangen, maar ik zou me als toeschouwer doodeenzaam voelen als ik mijn indrukken niet tastend naar termen tot uitdrukking zou mogen brengen. Woorden zijn hooguit een toevoeging, geen vervanging. Het zou toch katterig zijn als ik alleen met het glimmen van mijn ogen blijk mocht geven van mijn zieleroerselen? Als ik meteen de oude Goethe even van stal mag halen: 'De kunst is de bemiddelaarster van het onuitsprekelijke; daarom lijkt het onzin om met woorden weer voor de kunst bemiddelend op te treden. Maar als wij toch moeite doen in die richting, dan blijkt dat er op die manier voor het verstand veel profijtelijks te vinden is, dat het vermogen om kunst te beoefenen ook weer ten goede komt.'

Voor mij is het een plezier om die moeite te doen, een feest om in die broze begripssfeer rond te dwalen en er kunstenaars tegen te komen die, hoe trefzeker ze ook zijn in hun kunst, als het op verwoording aankomt in dezelfde verlegenheid zijn als jij. Daardoor kan ik ze ontmoeten. Esthetische indrukken zijn in eerste instantie strikt privé, alleen ons verstand - ons onvolprezen kletsvermogen - is sociaal."

Steenhuis: Zijn er geen dwingender redenen voor de kunstenaar om verwoording van het verbeelde serieus te nemen?
Gude: "Nee. Het mooiste is als er geen noodzaak tot praten is en we het toch doen. Omdat we het willen, niet omdat we het moeten. En het hoeft echt niet. Een kunstenaar die zich onvindbaar maakt in Roemenië en zijn werk direct zelf aan de allesbrander toevertrouwt zonder de bewerkelijke omweg via de Kunsthal, zal geen uitnodigingen tot een gesprek ontvangen en hoeft nergens Woorden aan vuil te maken.

Maar ook voor beeldende kunstenaars die met hun werk wél het publiek zoeken, zijn er geen dwingende redenen voor verbale toelichtingen. Ze hebben de vrijheid hun werk te tonen, maar er op te staan dat het voor zichzelf spreekt. Ik vind dat volstrekt legitiem. Al was het maar omdat ze beducht zijn voor de twijfel die filosofen terecht aan hun eigen woordpoeperij hebben, zoals filosoof Peter Sloterdijk verzuchtte: Ist Philosophie vielleicht doch die Übertragung des Unsagbaren ins Unverständliche?

Als je niet met je eigen medium werkt is het vaak beter niet vertrokken te zijn dan heel lang de verkeerde kant op te lopen. Of denk - dit is een voorbeeldje uit de performing arts - aan de Russische primaballerina die niet wilde uitleggen wat ze bedoelde met haar vertolking van de stervende zwaan: Als ik dat kon uitleggen, dacht je dat ik dan al die dansmoeite zou doen?

Bovendien staat niets mij in de weg om van het werk van kunstenaars die niet willen praten te genieten en het wèl te bespreken. Ik kan mijn eigen maatstaven voor prudentie aanleggen en er is absoluut mooie filosofie over kunst. Kunstenaars die niet mee willen praten over hun eigen kunst hebben trouwens vaak ook weer hun eigen charme, juist omdat ze monomaan communicatief zijn met hun kunst en verder helemaal niet. Zo iemand mept je van je sokken met zijn of haar werk, maar is tegelijk bijvoorbeeld een arrogante, zelfingenomen, over het paard getilde, stronteigenwijze, onsympathieke, eigengereide, misantropische zakkenwasser. De romantiek van de onaangepaste mafkees zou ik niet willen missen, als mij door zo iemand de toegang tot het museum maar niet ontzegd wordt. Dat soort excentriekelingen hebben hun charme en ik praat wel met anderen over hun werk.

Gelukkig zijn de meeste kunstenaars geen eenzelvige types. Ze laten zich graag engageren door de openbaarheid, door het publiek, bereid als ze zijn te mijmeren over de rol van hun kunst.

'Engagement' betekent oorspronkelijk niet 'politieke betrokkenheid', zoals het door Sartre en de Frankfurter Schule werd gebruikt in de jaren zestig en zeventig. 'Engagement' is een term uit de toneelwereld: een gezelschap engageert een acteur, betaalt gage voor het vervullen van een rol. Als die acteur een mannetje is dat de wereld wil veranderen is dat heel mooi, maar hij dient wel z'n Mephisto vorm te geven en niet ook de Faust uit te hangen.

Engagement is een vorm van trotse dienstbaarheid aan wie de gage opbrengt. Het is de fierheid van de civil servant, zoals de rijksambtenaar Arthur Docters van Leeuwen die tegen zijn minister placht te zeggen: 'Excellentie, ik ben uw dienaar, niet uw bediende.' Dat is het type verantwoording waar ik van hou. Je rol opeisen, om in toneeltermen te blijven, en je vervolgens niet weg laten poetsen. Daar is moed voor nodig. Wie dat aandurft, kan erop rekenen dat er naar curricu- lum vitae en intenties geïnformeerd wordt. Als de samenleving vraagt: 'Wat stuur je op ons af? Wat bedoel je eigenlijk?', dan kan de kunstenaar naar Woorden zoeken, zich letterlijk verantwoorden, hoe godvergeten moeilijk dat ook is. Dat gaat niet door nog een schilderij omhoog te houden. Daar moeten Woorden tegenaan."

René Gude in 2014.Beeld Nederlandse Freelancers

Dat zijn veel opdrachten op een rij.
"Ja. Het gesprek over kunst heeft de laatste decennia geleden onder het idee dat kunst zich verre moet houden van de samenleving, omdat iedereen zich in de totale verwarring na de Tweede Wereldoorlog terecht afvroeg hoe het zo verschrikkelijk mis heeft kunnen gaan. Degenen die meenden dat kunst na Auschwitz niet meer mogelijk was, constateerden dat de kunsten de diepe terugval in beschaving niet tegen hadden gehouden.

De burgerlijke cultuur werd verdacht en als je dat doortrekt, dan betekent dat niet minder dan dat we de opdrachtkunstenaar Rembrandt medeverantwoordelijk moeten houden voor de vergassing van het Joodse bruidje. Als in die verdenking ook maar een spoor van waarheid zit, dan zou de kunst zichzelf inderdaad moeten opheffen of tenminste met het verleden moeten breken en volstrekt onmaatschappelijk worden. Geen gesprek met de samenleving over doelen en intenties. Ik noem dat fenomeen 'strategische pretentieloosheid'. Enigszins begrijpelijk, maar ik zie het toch als een posttrau- matische stressstoornis.

Daarnaast heeft de slogan 'waarheid bestaat niet' verschrikkelijk huisgehouden in de postmoderne filosofie. Onder de noemer 'schoonheid bestaat niet' was ze ook de afsluiting van het naoorlogse gesprek over kunst. De vergissing van die beweging is dat je eerst kunst een te zware verantwoordelijkheid voor misstanden in de schoenen schuift om je er daarna in een beweging volledig van af te maken, door met een van tranen verstikte stem van iedere invloed op het wereldgebeuren af te zien. Dat is het perverse van het bescheiden 'geen pretenties hebben'. Iedereen mag afzien van een gesprek over kunst, maar 'geen pretenties hebben' betekent gewoon pretentieloosheid en kan een heel verkeerd idee van vrijheid introduceren. Ik hou er niet van."

Het probleem is misschien opgelost als je dienstbaarheid van meeloperij onderscheidt.
"Precies, dat is 'engagement': dienen zonder bediende te zijn. Dat het publiek behoefte heeft aan kunst, betekent niet dat het de kunst bepaalt. Kunstenaars hebben alle vrijheid om de burger uit zijn baan te tikken en aan het schrikken te maken door vanzelfsprekendheden omver te werpen en kritisch te zijn.

Dan moet de kritische kunstenaar wel deelnemen aan het grote openbare gesprek. Inmiddels gaat het dan toch over de werking van kunst en daar kun je expliciet over zijn. Kritisch zijn over de samenleving is ongetwijfeld ingegeven door goede bedoelingen, maar ik ben ervan overtuigd dat ook het grootste kwaad met de beste bedoelingen wordt aangericht.

Het is toch ongelofelijk dat iemand vrijmoedig de vanzelfsprekendheden van iemand anders gaat doorbreken? Je hoeft mij niet ineens onverwacht te helpen met twijfelen aan mijzelf. Goeie kans dat ik al languit op mijn bourgeoisbekje lig en het artistieke geëpateer als trap na ervaar. Iedere criticus - en ik heb het nou eens niet over de kunstcriticus, die veel beschimpte diersoort, maar over de kunstenaar - dient zich bewust te zijn van het moralisme dat er in alle kritiek schuilt, en zich te verantworden voor de vertrekpunten en intenties van de beste bedoelingen.

In dit mijnenveld kan de filosoof zich door de kunstenaar laten engageren, het zou mij een eer zijn u te dienen. Verantwoording is ons ambacht. En voor zover ik zelf als filosoof ook de goede bedoeling heb de maatschappij te willen verbeteren ben ik even kwetsbaar als de welwillende kunstenaar. Ik heb mijn professionele mantra aan Adriaan Morriën ontleend: Hoor / ik voorspel je de toekomst / een beter gebruik van woorden.

Peter Henk Steenhuis (1969) is neerlandicus, publicist en redacteur Filosofie bij Trouw. Filosoof René Gude (1957) was tot kort voor zijn overlijden op 13 maart van dit jaar Denker des Vaderlands.

Door het beeld / Door het woord. ISVW; 416 blz., €39,95

Expositie 'Door het beeld'

Het werk van de 21 kunstenaars die in de serie 'Door het beeld' een rol speelden, is te zien in Schiedam.
Wat? Opening expositie
Wanneer? 19 april van 15-17u
Waar? De Ketelfactory, Hoofdstraat 44 Schiedam

'Door het beeld' Boek, interviews & filosofisch café
Speciaal voor Trouw-lezers houdt Peter Henk Steenhuis twee dagen met lezingen over Denker des Vaderlands René Gude en over de in 'Door het beeld / Door het woord' besproken kunstwerken. Daarnaast interviewt hij kunstenaars.

Wanneer? 21 mei & 29 mei, 13-17u
Waar? Hoofdstraat 44, Schiedam
Kosten? 25 euro (incl. borrel). Aanmelden verplicht via deketelfactory.nl. Wie het boek koopt, krijgt 10 euro korting.

Tijdens een filosofisch café belicht Steenhuis Gude's denken en spreekt hij kunstenaars Roland Schimmel en Kinke Kooi.
Waar? Internationale School voor Wijsbegeerte, Leusden
Wanneer? 14 juni, 15-17u
Info en reservering? Internationale School voor Wijsbegeerte

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden