null

SchrijversinterviewBas Haan

Bas Haan: Er gaapt een gat tussen beeldvorming en realiteit. Dat is de rode draad in mijn werk

Beeld Jildiz Kaptein

Bas Haan won vele prijzen voor zijn onderzoeksjournalistieke werk. Nu heeft hij een thriller geschreven, waarin hij speelt met het grote verschil tussen beeldvorming en de realiteit. ‘Vaak is het niet de pestkop die een moord pleegt. Het kan je aardig ogende buurman zijn.’

Bas Haan (47), onderzoeksjournalist voor actualiteitenprogramma Nieuwsuur, schreef de afgelopen twaalf jaar twee keer een onthullend boek. Het ene ging over de Deventer moordzaak (2009) en het andere over de zogenoemde Teevendeal (2017). Verschillende bewindslieden moesten opstappen door wat hij als journalist boven tafel kreeg. In 2015 werd hij uitgeroepen tot journalist van het jaar. Deze week verschijnt zijn derde boek, verrassend genoeg geen non-fictie, maar een amusante en spannende detective met een sympathieke cold case-rechercheur in de hoofdrol.

Waar komt die behoefte om op fictie over te gaan vandaan?

“Dat heeft met mijn werk te maken. Mensen die ik als onderzoeksjournalist spreek, hebben altijd een belang om iets te vertellen. Dat fascineert mij. Ik ben continu aan het achterhalen wat dat belang is. Waarom vertelt deze persoon mij dit, of juist: waarom wil deze persoon mij dit niet vertellen? Waarom geeft deze persoon mij deze gegevens? Of waarom niet? Dat kunnen oprechte belangen zijn, of opportunistische.

Bas Haan (1973) studeerde maatschappijgeschiedenis en was journalist bij Netwerk en Nova, later Nieuwsuur. Hij schreef De Deventer moordzaak, het complot ontrafeld (2009), dat onlangs uitkwam in herdruk. In september gaat de verfilming ervan in première. Hij schreef ook De rekening voor Rutte, de Teevendeal, het bonnetje en de politieke prijs voor leugens (2017). Lenoir is zijn eerste fictieboek. Haan won drie keer de journalistieke prijs De Tegel en een keer De Loep, de prijs voor onderzoeksjournalistiek.

“Bij non-fictie moet je je aan de feiten houden, terwijl wat je feitelijk achterhaalt allerlei gedachtes stimuleert over wat er nog meer achter daden van mensen kán zitten. Onbewezen gedachtes die je in non-fictie niet mee kan nemen. Maar in fictie wel. Het leek mij zo leuk om daar helemaal vrij op door te kunnen denken. Al bij het schrijven van dat eerste boek over de Deventer moordzaak, twaalf jaar geleden, ontstond de droom: ik wil een keer een thriller schrijven.

“Het is gelukt, maar ik vond het veel moeilijker dan een non-fictieboek, juist vanwege die vrijheid. Je bent bij fictie helemaal op jezelf teruggeworpen. Erg leuk om te doen, maar niet gemakkelijk.”

Toch staat dit nieuwe boek niet geheel los van uw vorige werk. Vallen uw eerste twee boeken eigenlijk niet onder de noemer true crime, waargebeurde misdaadverhalen?

“Haha, is het handelen van premier Mark Rutte in de Teevendeal true crime? Ik ben het daar helemaal mee eens. En voor de Deventer moordzaak is dat zeker zo.

“Ja, de grens tussen goed en fout vind ik fascinerend. Voor mij als schrijver zit het verschil tussen mijn fictie en non-fictieboeken overigens in iets heel anders: in het gebruik van de dialoog. Bij non-fictie is daarvoor altijd een tekort aan materiaal. Je moet je baseren op mails of gesprekken die je hebt gevoerd; je kunt niets verzinnen. Bij fictie kun je de dialoog naar je hand zetten. Dat vind ik heel fijn.”

U hebt in Lenoir karakters gemaakt die vrij rechtlijnig óf goed óf slecht zijn. Uw hoofdpersoon, cold case-inspecteur Jacob Lenoir, is best een goede held. Is dat een bewuste keuze?

“Nee, dat is al schrijvend zo gebeurd. Ik werd meer gepakt door de plot dan door de ontwikkeling van de personages. Het verhaal was dwingender, het moest goed in elkaar steken, daardoor zijn de personages iets minder uitgewerkt. Maar wie weet komt er een tweede boek, waarin meer ruimte voor de personages komt. Ik heb een wereld gecreëerd waarin nog veel meer kan gebeuren.

Bas Haan: ‘Er vele viezeriken die aan kinderen zitten en ik ben in mijn tijd als rechtbankverslaggever nooit een ouder tegengekomen die wraak nam.’ Beeld Jildiz Kaptein
Bas Haan: ‘Er vele viezeriken die aan kinderen zitten en ik ben in mijn tijd als rechtbankverslaggever nooit een ouder tegengekomen die wraak nam.’Beeld Jildiz Kaptein

“Ik ben het ook niet helemaal met je eens trouwens: in dit boek heb ik wel degelijk geprobeerd steeds te blijven verrassen en de good guy is toch ook iets minder goed dan je direct zou verwachten van een held.”

Bij lezing denk je vaak: oh, zo zit het... en dan is het toch anders. Wilde u aantonen dat je een beeld kunt creëren in het hoofd van de lezer en dan laten zien dat de werkelijkheid toch anders kan zijn?

“Precies, zowel in dit boek als in mijn vorige twee. Er zit een gat tussen beeldvorming en realiteit, dát laten zien is de rode draad in mijn werk. Die behoefte ontstond al veel eerder. In de jaren negentig schreef ik als rechtbankverslaggever in Den Haag voor allerlei regionale bladen. Ik heb honderden kleine zaken gevolgd. Van kindermisbruik onder meer. Heel fascinerend vond ik het, dat heel veel ouders zeggen: wie aan mijn kind zit, die neem ik te grazen. Dat zeg ik ze zelf als ouder graag na. Toch zijn er vele tientallen viezeriken die aan kinderen zitten en ik ben in die tijd nooit een ouder tegengekomen die wraak nam.

“Mijn conclusie is dat de standaardgedachte over wanneer mensen in staat denken te zijn tot een misdrijf niet klopt. En hoeveel mensen realiseren zich dat er minder dan tweehonderd moorden gepleegd worden per jaar in Nederland? Als je ziet hoeveel criminele vetes, hoeveel ruzies, hoeveel agressie in het voetbal of in het uitgaansleven er ieder weekeinde ontstaat, dan is dat best weinig.

“Mensen gaan niet snel over tot het plegen van moord. En vaak is het niet de cliché-pestkop of de drugscrimineel die een moord pleegt. Het kan je aardig ogende buurman zijn. Beeldvorming en realiteit liggen vaak ver uiteen.”

Nu verwijst u naar de Deventer moordzaak, die heropend werd vanwege nieuw bewijs dat de veroordeelde Ernest Louwes de weduwe Jacqueline Wittenberg in september 1999 niet had vermoord. Hij bleek het uiteindelijk tóch gedaan te hebben.

“Ik dacht eerst ook: die Ernest Louwes kán het niet gedaan hebben. Het bewijs waarop hij veroordeeld was, bleek niet te kloppen. Dan denk je direct: hij is het niet. Dat was echt mijn persoonlijke overtuiging. Later bleek uit DNA-onderzoek dat hij het wel degelijk was. Ik heb daar zoveel van geleerd. Het beeld is soms heel anders dan de waarheid. Daarom zoek ik de feiten achter het beeld. De good guy doet soms dingen die je niet verwacht en de slechterik is omgekeerd niet in staat tot dingen die je wel verwacht. Daar speel ik mee in dit nieuwe fictieve verhaal.”

Hoeveel onderzoeksjournalist Bas Haan zit er in de politieman Jacob Lenoir die u heeft gecreëerd?

“In de dialogen met Lenoir vind je veel van mij terug. Ik dacht telkens: hoe zou ík dit gesprek voeren? Ik vind het prettig om me te kunnen verplaatsen in zo’n personage, maar tegelijk heeft hij ook niks met mij te maken. Ik heb geen dramatisch verlopen relatie, ik ben geen politieman. Maar ik put wel uit mijn eigen algemenere ervaring als journalist, zoals de kennis die ik heb opgedaan over DNA-onderzoek bij een misdrijf. En het verhaal speelt in Rotterdam, de stad waar ik al vele jaren woon.”

Hoe komt u aan die naam Jacob Lenoir?

“Jacob is de naam van mijn vader. Hij is in 2018 overleden, maar hij vond het geweldig dat ik een thriller ging schrijven. Lenoir is de achternaam van zijn moeder. Ik vind het een schitterende naam voor een detective.

Mijn vader was ooit priester en is uit de rooms-katholieke kerk getreden. Hij kon met het instituut en de dogma’s niet leven. Hij koos zijn eigen weg. Dat eigenwijze en anti-autoritaire, ook de drang naar waarheidsvinding, zie je terug in dit personage Lenoir. Ik heb dat zelf ook, maar, haha, ik kan me nu lekker verschuilen achter mijn vader.”

‘Ik ben niet anti-Rutte. Hij heeft voorkomen dat er om het jaar nieuwe verkiezingen zijn. Maar de prijs daarvoor is enorm: de waarheid is in het politieke spel irrelevant geworden.  Beeld Jildiz Kaptein
‘Ik ben niet anti-Rutte. Hij heeft voorkomen dat er om het jaar nieuwe verkiezingen zijn. Maar de prijs daarvoor is enorm: de waarheid is in het politieke spel irrelevant geworden.Beeld Jildiz Kaptein

Die drang naar waarheidsvinding was ook de drijfveer voor Bas Haans onderzoek naar de zogenoemde Teevendeal. Daarin beschreef hij in 2015 hoe bewindslieden bewust informatie achterhielden voor de Tweede Kamer over de deal die het Openbaar Ministerie vele jaren eerder sloot met drugsbaas Cees H. Toenmalig staatssecretaris van justitie Fred Teeven had die deal in zijn vorige baan als officier van justitie gesloten. Het kabinet-Rutte II was daar niet open over. Dat verwijt van een gebrek aan openheid van Rutte en zijn ministers speelt ook nu weer.

Kijkt u naar de politieke ontwikkelingen van nu met een gevoel van: zie je nou wel?

“Ja, misschien wel. Maar dat maakt mij niet vrolijk. Ik ben niet anti-Rutte, totaal niet. Hij heeft voorkomen dat er om het jaar nieuwe verkiezingen zijn in Nederland. Dat vind ik heel knap. Maar de prijs daarvoor is enorm, want de waarheid is in het politieke spel irrelevant geworden.

“Dat vind ik heel ernstig. Ik denk dat je de emoties en het populisme alleen buiten de deur kunt houden als je je aan de feiten houdt. Oprechtheid is nodig. De waarheid vertellen lijkt een optie geworden die je inzet als dat uitkomt. De Teeven-affaire draaide niet speciaal om het bonnetje, maar om het feit dat er informatie bewust niet was gedeeld met de Tweede Kamer. Het is net als bij de toeslagenaffaire en bij veel meer zaken. Het achterhouden van informatie en doen alsof dit niet zo is, dát is de politieke ramp in mijn ogen. Daarmee hol je de parlementaire democratie uit.”

U bent nooit parlementair verslaggever geworden, terwijl uw onthullingen vaak over Haagse zaken gingen. Is het niet iets voor u om die overstap te maken en nog meer feiten boven tafel te krijgen over dat gat tussen beeldvorming en realiteit?

“Nee, ik heb plezier in wat ik nu doe en zo’n overstap is helemaal niet nodig. Er wordt vaak beweerd dat de media niet deugen, maar dat klopt niet, weer een voorbeeld van foute beeldvorming. Als je de feiten wilt weten, kun je in Nederland heel goed terecht bij een aantal kwaliteitskranten en nieuwsprogramma’s. Lees er nog een goede buitenlandse krant bij en je krijgt een heel fatsoenlijk wereldbeeld.

“Het probleem is niet dat de media falen, maar dat mensen de keuze maken om naar andere bronnen te grijpen, zoals Facebook of andere internetkanalen, waar dan beweerd wordt dat Bill Gates een chip implanteert via vaccins en andere grote onzin. Mensen geloven dat. De journalistiek in Nederland is van hoog niveau, maar het is steeds moeilijker om er het grote publiek mee te bereiken. Daar ligt het probleem.”

null Beeld

Bas Haan
Lenoir
Ambo Anthos;
328 blz. € 20,99

Lees ook:
Recidivist Rutte knokt tot het uiterste

Een dag lang vecht premier Rutte voor zijn politieke leven. Opnieuw liet zijn geheugen hem in de steek, tot verbijstering van de Kamer.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden